<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>Siagrius, weblog van John Aspeslagh &#187; Activisme</title>
	<atom:link href="http://siagrius.be/siagrius/?feed=rss2&#038;tag=activisme" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>http://siagrius.be/siagrius</link>
	<description>Lokale geschiedenis en erfgoed  ...</description>
	<lastBuildDate>Tue, 03 Feb 2026 10:07:14 +0000</lastBuildDate>
	<language>nl-NL</language>
		<sy:updatePeriod>hourly</sy:updatePeriod>
		<sy:updateFrequency>1</sy:updateFrequency>
	<generator>http://wordpress.org/?v=3.8</generator>
	<item>
		<title>Auguste Quarin, of wat een kleine activist lijden kon</title>
		<link>http://siagrius.be/siagrius/?p=9623</link>
		<comments>http://siagrius.be/siagrius/?p=9623#comments</comments>
		<pubDate>Wed, 02 Apr 2025 15:22:27 +0000</pubDate>
		<dc:creator><![CDATA[Siagrius]]></dc:creator>
				<category><![CDATA[Oostende geschiedenis]]></category>
		<category><![CDATA[Activisme]]></category>
		<category><![CDATA[Auguste Quarin]]></category>
		<category><![CDATA[De Plate]]></category>
		<category><![CDATA[oostende]]></category>
		<category><![CDATA[van oye]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://siagrius.be/siagrius/?p=9623</guid>
		<description><![CDATA[&#160; In De Plate, jg 54 (2025), nr 4, april 2025 Vanaf eind 1914 probeerden flaminganten, ‘activisten’[1] genoemd, de Duitse bezetter te gebruiken voor de realisatie van hun eigen programma: de vernederlandsing van de toen Franstalige Gentse universiteit, gebruik van &#8230; <a href="http://siagrius.be/siagrius/?p=9623">Continue reading <span class="meta-nav">&#8594;</span></a>]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p>&nbsp;</p>
<p style="text-align: center;"><i><span style="color: #ff6600;"><strong>I</strong></span><strong style="color: #ff6600;"><span style="color: #ff6600;">n</span> De Plate</strong></i><span style="color: #ff6600;"><strong>, jg 54 (2025), nr 4, april 2025</strong></span></p>
<p>Vanaf eind 1914 probeerden flaminganten, ‘activisten’<a title="" href="#_ftn1"><i><b>[1]</b></i></a> genoemd, de Duitse bezetter te gebruiken voor de realisatie van hun eigen programma: de vernederlandsing van de toen Franstalige Gentse universiteit, gebruik van het Nederlands in gerecht, bestuur en onderwijs en een vorm van zelfbestuur voor Vlaanderen.</p>
<div id="attachment_9419" style="width: 244px" class="wp-caption alignleft"><a href="http://siagrius.be/siagrius/wp-content/uploads/2019/07/Van-OyeDP.jpg"><img class="size-medium wp-image-9419" alt="Van OyeDP" src="http://siagrius.be/siagrius/wp-content/uploads/2019/07/Van-OyeDP-234x300.jpg" width="234" height="300" /></a><p class="wp-caption-text">Eugeen Van Oye</p></div>
<p>In de hypernationalistische sfeer na de bevrijding in oktober 1918, volgde de afrekening. Dichter-geneesheer Eugeen van Oye was de enige grote garnaal die het Brugs gerecht bij de kraag kon vatten. <i>De</i> <i>Duinengalm<a title="" href="#_ftn2"><b>[2]</b></a> </i>blokletterde: <i>De zaak van Oye en consoorten</i>. De ‘consoorten’ waren de kleinere garnalen, de manusjes-van-alles van het Oostends activisme, nl. Louis Lefèvre en Auguste Quarin. Ze verschenen vóór het Brugs assisenhof (14-17 en 25 juni 1920). Van Oye ontsprong de dans en werd vrijgesproken dankzij zijn vriend priester Hugo Verriest die kwam getuigen als ‘<i>témoin de moralité’</i><a title="" href="#_ftn3">[3]</a>. De twee andere kleine garnalen, Lode Lefèvre en Auguste Quarin,<b> </b>werden veroordeeld tot twee jaar opsluiting en tot het betalen van één vierde van de gerechtskosten<b>.<span id="more-9623"></span></b></p>
<p><a href="http://siagrius.be/siagrius/wp-content/uploads/2025/04/De-Plate0006.jpg"><img class="alignleft size-medium wp-image-9627" alt="De Plate0006" src="http://siagrius.be/siagrius/wp-content/uploads/2025/04/De-Plate0006-211x300.jpg" width="211" height="300" /></a>Nog tijdens de laatste oorlogsweken, meer bepaald op 25 september 1918, werd het huis van Quarin aan de Zwaluwenstraat 5 door de geallieerden gebombardeerd. Twee zoontjes, Auguste en Albert Quarin, een tweeling van 11 jaar, verloren het leven en vader Auguste werd zelf licht gewond<a title="" href="#_ftn4">[4]</a>.  Op zijn proces voor assisen van juni 1920 beschreef de openbare aanklager Quarin als “<i>de hevigste</i>”<i> </i>van de vier beklaagden en de militaire onderzoeksrechter schilderde hem af als “<i>machiavellistisch, een man die zijn doel wilde bereiken met alle middelen, ook met de hulp van de Duitsers”</i>. Een bezwarend feit was in elk geval zijn aanduiding als lid van de Gouwraad. Het feit dat zijn huis was gebombardeerd en hij daarbij twee kinderen had verloren, kon de jury geenszins vermurwen. Bijzonder erg voor Quarin was dat hij door zijn veroordeling tot twee jaar opsluiting geen aanspraak kon maken op oorlogsschade voor zijn woning. “<i>Een schreeuwend onrecht”</i> schreef Narden in<i> De Duinengalm</i><a title="" href="#_ftn5">[5]</a> van 14 april 1922.</p>
<p><span style="color: #ff6600;"><strong>Lees verder in De Plate, jaargang 54, nr4, april 2025.</strong></span></p>
<div><br clear="all" /></p>
<hr align="left" size="1" width="33%" />
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref1">[1]</a> De ‘passivisten’ of de ‘passieven’, hun tegenpool, wilden na de geallieerde eindoverwinning via het Belgisch parlement verandering bekomen, Voor hen was de bevrijding van het land topprioriteit.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref2">[2]</a> 25 juni 1920.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref3">[3]</a> Zie J. ASPESLAGH, &#8216;Hechte vriendschap in barre tijden. De naoorlogse correspondentie tussen Eugeen van Oye en Hugo Verriest&#8217;, in: <i>Wetenschappelijke tijdingen</i>, jg. 78 (2019), pp. 130-53.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref4">[4]</a> A. ELLEBOUDT en G. LEFEVRE, <i>Oostende onder de Duitsche bezetting</i>, p. 567; S. VAN PRAET, <i>The occupation of Ostend by the Germans</i>, typoscript, f° 453 (digitaal: <a href="http://siagrius.be/siagrius/wp-content/uploads/2018/08/Dagboek-Van-Praet-19181.pdf">http://siagrius.be/siagrius/wp-content/uploads/2018/08/Dagboek-Van-Praet-19181.pdf</a> )</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref5">[5]</a> Uitgegeven door gemeenteraadslid Aimé Smissaert als orgaan van de Vlaamsgezinde vleugel van de Katholieke Partij. Misschien is Narden wel zijn pseudoniem? <i>De Zeewacht</i>, met als hoofdredacteur gemeenteraadslid en later schepen Alphonse Elleboudt, was het orgaan van de behoudsgezinde katholieke vleugel die toen nog grotendeels Franstalig was.</p>
</div>
</div>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://siagrius.be/siagrius/?feed=rss2&#038;p=9623</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Hechte vriendschap in barre tijden De naoorlogse correspondentie tussen Eugeen van Oye en Hugo Verriest</title>
		<link>http://siagrius.be/siagrius/?p=9417</link>
		<comments>http://siagrius.be/siagrius/?p=9417#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 01 Jul 2019 12:52:38 +0000</pubDate>
		<dc:creator><![CDATA[Siagrius]]></dc:creator>
				<category><![CDATA[Geschiedenis algemeen]]></category>
		<category><![CDATA[Oostende geschiedenis]]></category>
		<category><![CDATA[Activisme]]></category>
		<category><![CDATA[Eugeen van Oye]]></category>
		<category><![CDATA[Hugo Verriest]]></category>
		<category><![CDATA[KANTL]]></category>
		<category><![CDATA[Koninklijke academie Nederlandse taal en letterkunde]]></category>
		<category><![CDATA[oostende]]></category>
		<category><![CDATA[vriendschap]]></category>
		<category><![CDATA[Wetenschappelijke tijdingen]]></category>
		<category><![CDATA[WT]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://siagrius.be/siagrius/?p=9417</guid>
		<description><![CDATA[&#160; Bijdrage verschenen in WT Wetenschappelijke Tijdingen jaargang 78, 2019/2 p. 130-53 &#160; Hechte vriendschap in barre tijden De naoorlogse correspondentie tussen Eugeen van Oye en Hugo Verriest &#8220;Nam et secundas res splendidiores facit amicitia et adversas, partiens communicansque, leviore&#8221;[1] &#8230; <a href="http://siagrius.be/siagrius/?p=9417">Continue reading <span class="meta-nav">&#8594;</span></a>]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p>&nbsp;</p>
<p><span style="color: #ff0000;"><strong>Bijdrage verschenen in</strong></span><br />
<span style="color: #ff0000;"><strong>WT <em>Wetenschappelijke Tijdingen</em></strong></span><br />
<a href="https://openjournals.ugent.be/wt/article/79050/galley/200675/view/"><span style="color: #ff0000;"><strong>jaargang 78, 2019/2 p. 130-53</strong></span></a></p>
<p>&nbsp;</p>
<p align="center"><strong>Hechte vriendschap in barre tijden</strong><br />
<strong>De naoorlogse correspondentie tussen Eugeen van Oye en Hugo Verriest</strong></p>
<p align="right"><i>&#8220;Nam et secundas res splendidiores facit amicitia et adversas, pa</i><i>rtiens communicansque, leviore&#8221;<a title="" href="#_ftn1"><b>[1]</b></a></i></p>
<p align="right">Cicero, <i>Laelius, De amicitia, </i>22</p>
<p><a href="http://siagrius.be/siagrius/wp-content/uploads/2019/07/Van-OyeDP.jpg"><img class="alignleft size-medium wp-image-9419" alt="Van OyeDP" src="http://siagrius.be/siagrius/wp-content/uploads/2019/07/Van-OyeDP-234x300.jpg" width="234" height="300" /></a>De bibliotheek van de Gentse Universiteit bezit een vijfhonderdtal brieven geschreven door of gericht aan Eugeen van Oye (1840-1926)<a title="" href="#_ftn2">[2]</a>. Het oudste exemplaar is van december 1847. Volgens de beheerder werd de collectie nog niet adequaat ontsloten door een gebrek aan middelen. Voor deze bijdrage baseerden we ons op een reeks steekkaarten uit de jaren 1960-1980 met een korte beschrijving van de brieven<a title="" href="#_ftn3">[3]</a>. Enkele brieven werden niet, onduidelijk of zelfs verkeerd gedateerd.</p>
<p>Aanvankelijk waren we op zoek naar Van Oye&#8217;s correspondentie uit de Eerste Wereldoorlog. We hoopten bijkomende informatie te vinden over zijn rol als (ere)voorzitter van de Jong-Vlaamse activistische beweging, meer bepaald die binnen de Oostendse groepering. Het was ook in die jaren dat Van Oye zich liet meeslepen door meer radicale voormannen uit de beweging, met name dominee Derk Jan Domela Nieuwenhuis Nyegaard (1870-1955) en de Bruggeling Emile Dumon (1862-1948)<a title="" href="#_ftn4">[4]</a>, relaties die naderhand weer bekoelden. Helaas bevat het archief geen relevante stukken uit die jaren.<span id="more-9417"></span></p>
<p>We ontdekten er wel de naoorlogse briefwisseling van Eugeen van Oye met zijn schoolvriend Hugo Verriest (1840-1922) en dit tot aan diens overlijden<a title="" href="#_ftn5">[5]</a>. We bespreken deze brieven chronologisch, ongeacht de volgorde in het archief. De brieven van Van Oye zijn met potlood geschreven op kladpapier zodat het geschrift moeilijk te ontcijferen is. Die van Verriest zijn definitieve versies in inkt, geschreven met bevende hand op vezelachtig papier. De definitieve versie van de brieven van Eugeen Van Oye naar Hugo Verriest hebben we jammer genoeg niet teruggevonden in het Verriest-archief van het Antwerpse Letterenhuis. Alleen van de brief van 7 april 1919 (UGent HS 3375 423 ) hebben we de laatste versie ontdekt in het archief van de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren<i> </i>in Gent (KANTL)<a title="" href="#_ftn6">[6]</a>.</p>
<p>Eind oktober 1918, werd de bijna tachtigjarige dokter Eugeen van Oye ondervraagd door de <i>Sûreté militaire</i><b> </b>en<b> </b>in voorlopige hechtenis opgesloten in het vroegere Rode-Nonnenklooster aan de Katelijnestraat in Brugge. De mensonterende omstandigheden waarin hij naar Brugge werd overgebracht en zijn verblijf aldaar heeft Van Oye uitvoerig beschreven in <i>Mijn Gevangenis </i>(Brugge, 1923). Wegens zijn hoge leeftijd kwam hij al na enkele dagen vrij en, door het nog ontredderd treinverkeer, keerde hij te voet langs de Brugse vaart naar Oostende terug. Ondertussen had Van Oye op 21 oktober zijn ontslag als geneesheer van het Armenbureel gekregen<i>. </i>Op 8 december daaropvolgend werd hem eveneens de deur gewezen als leraar Hygiëne aan de Oostendse Nijverheidsschool<a title="" href="#_ftn7">[7]</a>.</p>
<p>De Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letterkunde was het laatst bijeengekomen op 5 augustus 1914. Na een onderbreking van vijf jaar kwam ze opnieuw bijeen op 26 februari 1919<a title="" href="#_ftn8">[8]</a>. Na de wapenstilstand had het bestuur nog enkele weken gewacht alvorens de uitnodigingen te versturen omdat ze eerst intern schoon schip wilde maken en leden die zich aan collaboratie hadden bezondigd, uit haar midden verwijderen. Alphonse Harmignie (1851-1931), minister van Wetenschappen en Kunst (november 1918 &#8211; september 1919), had uitdrukkelijk gesteld dat de Academie zelf moest bepalen wie ze zou uitsluiten<a title="" href="#_ftn9">[9]</a>. Over de uitzetting van Willem de Vreese (1869-1938), Lodewijk Dosfel (1881-1925), Edmond Fabri (1855-1927), Julius Obrie (1849-1929) en Raphaël van den Berghe (1845-1923) die betrokken waren geweest bij de vervlaamsing van de Gentse Hogeschool, was er geen discussie. Ook Jan Baptist Bellefroid (1888-1971) en Willem de Vreese die waren toegetreden tot de Raad van Vlaanderen en Hippoliet Haerynck (1858-1924) die had meegewerkt aan <i>De Vlaamsche Post, </i>werden de deur gewezen. Over het lot van een viertal andere leden bestond nog twijfel. Over hen zou op de<i> </i>vergadering van 19 maart beslist worden na een bijkomend onderzoek door een commissie <i>ad hoc</i>: Eugeen Van Oye, Frank Lateur (1871-1969, alias Stijn Streuvels), Jules Persyn (1878-1933) en Alfons de Cock (1850-1921). De laatste twee waren eveneens betrokken geweest bij de vervlaamsing van de Hogeschool.</p>
<p>Wat betreft Van Oye, was de Academie in elk geval niet bij de pakken blijven zitten. Al in december 1918 &#8230;..</p>
<div>Lees verder in:</div>
<div></div>
<div><a href="https://openjournals.ugent.be/wt/article/79050/galley/200675/view/" target="_blank"><span style="color: #ff0000;"><strong>WT Wetenschappelijke Tijdingen</strong></span></a><br />
<a href="https://openjournals.ugent.be/wt/article/79050/galley/200675/view/"><span style="color: #ff0000;"><strong>jaargang 78, 2019/2 p. 130-53</strong></span></a></div>
<div><br clear="all" /></p>
<hr align="left" size="1" width="33%" />
<div>
<p><a href="https://openjournals.ugent.be/wt/article/79050/galley/200675/view/">[1]</a><a href="https://openjournals.ugent.be/wt/article/79050/galley/200675/view/"> <i>&#8220;</i>Vriendschap maakt immers voorspoed meer glanzend en tegenslag, door die te delen en erover te praten, lichter om te dragen<i>&#8220;.</i></a></p>
</div>
<div>
<p><a href="https://openjournals.ugent.be/wt/article/79050/galley/200675/view/">[2]</a><a href="https://openjournals.ugent.be/wt/article/79050/galley/200675/view/"> UGent <i>Briefwisseling aan Eugeen Van Oye, 22 december 1847 &#8211; 11 juni 1962</i> (https://lib.ugent.be/catalog/rug01:000772439). De archiefbenaming is misleidend want het archief bevat ook de kladversie van brieven van Eugeen van Oye. Dit archief wordt niet vermeld bij R. Vanlandschoot, <i>Biografie Hugo Verriest, </i>Tielt, 2014, pp. 580-82.</a></p>
<p><a href="https://openjournals.ugent.be/wt/article/79050/galley/200675/view/">Voor Eugeen van Oye: J. J. M. Westenbroek, in: <i>Nationaal Biografisch Woordenboek</i>, dl. 4 (1970), kol. 634-640; L. Buning en P. van Hees, in: <i>Nieuwe Encyclopedie van de Vlaamse Beweging</i>, dl. 2 (1998), pp. 2371-2372; J.D. Domela Nieuwenhuis Nyegaard, Persoonlijke herinneringen aan Dr. Eugeen van Oye, in: <i>De Dietsche Gedachte</i>, jg. 1 (1927), nr. 11, pp. 132-36 en nr. 12, pp. 147-49; L. Buning, Aan de nagedachtenis van dr. Eugeen van Oye als strijdend Vlaming, in: <i>Het Pennoen</i>, jg. 19, nr. 8 (juni 1969), pp. 6-8; H. Dekeyser, <i>Huldeboek dokter Eugeen van Oye, </i>1970 (uitgegeven ter gelegenheid van de van Oye hulde in Gistel, 8-16 juni 1969). Over Van Oye&#8217;s engagement in Jong-Vlaanderen en in Oostende, zie J. Aspeslagh, De activistische beweging in Oostende, in: <i>Biekorf </i>jg. 116 (2016), pp. 169-75 en 290-94.</a></p>
</div>
<div>
<p><a href="https://openjournals.ugent.be/wt/article/79050/galley/200675/view/">[3]</a><a href="https://openjournals.ugent.be/wt/article/79050/galley/200675/view/"> UGent Hs 3375,  https://lib.ugent.be/en/catalog?q=eugeen+van+oye&amp;type=correspondence</a></p>
</div>
<div>
<p><a href="https://openjournals.ugent.be/wt/article/79050/galley/200675/view/">[4]</a><a href="https://openjournals.ugent.be/wt/article/79050/galley/200675/view/"> Voor Derk Jan Domela Nieuwenhuis Nyegaard: L. Buning, in: <i>Nationaal Biografisch Woordenboek</i>, dl. 6 (1974), kol. 231-248; L. Buning en P. van Hees, in: <i>Nieuwe Encyclopedie van de Vlaamse Beweging</i>, dl. 1 (1998), pp. 973-975; L. Buning, Een Vlaming uit het Noorden, ds. Jan Derk Domela Nieuwenhuis Nyegaard, in: <i>Het Pennoen</i>, jg. 20 (1970), nr. 3, pp. 6-11; L. Buning, <i>Het strijdbaar leven van J.D. Domela Nieuwenhuis Nyegaard, Vlaming door keuze, </i>Alternatyf, Buitenpost, 1976.</a></p>
<p><a href="https://openjournals.ugent.be/wt/article/79050/galley/200675/view/">Voor Emile Dumon: K. Rotsaert, in: <i>Nieuwe Encyclopedie van de Vlaamse Beweging</i>, dl. 1 (1998), pp. 1014-15; https://nl.wikipedia.org/wiki/Emile_Dumon</a></p>
</div>
<div>
<p><a href="https://openjournals.ugent.be/wt/article/79050/galley/200675/view/">[5]</a><a href="https://openjournals.ugent.be/wt/article/79050/galley/200675/view/"> Voor Hugo Verriest: A. Demedts, in: <i>Nationaal Biografisch Woordenboek, </i>dl. 1 (1964), kol. 948-953; S. Maes, in: <i>Nieuwe Encyclopedie van de Vlaamse </i>Beweging, dl. 3 (1998), pp. 3274-76; R. Vanlandschoot, <i>Biografie</i> <i>Hugo Verriest […].</i></a></p>
</div>
<div>
<p><a href="https://openjournals.ugent.be/wt/article/79050/galley/200675/view/">[6]</a><a href="https://openjournals.ugent.be/wt/article/79050/galley/200675/view/"> Alle vermelde documenten uit het archief van KANTL bevinden zich in map KANTL/02/000048 (Uitsluiting leden) of KANTL/04/000377 (Ingekomen brieven 1919, o.a. één van Van Oye).</a></p>
</div>
<div>
<p><a href="https://openjournals.ugent.be/wt/article/79050/galley/200675/view/">[7]</a><a href="https://openjournals.ugent.be/wt/article/79050/galley/200675/view/"> &#8216;Lijdensgeschiedenis van Eugeen&#8217; (UGent HS 3375 434) overgenomen in het <i>Huldeboek Dokter Eugeen Van Oye […]</i> p. 14-15.</a></p>
</div>
<div>
<p><a href="https://openjournals.ugent.be/wt/article/79050/galley/200675/view/">[8]</a><a href="https://openjournals.ugent.be/wt/article/79050/galley/200675/view/"> <i>Verslagen en mededelingen der Koninklijke Academie voor Taal en Letterkunde, Eerste vergadering na den oorlog 26 februari 1919 </i>(Gent, 1919), p. 16.</a></p>
</div>
<div>
<p><a href="https://openjournals.ugent.be/wt/article/79050/galley/200675/view/">[9]</a><a href="https://openjournals.ugent.be/wt/article/79050/galley/200675/view/"> <i>Verslagen en mededelingen der Koninklijke Academie voor Taal en Letterkunde&#8217;Gent</i>, 1919, p. 12-14; archief KANTL, briefwisseling  16 november 1918, 16 januari, 27 februari, 8 en 28 maart 1919 tussen het bestuur van de Academie en minister Harmignie.</a></p>
</div>
</div>
<div id="gtx-trans" style="position: absolute; left: 231px; top: 2195.42px;"></div>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://siagrius.be/siagrius/?feed=rss2&#038;p=9417</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Het Oostends activisme in het archief van de Raad van Vlaanderen</title>
		<link>http://siagrius.be/siagrius/?p=9217</link>
		<comments>http://siagrius.be/siagrius/?p=9217#comments</comments>
		<pubDate>Wed, 01 Nov 2017 13:53:43 +0000</pubDate>
		<dc:creator><![CDATA[Siagrius]]></dc:creator>
				<category><![CDATA[Oostende geschiedenis]]></category>
		<category><![CDATA[Activisme]]></category>
		<category><![CDATA[Archief Raad van Vlaanderen]]></category>
		<category><![CDATA[Arthur Faingnaert]]></category>
		<category><![CDATA[Biekorf]]></category>
		<category><![CDATA[eerste wereldoorlog]]></category>
		<category><![CDATA[Eugeen Everaerts]]></category>
		<category><![CDATA[oostende]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://siagrius.be/siagrius/?p=9217</guid>
		<description><![CDATA[Verschenen in Biekorf, jaargang 2017, nummer 3 (september), p. 276 &#8211; 303 Ter gelegenheid van de herdenking van de Eerste Wereldoorlog bracht het Rijksarchief het archief van de Raad van Vlaanderen onder de aandacht. De introductie en de gedetailleerde inventaris van &#8230; <a href="http://siagrius.be/siagrius/?p=9217">Continue reading <span class="meta-nav">&#8594;</span></a>]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p><strong>Verschenen in <span style="color: #ff0000;"><a href="http://www.tijdschriftbiekorf.be/" target="_blank"><span style="color: #ff0000;"><em>Biekorf</em></span></a></span>, jaargang 2017, nummer 3 (september), p. 276 &#8211; 303</strong></p>
<p><a href="http://siagrius.be/siagrius/wp-content/uploads/2017/11/EveraertsDP.jpg"><img class="size-medium wp-image-9222 alignleft" title="Eugeen Everaerts, propagandaleider Oostendse activisten" alt="" src="http://siagrius.be/siagrius/wp-content/uploads/2017/11/EveraertsDP-246x300.jpg" width="246" height="300" /></a>Ter gelegenheid van de herdenking van de Eerste Wereldoorlog bracht het Rijksarchief het archief van de <i>Raad van Vlaanderen</i> onder de aandacht. De introductie en de gedetailleerde inventaris van Luc Vandeweyer zijn samen met een aantal representatieve stukken sedert begin 2016 online<a title="" href="#_ftn1">[1]</a> beschikbaar.</p>
<p>In dit <i>Conglomeraatsarchief </i>zijn documenten ondergebracht afkomstig van de <i>Raad van Vlaanderen</i>, van de semi-autonome administraties<a title="" href="#_ftn2">[2]</a> en van de naoorlogse bezitters van het archief. Luc Vandeweyer beschrijft de bewogen geschiedenis van de collectie: in oktober 1918 werden documenten afkomstig van diverse diensten haastig verzameld en door archivaris-activist Albert Vlamynck<a title="" href="#_ftn3">[3]</a> in Leipzig in veiligheid gebracht. In de eerste jaren na de oorlog hadden de naar Duitsland gevluchte activisten toegang tot het archief. Ze probeerden te verhinderen dat het in handen van het Belgisch gerecht zou vallen. Halfweg de jaren 1920 kwam het onder duistere omstandigheden terecht bij de <i>Nationale Bond voor de Belgische Eenheid</i> <i>(Ligue Nationale) </i>die het ontrafelde en daarna toevertrouwde aan de <i>Commission des Archives de Guerre</i> die later opging in het Rijksarchief. Omdat het archiefmateriaal bevatte dat best niet opnieuw in Duitse handen zou vallen, werd het in 1940 overgebracht naar Engeland waar het ernstige schade opliep. In 1945 kwam het terug naar België en bleef tot 1991<a title="" href="#_ftn4">[4]</a> ontoegankelijk. De Belgische patriotten die, onder leiding van o.a. Armand Wullus (beter gekend als &#8220;Rudiger&#8221;<a title="" href="#_ftn5">[5]</a>), na 1925 het archief<a title="" href="#_ftn6">[6]</a> hebben &#8220;onderzocht&#8221; met als bedoeling van de Vlaamse beweging in zijn geheel te beschadigen, hebben niet alleen heel wat dossiers door elkaar gehaald of opnieuw geklasseerd maar ook eigen documenten en beschrijvingen toegevoegd. Van die laatste vinden we in de dossiers 5505 en 5467<a title="" href="#_ftn7">[7]</a> een overzicht van respectievelijk de West-Vlaamse en de Oostendse activisten en hun medewerkers.<span id="more-9217"></span></p>
<p>Met de zoekopdrachten &#8220;Oostende&#8221; en &#8220;Everaerts&#8221; vonden we in de digitale inventaris met in totaal 5669 dossiernummers er een twintigtal die rechtstreeks betrekking hebben op het Oostends activisme. Manueel zoekwerk in het deelarchief afkomstig van het centraal <i>Propagandabureau</i> leverde nog twaalf dossiernummers<a title="" href="#_ftn8">[8]</a> waarin het Oostends activisme aan bod komt. Met uitzondering van een paar uit de laatste maanden van 1917, dateert het overgrote deel van de documenten uit de eerste tien maanden van 1918, wat grosso modo overeenkomt met de periode van de zgn. &#8220;tweede&#8221; <i>Raad van Vlaanderen. </i>In die maanden bereikte het activisme zijn hoogtepunt en verdween even plots na de bevrijding. We vonden hoofdzakelijk correspondentie van het <i>Vlaamsch</i> <i>Propagandabureel der Noordzeekust</i> geleid door Eugeen Everaerts met de centrale activistische administratie in Brussel: het <i>Vlaamsch Propagandabureel</i> o.l.v. Arthur Faingnaert<a title="" href="#_ftn9">[9]</a> en het<i> Nationaal Verweer </i>met als verantwoordelijke August Borms<a title="" href="#_ftn10">[10]</a>. Deze twee diensten werden laat opgericht, respectievelijk in november 1917 en januari 1918. Het <i>Nationaal Verweer</i> hield zich bezig met dienstbetoon maar ook met de bescherming van de activisten tegen de groeiende volkswoede.</p>
<p style="text-align: center;"><a href="http://siagrius.be/siagrius/wp-content/uploads/2017/11/VFA_000479.jpg"><img class="size-medium wp-image-9221 aligncenter" title="Arthur Faingnaert bij de krijgsgevangenen. In het archief vonden we uitgebreide briefwisseling tussen Faingnaert en Everaerts. Bron: ADVN Antwerpen " alt="" src="http://siagrius.be/siagrius/wp-content/uploads/2017/11/VFA_000479-300x194.jpg" width="300" height="194" /></a></p>
<p>Bijzonder rijk aan informatie is dossier 1284. Het bevat de interne werkingsverslagen van het <i>Propagandabureel der Noordzeekust </i>en vult onze bijdragen in <i>Biekorf<a title="" href="#_ftn11"><b>[11]</b></a> </i>op enkele plaatsen aan, o.a. wat betreft de strategie bij het voeren van propaganda.</p>
<p>We vonden er ook bijkomende namen van medestanders.</p>
<p>Ten slotte vonden we informatie over twee mislukte initiatieven, te weten een schrijven uit 1917, herhaald in 1918, betreffende de afzetting van burgemeester Auguste Liebaert en een verzoek uit 1918 om de volledige Oostendse bevolking te evacueren.</p>
<div>Lees verder in <strong><span style="color: #ff0000;"><em>Biekorf</em></span></strong>, 2017 (september), p. 276-303.<strong><br />
Organisatie en werking van propagandabureel van de Noordzeekust</strong></div>
<div></div>
<div><strong>Spanningen tussen het centraal propagandabureel van Faingnaert en het Noordzeebureel van Everaerts</strong></div>
<div></div>
<div><strong>Rol van het gouvernement-generaal en de lokale Kommandantur</strong></div>
<div></div>
<div><strong>Houding ten opzichte van de bevolking</strong></div>
<div></div>
<div><strong>Verzoek tot afzetting van burgemeester Auguste Liebaert en franskiljonse schepenen</strong></div>
<div></div>
<div>
<p><strong>Initiatief voor de evacuatie van de Oostendse bevolking. </strong></p>
<hr align="left" size="1" width="33%" />
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref1">[1]</a> L. VANDEWEYER, BE-A0510/ I 530: <i>Conglomeraatsarchief van de Raad van Vlaanderen, het Propagandabureau, Nationaal Verweer, de Nationalen Bond voor de Belgische Eenheid, Jacques Pirenne en Henri Pirenne, 1908-1939</i>. Digitaal: BE-A0510_000408_006736_DUT.ead.pdf</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref2">[2]</a> O.a. het <i>Centraal Propagandabureel</i> en het <i>Nationaal Verweer</i> waarmee de lokale activisten nauwe contacten hadden.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref3">[3]</a> Zie ook M. VANLUCHENE &amp; T. VANHAVERE, &#8216;De grote ontreddering. Het archiefwezen in Oost- en West-Vlaanderen tijdens de Eerste Wereldoorlog&#8217; in: <i>Handelingen van het genootschap voor geschiedenis te Brugge</i>, nr 153/2 (2016), p. 333-34. Biografie van Albert Vlamynck in: <i>Nieuwe Encyclopedie van de Vlaamse Beweging</i>, 1 (1998), p. 3512.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref4">[4]</a> Ada Deprez en Daniël Vanacker maakten een summiere inventaris op, in 1991 gepubliceerd door de <i>Vlaamse Academie voor Taal en Letterkunde</i> (e-mail dd 19 december 2016 van Luc Vandeweyer).</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref5">[5]</a> RUDIGER, auteur van <i>Flamenpolitik, suprême espoir allemand de domination en Belgique,</i> bijlage bij: <i>Le journal des combattants, </i>Bruxelles, 1921.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref6">[6]</a> NATIONALE BOND VOOR DE BELGISCHE EENHEID<i>, </i><i>Het archief van de Raad van Vlaanderen. </i>Brussel, 1929; NATIONALE BOND VOOR BELGISCHE EENHEID, <i>Geschiedkundig overzicht van het Aktivisme.</i> Brussel, 1929.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref7">[7]</a> De cijfers verwijzen telkens naar de nummering van de dossiers binnen het <i>Conglomeraatsarchief</i>.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref8">[8]</a> 729, 730, 732, 741, 750, 752, 755, 758, 759, 761, 765 en 770.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref9">[9]</a> Voor Arthur Faingnaert (1883 &#8211; 1971), zie <i>Nationaal Biografisch Woordenboek</i>, 6 (1974), kol. 269-275; <i>Nieuwe Encyclopedie van de Vlaamse Beweging</i>, 1 (1998), p. 1110-11. Arthur Faingnaert is ook de auteur van <i>Verraad of Zelfverdediging? Bijdragen tot de geschiedenis van den strijd voor de zelfstandigheid van Vlaanderen tijdens den oorlog van 1914-18 </i>(Kapellen, 1932).<i> </i>Op<i> </i>p. 687 vermeldt Faingnaert de samenstelling van het <i>Centraal Vlaamsch Propagandakomiteit</i>.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref10">[10]</a> Voor August Borms (1878 &#8211; 1946), zie <i>Nationaal Biografisch Woordenboek</i>, 18 (2007), kol. 85-102; <i>Nieuwe Encyclopedie van de Vlaamse Beweging</i>, 1 (1998), p. 559-63. Het <i>Nationaal Verweer</i> werd opgericht binnen de <i>Commissie van Gevolmachtigden</i>; zie A. FAINGNAERT, <i>Verraad of zelfverdediging</i>, p. 729; NATIONALE BOND …, <i>Geschiedkundig overzicht van het Aktivisme</i>, p. 99-100.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref11">[11]</a> &#8216;De activistische beweging in Oostende&#8217;<i>, </i>in: <i>Biekorf</i>, jaargang 2016, nr 2 (juni; verder afgekort als <i>Biekorf </i>2016/2), p. 163-193 en nr 3 (september; verder afgekort als <i>Biekorf </i>2016/3), p. 275-302. <i></i></p>
</div>
</div>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://siagrius.be/siagrius/?feed=rss2&#038;p=9217</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>De activistische beweging in Oostende</title>
		<link>http://siagrius.be/siagrius/?p=8737</link>
		<comments>http://siagrius.be/siagrius/?p=8737#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 07 Jul 2016 09:26:27 +0000</pubDate>
		<dc:creator><![CDATA[Siagrius]]></dc:creator>
				<category><![CDATA[Oostende geschiedenis]]></category>
		<category><![CDATA[1914-1918]]></category>
		<category><![CDATA[Activisme]]></category>
		<category><![CDATA[everaerts]]></category>
		<category><![CDATA[oostende]]></category>
		<category><![CDATA[van den weghe]]></category>
		<category><![CDATA[van oye]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://siagrius.be/siagrius/?p=8737</guid>
		<description><![CDATA[Deel 1: verschenen in Biekorf, jaargang 2016, nummer 2 Deel 2: te verschijnen in Biekorf, jaargang 2016, nummer 3 Ontstaan en ontwikkeling van het activisme[1]  Als een gevolg van het gewijzigd kiessysteem[2] slaagde de Vlaamse Beweging er na de eeuwwisseling steeds minder &#8230; <a href="http://siagrius.be/siagrius/?p=8737">Continue reading <span class="meta-nav">&#8594;</span></a>]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p><span style="color: #ff0000;"><strong>Deel 1: verschenen in <a href="http://www.tijdschriftbiekorf.be"><em>Biekorf</em></a>, jaargang 2016, nummer 2</strong></span><br />
<span style="color: #ff0000;"><strong>Deel 2: te verschijnen in <em><a href="http://www.tijdschriftbiekorf.be">Biekorf</a>,</em> jaargang 2016, nummer 3</strong></span></p>
<p><strong>Ontstaan en ontwikkeling van het activisme<a title="" href="#_ftn1">[1]</a> </strong></p>
<div id="attachment_8741" style="width: 244px" class="wp-caption alignleft"><a href="http://siagrius.be/siagrius/wp-content/uploads/2016/07/Van-OyeDP.jpg"><img class="size-medium wp-image-8741     " alt="" src="http://siagrius.be/siagrius/wp-content/uploads/2016/07/Van-OyeDP-234x300.jpg" width="234" height="300" /></a><p class="wp-caption-text">Eugeen van Oye, de best gekende Oostendse activist maar niet de echte voorman &#8230;</p></div>
<p>Als een gevolg van het gewijzigd kiessysteem<a title="" href="#_ftn2">[2]</a> slaagde de <i>Vlaamse Beweging</i> er na de eeuwwisseling steeds minder in om via parlementaire weg haar eisen te realiseren. Vanaf eind 1914 probeerden flaminganten, <i>activisten<a title="" href="#_ftn3"><b>[3]</b></a></i> genoemd, de Duitse bezetter voor hun kar te spannen voor het realiseren van hun programma: de vernederlandsing van de Gentse Franstalige universiteit, gebruik van het Nederlands in gerecht, bestuur en onderwijs en een vorm van zelfbestuur voor Vlaanderen. De meest radicale vleugel waren de <i>Jong-Vlamingen</i>, een beweging in Gent opgericht door de Nederlandse dominee Jan Derk Domela Nieuwenhuis Nijegaard (1870 &#8211; 1955)<a title="" href="#_ftn4">[4]</a>. Ze beoogden de verdwijning van het &#8220;wangedrocht België&#8221;, de administratieve scheiding van Vlaanderen en Wallonië op basis van de taalgrens en de inlijving van Frans-Vlaanderen. Over hoe Vlaanderen er na de Duitse eindzege zou moeten uitzien, liepen de meningen uiteen: sommige <i>Jong-Vlamingen</i> streefden de volledige onafhankelijkheid van Vlaanderen na, anderen wilden Vlaanderen integreren binnen het Duitse Rijk, nog anderen binnen een bond van Germaanse staten. Domela wist dat er voor een Groot-Nederland weinig steun was in het Noorden.</p>
<p>De Duitsers namen de voornaamste activistische eisen over in hun eigen <i>Flamenpolitik<a title="" href="#_ftn5"><b>[5]</b></a>. </i>Zo hoopten ze niet alleen Vlaanderen definitief in hun invloedssfeer te zullen houden maar ook hun blazoen bij de Vlamingen op te smukken na de vele wreedheden tijdens hun opmars begaan, hun mateloze opeisingen, de deportaties en de verplichte arbeid in Duitsland. Dat koning Albert aan het IJzerfront en de Belgische regering in Le Havre halsstarrig weigerden te beloven na de oorlog aan de Vlaamse verzuchtingen tegemoet te komen, speelde in de kaart van zowel de activisten als de Duitsers.<span id="more-8737"></span></p>
<p>In december 1916 deed de Duitse keizer een vredesaanbod aan de geallieerden. De activisten vreesden dat bij mogelijke vredesonderhandelingen Vlaanderen met lege handen zou komen te staan en dat het Belgisch bestel gewoon zou worden hersteld. Op 4 februari 1917 staken 125 afgevaardigden van allerhande Vlaamse verenigingen de koppen bij elkaar en droegen 46 onder hen voor om een <i>Raad van Vlaanderen</i> te vormen. Naderhand werd deze raad uitgebreid tot 81 leden, van wie de <i>Jong-Vlamingen</i> de radicale vleugel vormden. Op 3 maart 1917 ontving de Duitse rijkskanselier Bethmann-Hollweg een delegatie van de <i>Raad van Vlaanderen</i> die een apart bestuur voor Vlaanderen kwam bepleiten. Enkele dagen later, op 21 maart 1917, kondigde generaal-gouverneur von Bissing de bestuurlijke scheiding van Vlaanderen en Wallonië af, met respectievelijk Brussel en Namen als hoofdstad. Op 22 december 1917 ging de <i>Raad van Vlaanderen</i> nog een stap verder en riep eigenmachtig de zelfstandigheid van Vlaanderen uit. Een commissie van acht – later tien – gevolmachtigden zou als ministerraad van het zelfstandig Vlaanderen fungeren.</p>
<p>Ondertussen zat het de Duitsers meer en meer dwars dat de <i>Raad van Vlaanderen</i> niet representatief was. Dat was de reden waarom de activisten vanaf januari 1918 overal in Vlaanderen<a title="" href="#_ftn6">[6]</a> meetings organiseerden om leden voor een nieuwe <i>Raad van Vlaanderen</i> aan te duiden. Alleen wie toetrad tot het activistisch programma, mocht op die meetings de gemandateerden voor de <i>Raad </i>en voor de <i>Gouwraad<a title="" href="#_ftn7"><b>[7]</b></a></i> helpen aanduiden. Op veel plaatsen braken ongeregeldheden uit en vanaf 3 maart werden de meetings door de bezetter verboden. In dezelfde maand werd dan deze zogenaamde &#8220;tweede&#8221; <i>Raad van Vlaanderen</i> geïnstalleerd met 94 leden die, net als hun aanhang, voortdurend met elkaar over hoop lagen. In september 1918 hadden de Duitsers er genoeg van en ze stelden een commissie van negen zaakgelastigden samen die uitsluitend t.o.v. de generaal-gouverneur verantwoording verschuldigd was. De Duitsers beseften toen al dat ze de oorlog verloren hadden en dachten nu op de eerste plaats aan het redden van hun eigen vel. Ze trokken geleidelijk hun handen van het activisme af dat ze voor hun eigen belangen hadden gebruikt. De activisten hadden niet anders gedaan!</p>
<p>In de loop van 1915 en parallel met de opkomst van het activisme, ontstond de <i>Frontbeweging</i> in de Belgische linies achter de IJzer.<b> </b>Een kern van Vlaamsgezinde studenten voerde actie, o.a. in studiekringen,  tegen de achterstelling van de Vlamingen en de wantoestanden aan het front waar Vlaamse jongens door Franstalige officieren werden gecommandeerd. <i>Frontbeweging</i> en activisme zouden elkaar vinden. Eén van de markantste gebeurtenissen had plaats begin mei 1918 toen Vlaamse soldaten<a title="" href="#_ftn8">[8]</a> overliepen naar de Duitse linies. Deze &#8220;sublieme deserteurs&#8221;, zoals ze werden genoemd, stelden zich daarna ter beschikking van de activistische en Duitse propaganda in het bezette gebied.</p>
<p>Na de bevrijding werden de activisten gerechtelijk vervolgd en werd de beweging monddood gemaakt. In de daarop volgende jaren zou de Frontpartij – waar binnen activisten en &#8220;fronters&#8221; elkaar hadden gevonden  - opnieuw via parlementaire weg trachten een aantal Vlaamse eisen te realiseren. Orgelpunt werd in 1928 de verkiezing als parlementslid van de tot levenslange dwangarbeid veroordeelde activist August Borms.</p>
<p>De kennis van het activisme aan de kust is nogal beperkt. In juni 1920 kregen de assisenprocessen tegen de lokale kopstukken van de beweging uitgebreide aandacht van zowel de Nederlandstalige als van de Franstalige Oostendse bladen<a title="" href="#_ftn9">[9]</a>. Ondanks hun vaderlandslievende en dikwijls revanchistische ondertoon blijven de getuigenverklaringen onze voornaamste informatiebron over dit plaatselijk activisme want van de gerechtelijke dossiers is er maar weinig meer te vinden in het Rijksarchief<a title="" href="#_ftn10">[10]</a>.</p>
<p>De auteurs van de oorlogsdagboeken<a title="" href="#_ftn11">[11]</a> schrijven ook vanuit patriottisch standpunt. Ze hebben het vooral over de oorlogsgebeurtenissen en het dagelijks leven en zijn bijzonder karig met informatie over stadsgenoten die met de bezetter heulen. Vanaf eind 1915 vinden we heel sporadisch nieuws uit bezet Oostende in de collaborerende Vlaamsgezinde kranten<a title="" href="#_ftn12">[12]</a>. In tegenstelling tot de lokale pers<a title="" href="#_ftn13">[13]</a>, bleven die met Duitse steun verschijnen en stonden ze uiteraard positief t.o.v. activisme en <i>Flamenpolitik</i>. De redacties van die dagbladen bevonden zich echter in Antwerpen, Brussel en Gent, ver van het hermetisch afgesloten operatiegebied aan de kust waar de bezetter bijzonder alert was voor spionage en het naar buiten sijpelen van mogelijk militair-gevoelige informatie. Het gevoel van opgesloten te zitten en geen zicht te hebben op de werkelijke militaire situatie, werkte erg deprimerend op de Oostendse bevolking<a title="" href="#_ftn14">[14]</a>.</p>
<p>In mei 1940 is het stadhuis van Oostende uitgebrand en zijn de bevolkingsregisters en grote delen van het archief mee in de vlammen opgegaan. Maar dat we in de &#8220;Nederlandse Collecties over de Vlaamse Beweging&#8221; van het <i>Brabants Historisch Informatie Centrum</i> in Den Bosch (verder afgekort BHIC/NCVB) de briefwisseling tussen Eugeen Everaerts en Lammert Buning ontdekten, was daarentegen een meevaller. Everaerts blikt er uitvoerig terug op deze bewogen periode uit zijn leven en geeft ons zo een schat aan inside-informatie over de lokale activistische beweging.</p>
<p style="text-align: center;"><strong><span style="color: #ff0000;">Lees verder in </span><em><span style="color: #ff0000;">Biekorf</span> </em><span style="color: #ff0000;">2016, nummers 2 en <span style="color: #339966;">3</span><br />
</span></strong></p>
<p><span style="color: #ff0000;"><strong>De activistische voormannen in Oostende</strong></span></p>
<p><span style="color: #ff0000;"><strong>Collaboratie en steun aan de flamenpolitik</strong></span></p>
<p><span style="color: #339966;"><strong>Activistische propaganda en studiekringen</strong></span></p>
<p><span style="color: #339966;"><strong>Onderwijs in het Nederlands</strong></span></p>
<p><span style="color: #339966;"><strong>De laatste stuiptrekkingen </strong></span></p>
<p><span style="color: #339966;"><strong>De reactie van de bevolking</strong></span></p>
<p><span style="color: #339966;"><strong>De naoorlogse processen en hun nasleep</strong></span></p>
<div>
<hr align="left" size="1" width="33%" />
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref1">[1]</a> RUDIGER, <i>Flamenpolitik, suprême espoir allemand de domination en Belgique,</i> bijlage bij: <i>Le journal des combattants, </i>Bruxelles, 1921; NATIONALE BOND VOOR BELGISCHE EENHEID, <i>Geschiedkundige overzicht van het Activisme, </i>Brussel, 1929; A.L. FAINGNAERT, <i>Verraad of zelfverdediging? Bijdragen tot de Geschiedenis van den strijd voor zelfstandigheid van Vlaanderen tijdens den Oorlog 1914-1918</i>, Kapellen, 1932; M. VAN DE VELDE, <i>Geschiedenis der Jong Vlaamsche Beweging 1914-1918</i>, Den Haag, 1941; H. ELIAS, <i>Vijfentwintig jaar Vlaamse </i>Beweging 1914-1939, I, Antwerpen-Utrecht, 1971; L. WILS, <i>Flamenpolitik en aktivisme. Vlaanderen tegenover België in de Eerste </i>Wereldoorlog, Leuven, 1974; D. VANACKER, <i>Het Aktivistisch Avontuur</i>,<i> </i>Gent, 1991; A.W. WILLEMSEN, ‘Geschiedenis van de Vlaamse Beweging’, in: <i>Nieuwe Encyclopedie van de Vlaamse Beweging</i>, I (1998), p. 55-59; S. DE SCHAEPDRIJVER, <i>De Groote Oorlog. Het Koninkrijk België tijdens de Eerste Wereldoorlog</i>, tweede editie, Antwerpen-Amsterdam, 2013; L. WILS, <i>Onverfranst, onverduitst? Flamenpolitik, Activisme, Frontbeweging, </i>Kalmthout, 2014<i>.</i><i></i></p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref2">[2]</a> Zie L. WILS, <i>Onverfranst, …</i>, <i>o.c.,</i> p. 81 en 320-21.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref3">[3]</a> Zij die na de geallieerde eindoverwinning via het Belgisch parlement verandering wilden bekomen, waren de <i>passivisten</i> of de <i>passieven</i>. Voor deze laatsten was de bevrijding van het land topprioriteit.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref4">[4]</a> <i>Nationaal Biografisch Woordenboek</i>, VI (1974), 231-248; <i>Nieuwe Encyclopedie van de Vlaamse Beweging</i>, I (1998), p. 973-975; L. BUNING, &#8216;Een Vlaming uit het Noorden, ds. Jan Derk Domela Nieuwenhuis Nyegaard&#8217;, in: <i>Het Pennoen</i>, jaargang 20, nr 3 (januari 1970), p. 6-11; L. BUNING, <i>Het strijdbaar leven van J.D. Domela Nieuwenhuis Nyegaard, Vlaming door keuze, </i>Alternatyf, Nederland, 1976;<i> </i>L. WILS (<i>Onverfranst, …, o.c.,</i> p. 323) schrijft dat de <i>Jong-Vlaamse</i> <i>Beweging</i> in eerste instantie Vlamingen aantrok die een band hadden met Nederland of met Duitsland. En inderdaad, de Oostendse activist Eugeen van Oye, één van zijn dochters en de Brugse activist Emile Dumon waren met een Duits(e) gehuwd; de moeder van Eugeen Everaerts was een Zeeuwse.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref5">[5]</a> <i>Flamenpolitik</i> en <i>activisme</i> mag niet worden verward met de ideologische collaboratie tijdens de Tweede Wereldoorlog.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref6">[6]</a> Eind augustus 1918 bestonden er een activistische beweging in 411 Vlaamse gemeenten; zie A.L. FAINGNAERT, <i>o.c.</i>, p. 745.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref7">[7]</a> De <i>Gouwraad zou </i>in de plaats van de <i>Provincieraad</i> komen.<i> </i><i></i></p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref8">[8]</a> Zie H. ELIAS, <i>o.c., </i>I (1971), p. 135 en volgende; S. DE SCHAEPDRIJVER, <i>o.c.</i>, p.  228 en 302.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref9">[9]</a> <i>De Zeewacht</i> van 12, 19, 26 juni; 24 juli 1920; <i>Duinengalm </i>van 11, 18, 25 juni; 23 juli 1920; <i>Le Carillon</i> van 13, 20, 27 juni; 21 juli 1920; <i>L&#8217;Echo d&#8217;Ostende</i> van 5 augustus 1920. Feiten eg gebeurtenissen indoverwinning,ging&#8217;n gebeurtenissen die we aanhalen zonder bronverwijzing, komen uit die persverslagen.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref10">[10]</a> Volgens prof. A. Vrints van de UG (e-mail van 3 juni 2015) werden vóór de Duitse inval in mei 1940 heel wat gerechtelijke dossiers van activisten vernietigd om te verhinderen dat ze in Duitse handen zouden vallen. Ook prof. em. J. Monballyu van de KUL-KULAK (e-mail van 30 juni 2015) meent dat er afgezien van de krantenberichten en de enkele documenten van het Rijksarchief verder niets meer te vinden is over de rechtsvervolging.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref11">[11]</a> C. CASTELEIN, <i>Herinnerigen uit den oorlog 1914-1918</i>; A. ELLEBOUDT en G. LEFEVRE, <i>Oostende onder de Duitsche bezetting, </i>eerst in afleveringen verschenen in <i>De Zeewacht</i>; A. SMISSAERT, <i>Vier jaar onder de klauwen der duitsche barbaren, </i>verschenen in afleveringen in<i> Duinengalm</i>; S. VAN PRAET, <i>The occupation of Ostend by the Germans</i>. Voor meer details en bibliografische gegevens, verwijzen we naar onze online-bijdrage <i>Oostende tijdens de Eerste Wereldoorlog: authentieke bronnen; </i><a href="http://siagrius.be/siagrius/?p=7354">http://siagrius.be/siagrius/?p=7354</a></p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref12">[12]</a> <i>The Belgian war press</i> online op <a href="http://warpress.cegesoma.be/nl">http://warpress.cegesoma.be/nl</a>  Vanaf november 1914 tot november 1918 raadpleegden we alle beschikbare gedigitaliseerde nummers van <i>De Vlaamsche Post, De Nieuwe Gazet, De Morgenbode, De Vlaamsche Gazet </i>en <i>Gazet van Brussel</i>. Deze collaborerende kranten brachten op de eerste plaats militaire en politieke berichtgeving. Het lokaal nieuws beperkte zich voornamelijk tot de grote steden uit het generaal-gouvernement en het etappengebied. Uit het operatiegebied van het 4de Marineleger (zie voetnoot 16 hierna) was de berichtgeving heel karig. We stellen vast dat tijdens de laatste oorlogsmaanden, met uitzondering van de <i>Gazet van Brussel</i> die nieuwe drukpersen kreeg en het aantal bladzijden nog opdreef, alle hiervoor genoemde titels door papierschaarste hun aantal bladzijden reduceerden, een kleiner lettertype gebruikten en publicitaire inlassingen weerden of  tot het minimum beperkten.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref13">[13]</a> <i>De Duinengalm </i>mocht niet meer verschijnen omdat de drukkerij Simissaert weigerde te werken voor de Duitsers en de activisten; zie <i>De Duinengalm </i>van 1 december 1919<i>.</i><i> </i></p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref14">[14]</a> &#8220;<i>Is het niet ongelukkig dat ons momenteel helemaal geen nieuws bereikt? Op dat vlak is de bevolking uit het operatiegebied het meest te beklagen. Die mag niet eens schrijven naar verwanten elders in het land. Wie probeert hen toch een brief te sturen, riskeert een boete van 5000 Mark. […]</i><i>. Kranten en communiqués zijn hier altijd positief voor de Duitsers en stellen altijd de posities van de Fransen als uiterst kritiek voor&#8221;; </i>zie S. VAN PRAET, <i>The occuption of Ostend by the Germans</i>, typoscript f° 186 en 246, augustus 1915 en februari 1916.</p>
</div>
</div>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://siagrius.be/siagrius/?feed=rss2&#038;p=8737</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>&#8216;De laatste boot&#8217;, roman van Frans Van den Weghe</title>
		<link>http://siagrius.be/siagrius/?p=8478</link>
		<comments>http://siagrius.be/siagrius/?p=8478#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 05 Apr 2016 09:42:56 +0000</pubDate>
		<dc:creator><![CDATA[Siagrius]]></dc:creator>
				<category><![CDATA[Oostende geschiedenis]]></category>
		<category><![CDATA[Activisme]]></category>
		<category><![CDATA[De Laatste Boot]]></category>
		<category><![CDATA[Frans Van den Weghe]]></category>
		<category><![CDATA[oostende]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://siagrius.be/siagrius/?p=8478</guid>
		<description><![CDATA[Na activisme en vier jaar oorlog, weer hoop op een betere toekomst  Verschenen in De Plate, jaargang 2016, nummer maart Het activisme in Oostende en Frans Van den Weghe Tijdens de Eerste Wereldoorlog wilden de activisten met de steun van &#8230; <a href="http://siagrius.be/siagrius/?p=8478">Continue reading <span class="meta-nav">&#8594;</span></a>]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p align="center"><strong>Na activisme en vier jaar oorlog, weer hoop op een betere toekomst </strong></p>
<p style="text-align: center;"><span style="color: #ff0000;"><strong>Verschenen in<i> De Plate</i>, jaargang 2016, nummer maart</strong></span></p>
<p><strong>Het activisme in Oostende en Frans Van den Weghe</strong></p>
<p>Tijdens de Eerste Wereldoorlog wilden de activisten met de steun van de Duitse bezetter<a title="" href="#_edn1">[i]</a> een aantal Vlaamse eisen realiseren, o.a. de volledige vernederlandsing van het middelbaar en hoger onderwijs en zelfbestuur voor Vlaanderen.  Stadsbibliothecaris Eugeen Everaerts en dokter-dichter Eugeen van Oye waren de plaatselijke voortrekkers van het activisme. Er was ook een harde kern leraars actief in het Oostends atheneum: Leo Van den Bogaert, Jérome Decroos, Marie-Joseph Grauls en Frans Van den Weghe<a title="" href="#_edn2">[ii]</a>. Parallel met de opkomst van het activisme, ontstond aan de IJzer de Frontbeweging, een antwoord van de Vlaamse piotten op de vele vernederingen door het Franstalig officierenkorps. Uiteindelijk zouden activisme en Frontbeweging elkaar vinden en na de oorlog opgaan in de Frontpartij.</p>
<p>Frans Van den Weghe<b> </b>(Sint-Jans-Molenbeek 1868 – Eindhoven 1937)<a title="" href="#_edn3">[iii]</a>, studeerde Germaanse filologie in Gent waar hij ook actief was in de flamingantische vrijzinnige studentenbeweging. In 1892 werd hij aangesteld als leraar aan het Oostends atheneum en aan de zeevaartschool. In 1897 stond hij samen met Everaerts aan de wieg van de Oostendse afdeling van het <i>Algemeen Nederlands Verbond. </i>Zowel in het atheneum als in de activistische beweging was Van den Weghe de kompaan en rechterhand van Leo Van den Bogaert met wie hij in 1915 het <i>Zevenpunten Programma</i> van de <i>Jong-Vlaamse Beweging</i><a title="" href="#_edn4">[iv]</a><i> </i>onderschreef. Volgens zijn collega Gustaaf Lefèvre<a title="" href="#_edn5">[v]</a>, liet zijn gezag bij de leerlingen te wensen over en genoot hij weinig respect vanwege zijn nauwe contacten met de bezetter, net als Van den Bogaert trouwens. Hij zou bovendien een alcoholprobleem hebben gehad, wat hijzelf later heeft ontkend. Als activist ijverde hij voor de vernederlandsing van de Gentse universiteit en, eens het zover was, was hij ook aanwezig bij de opening ervan. In 1918 organiseerde hij talrijke meetings in Oostende en omgeving en nam er ook het woord. In het spoor van Leo Van den Bogaert en door toedoen van de bezetter, werd hij in 1917 waarnemend prefect van het atheneum maar kort erna weer afgezet na een protestactie van de leerlingen. Hij was ook lokaal correspondent van het activistisch dagblad <i>Gazet van Brussel</i>. Op 8 november 1918 werd hij als leraar geschorst en bij KB van 1 december 1919 met terugwerkende kracht definitief uit het ambt gezet<a title="" href="#_edn6">[vi]</a>.<span id="more-8478"></span></p>
<p>In een pleidooi pro domo<a title="" href="#_edn7">[vii]</a> schrijft Van den Weghe:</p>
<p><i>&#8220;Als aktivist was ik ten ander onbeduidend. Ik was geen lid van de Raad van Vlaanderen of van het propagandacomité. […] De daden door mij gepleegd onder de bezetting zijn overeenkomstig met mijn voorgaande Vlaamschgezind streven en verdienen nog niet eens het aktivistisch etiket. Mijne afzetting uit mijne twee ambten – ik had de mooiste plaats in België en zou ze uit domheid niet verspelen! – roept om in-eerherstelling, want ik werd door den bezetter wegens Duitsch-vijandigheid tweemaal beboet en uit mijne verhooging ontzet. […] Ik heb openlijk verklaard<a title="" href="#_edn8"><b>[viii]</b></a> dat de Duitschers niets te stellen hadden op Belgischen grond. […] Ik heb alleen onderhandelingen gehad met Duitsche officieren der kommandantur, om menschen te kunnen redden uit de klauwen van onverbiddelijke rechters of als ik moest onderhandelen met personen die door de </i>Zivilverwaltung<a title="" href="#_edn9">[ix]</a><i> waren aangeduid, om dienstzaken te regelen&#8221; .</i></p>
<p>Net zoals van Oye werd Van den Weghe na de bevrijding door de militaire <i>Sûreté</i><i> </i>opgepakt en opgesloten in Brugge.  Na vijf maanden preventieve hechtenis werd hij vrijgelaten en nam hij de wijk naar Nederland. Eind 1919 werd hij een eerste keer bij verstek veroordeeld tot één jaar opsluiting wegens verklikking van de burgemeester<a title="" href="#_edn10">[x]</a> van Heist. Op 25 juni 1920 volgde een tweede proces voor het assisenhof van Brugge en een veroordeling tot tien jaar dwangarbeid. In <i>Ben ik een landverrader? </i>stelt hij de zaken nogal simplistisch voor. Hij werd vervolgd, zegt hij, omdat hij met de hulp van de bezetter werd aangesteld tot prefect van het atheneum en omdat hij activistische voordrachten gaf. In het Nederlandse Tilburg werd Van den Weghe later opnieuw leraar middelbaar onderwijs en gaf er privélessen. Naast bijdragen voor tijdschriften en <i>Ben ik een landverrader?</i> volgde in 1926 <i>De laatste boot<a title="" href="#_edn11"><b>[xi]</b></a>, </i>een roman<i> </i>die zich afspeelt tijdens en na de Eerste Wereldoorlog in Oostende en in Sint-Niklaas en waarin Van den Weghe een aantal activistische thema&#8217;s heeft verwerkt. Frans Van den Weghe overleed in Eindhoven in 1937.</p>
<p><strong><i>&#8216;De laatste boot&#8217; </i>(1926)</strong></p>
<div>Voor de volledige bijdrage, zie<strong> <span style="color: #ff0000;"><i>De Plate</i>, jaargang 2016, nummer van maart</span></strong></div>
<div></div>
<div><br clear="all" /></p>
<hr align="left" size="1" width="33%" />
<div>
<p><a title="" href="#_ednref1">[i]</a> Met zijn <i>Flamenpolitik</i> had de Duitse bezetter een verborgen agenda, nl. het eigen blazoen oppoetsen en door de Vlamingen ter wille te zijn België, of in elk geval Vlaanderen, in de Duitse invloedssfeer houden na de eindoverwinning.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ednref2">[ii]</a> Al die activisten komen aan bod in een bijdrage van de auteur over het activisme in Oostende en aan de kust die in 2016 verschijnt.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ednref3">[iii]</a> <i>Nieuwe Encyclopedie van de Vlaamse beweging</i>, III (1998), p. 3677-3678; <i>De Plate, </i>10de jaargang (1981), nr 3,  p. 12; <i>De Zeewacht</i> van 12 juni 1920; J. VAN BERGEN,<i> Een historische lerarenvergadering</i> in <i>Den Athenee, contactblad oud-leerlingen Koninklijk Atheneum van Oostende, </i>jaargang 21, nr 1 (2003), p. 7-8; <a href="http://www.dbnl.org/auteurs/auteur.php?id=wegh003"><i>http://www.dbnl.org/auteurs/auteur.php?id=wegh003</i></a><i> </i></p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ednref4">[iv]</a> Opgericht door de Nederlandse dominee Jan Derk Domela Nieuwenhuis Nyegaard die rond de eeuwwisseling een tijdje predikant was in Oostende. Van Oye en de belangrijkste Oostendse activisten waren lid van die beweging.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ednref5">[v]</a> Coauteur van A. ELLEBOUDT en G. LEFEVRE, <i>Oostende onder de Duitsche bezetting, </i>s.d., meer bepaald p. 186-193 en <i>De Zeewacht</i> van 2, 9, 16 en 23 augustus 1919.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ednref6">[vi]</a><i> Duinengalm </i> van 1 december 1919 en <i>Le Carillon</i> van 17 december 1919; e-mail van 2 juni 2015 van G. Deblock, archivaris KA Centrum, Oostende.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ednref7">[vii]</a> <i>Ben ik een landverrader?, </i>Tilburg<i>,</i> 1924<i>,</i> p. 5-7.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ednref8">[viii]</a> Van den Weghe verwijst naar <i>Onze Stam</i> van augustus 1914.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ednref9">[ix]</a> Het Duits burgerlijk bestuur dat in de plaats van het provinciebestuur was gekomen.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ednref10">[x]</a> Burgemeester Robert de Gheldere verhinderde de meeting van Everaerts en Van den Weghe en werd nadien aangehouden door de Duitsers. Die laatste heeft altijd elke betrokkenheid in die zaak ontkend.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ednref11">[xi]</a> Roosendaal, 1926</p>
</div>
</div>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://siagrius.be/siagrius/?feed=rss2&#038;p=8478</wfw:commentRss>
		<slash:comments>2</slash:comments>
		</item>
	</channel>
</rss>
