<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>Siagrius, weblog van John Aspeslagh &#187; Kortemark Geschiedenis</title>
	<atom:link href="http://siagrius.be/siagrius/?cat=8&#038;feed=rss2" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>http://siagrius.be/siagrius</link>
	<description>Lokale geschiedenis en erfgoed  ...</description>
	<lastBuildDate>Tue, 03 Feb 2026 10:07:14 +0000</lastBuildDate>
	<language>nl-NL</language>
		<sy:updatePeriod>hourly</sy:updatePeriod>
		<sy:updateFrequency>1</sy:updateFrequency>
	<generator>http://wordpress.org/?v=3.8</generator>
	<item>
		<title>Hoger op naar deugd en wijsheid</title>
		<link>http://siagrius.be/siagrius/?p=6419</link>
		<comments>http://siagrius.be/siagrius/?p=6419#comments</comments>
		<pubDate>Wed, 11 Sep 2013 19:21:30 +0000</pubDate>
		<dc:creator><![CDATA[Siagrius]]></dc:creator>
				<category><![CDATA[Kortemark Geschiedenis]]></category>
		<category><![CDATA[175 jaar Margareta-Maria-Instituut]]></category>
		<category><![CDATA[boek 175 jaar MMI]]></category>
		<category><![CDATA[Hoger op naar deugd en wijsheid]]></category>
		<category><![CDATA[john aspeslagh]]></category>
		<category><![CDATA[kortemark]]></category>
		<category><![CDATA[landbouwhuishoudschool kortemark]]></category>
		<category><![CDATA[landbouwonderwijs]]></category>
		<category><![CDATA[melkerijonderwijs]]></category>
		<category><![CDATA[Pensionaat Kortemark]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://siagrius.be/siagrius/?p=6419</guid>
		<description><![CDATA[NIEUWE PUBLICATIE OKTOBER 2013 Dertig jaar uit het rijke leven van een plattelandspensionaat Kostschool en Landbouwhuishoudschool van Kortemark 1926 – 1956 Het Margareta-Maria-Instituut van Kortemark bestaat 175 jaar en dat wordt gevierd met tal van activiteiten het hele schooljaar 2013-14. &#8230; <a href="http://siagrius.be/siagrius/?p=6419">Continue reading <span class="meta-nav">&#8594;</span></a>]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p style="text-align: left;" align="center"><strong><span style="color: #ff0000;">NIEUWE PUBLICATIE OKTOBER 2013</span></strong></p>
<p align="center"><span style="color: #ff0000;"><strong><em>Dertig jaar uit het rijke leven van een plattelandspensionaat<br />
Kostschool en Landbouwhuishoudschool van Kortemark 1926 – 1956</em></strong></span></p>
<p>Het <em>Margareta-Maria-Instituut</em> van Kortemark bestaat 175 jaar en dat wordt gevierd met tal van activiteiten het hele schooljaar 2013-14. Het is niet de eerste keer dat deze West-Vlaamse secundaire school haar jubileum viert. Ze feestte al in 1888, 1938 en 1988.</p>
<p>In 1988 publiceerde leraar Bernard Deneckere een gelegenheidsboek onder de titel <em><a href="http://education.skynet.be/archiefmmi/">150 jaar Margereta-Maria-Instituut Kortemark 1824 – 1838 – 1988</a>. </em>In het jaar 1824 werd de kloostergemeenschap van de Zusters van de H. Vincentius van Kortemark gesticht. Kort daarop in 1838 openden de zusters een kostschool. Later stichtten ze bijhuizen in Haringe, Koksijde, Westende, Zandvoorde, Bredene, Uitkerke, Duinbergen en Westkapelle. Na de Eerste Wereldoorlog telde de congregatie 163 zusters en stond daarmee op de negende plaats van de vrouwelijke congregaties van het bisdom Brugge.</p>
<p>In 2013 jubileert onze school opnieuw. Opnieuw wordt weer een boek voorgesteld. Zeven jaar geleden begon voormalig directeur John Aspeslagh met de ordening en digitalisering van het schoolarchief tot rond 1958. Uit dit werk resulteert een publicatie die in oktober 2013 verschijnt als een lijvig boek.</p>
<p style="text-align: center;"><a href="https://picasaweb.google.com/lh/photo/Fi1U0800j_Np6Nsd4Enp4tMTjNZETYmyPJy0liipFm0?feat=embedwebsite"><img class="aligncenter" title="Foto op de kaft: keukenles in de Landbouwhuishoudschool rond 1930 (archief KADOC)" alt="" src="https://lh4.googleusercontent.com/-OazlHLLHad4/UjChH-XYaVI/AAAAAAAAFZE/9J2z28WK7UY/s800/01.png" width="471" height="302" /></a></p>
<p style="text-align: center;"><span style="color: #ff0000;"><strong>Het boek telt meer dan 400 bladzijden en zo&#8217;n 370 afbeeldingen<br />
en is op glanzend papier onder een verharde kaft gedrukt door<br />
<em>Lowyck &amp; pluspoint</em> uit Oostende.</strong></span></p>
<div></div>
<p><span id="more-6419"></span>Vandaag is deze secundaire school met 1200 leerlingen gekend onder de naam <em>Margareta-Maria-Instituut</em> of kortweg <em>MMI. </em>In het verleden sprak men van <em>Kostschool</em> of <em>Pensionaat</em> van Kortemark en van <em>Landbouwhuishoudschool. </em>In de <em>Kostschool</em> werd lager en algemeen secundair onderwijs verstrekt terwijl de technische <em>Landbouwhuis-houdschool</em> zich richtte tot de dochters van landbouwers uit het toen nog overwegend agrarisch West-Vlaanderen.</p>
<p>Het is juist de aanwezigheid van lager, algemeen vormend secundair en technisch secundair onderwijs binnen dezelfde organisatie en campus die deze nieuwe publicatie zo interessant maakt. Door de talrijke verwijzingen naar de toen vigerende onderwijswetgeving en –organisatie, de didactiek, de examens georganiseerd op niveau van het bisdom en de provincie, enz. wordt het voortgezet meisjesonderwijs uit die tijd in beeld gebracht.</p>
<p><strong>Twee data</strong></p>
<p>Vanaf <span style="color: #ff0000;"><strong>1926</strong></span> kunnen we in het nieuw schooltijdschrift <em>Klokje </em>het kostschoolleven van dichtbij volgen. Met steun van het provinciebestuur verwerft de <em>Landbouwhuishoudschool</em> een splinternieuw gebouw. Het onderwijs herstelt van het oorlogsleed en de <em>Landbouwhuishoudschool</em> gaat voortaan een eigen bestaan leiden los van de Kostschool. Het aantal leerlingen piekt in beide afdelingen tot de Tweede Wereldoorlog roet in het eten gooit.</p>
<p>In<span style="color: #ff0000;"><strong> 1956</strong></span> is de <em>Kostschool</em> verleden tijd: de meer dan zeventigjarige directrice Zr Pulcherie is ondertussen met pensioen, externen worden toegelaten, er komt <em>Moderne Humaniora</em> die al na enkele jaren wordt afgebouwd door tekort aan leerlingen. Naast onderwijs, gaat de aandacht van de zusters nu ook naar ziekenzorg en missionering. In april 1956 verlaat directrice Zr Madeleine de <em>Landbouwhuishoud­school</em>. Er begint een nieuw tijdperk waarin haar opvolgster Zr Alberta bijna 25 jaar lang het beleid zal bepalen.</p>
<p>Op een aantal punten is de auteur iets verder in het verleden teruggegaan, meer bepaald waar het gaat om recent gevonden informatie (bv. over het ontstaan van het landbouwonderwijs rond 1890 en de organisatie ervan in Kortemark, over de schoolstructuur en de lesgevers in de Kostschool, …) of over aspecten die Bernard Deneckere in zijn meer algemeen werk niet heeft onderzocht (bv. het peil van de studies, de onderwijswetgeving, …).</p>
<p>Heel wat oorspronkelijke documenten zijn afgedrukt of <em>in extenso</em> weergegeven want de auteur hield eraan om de documenten zelf aan het woord te laten. Hij beperkte zich niet tot het eigen schoolarchief maar ging ook op zoek in het archief van het bisdom Brugge, in dat van de provincie West-Vlaanderen en bij KADOC.</p>
<p>Tot aan het schoolpact in 1959 was het provinciebestuur co-subsidiërende overheid van de <em>Landbouwhuishoudschool, </em>een officieel erkende onderwijsinstelling geïnspecteerd door drie instanties: het ministerie van Landbouw, de provincie West-Vlaanderen en het diocees. De <em>Kostschool</em> daarentegen, was niet erkend en ook niet gesubsidieerd omdat het een vrij initiatief was van de Zusters van de H. Vincentius.</p>
<p><strong>Over de uitgave</strong></p>
<p><a href="https://picasaweb.google.com/lh/photo/VCfVv5zUSTe1LjawnqZxOtMTjNZETYmyPJy0liipFm0?feat=embedwebsite"><img class="alignleft" alt="" src="https://lh5.googleusercontent.com/-GjuVhqru1aE/UjChH9NthFI/AAAAAAAAFY8/SUX2K6J82LU/s800/02.png" width="156" height="237" /></a><a href="https://picasaweb.google.com/lh/photo/FO_I1-PX-210_A3NePCTKNMTjNZETYmyPJy0liipFm0?feat=embedwebsite"><img class="alignleft" alt="" src="https://lh5.googleusercontent.com/-tE3MXo95maY/UjChH8Ah7xI/AAAAAAAAFZI/rVPODlyKh-c/s800/03.png" width="150" height="200" /></a>De publicatie start met het ontstaan van het schooltijdschrift <em>Klokje</em> in 1926 en dat van zijn opvolger <em>Zonnestralen</em> in het begin van de jaren 1950. Het laatste nummer van <em>Zonnestralen</em> verscheen eind 1961.</p>
<p>&nbsp;</p>
<p>&nbsp;</p>
<p><a href="https://picasaweb.google.com/lh/photo/4ibihhxBE56ne9VGvDs8BNMTjNZETYmyPJy0liipFm0?feat=embedwebsite"><img class="alignleft" title="Gravure van rond 1900: kapel, klooster, kostschool. Achteraan in de tuin, links: melkerijschool." alt="" src="https://lh6.googleusercontent.com/-877HzM0D0MU/UjChIhtPKCI/AAAAAAAAFZU/K1Pwp3-WDfI/s800/04.png" width="384" height="247" /></a>Hoe de <em>Landbouw-huishoudschool</em> gegroeid is uit de <em>Kostschool</em> komt aan bod in het tweede hoofdstuk. De differentiatie begon in 1895 met het openen van een <em>melkerijschool</em> die zich ontwikkelde tot een <em>landbouwhuis-houd-<span style="text-decoration: underline;">afdeling</span></em> van de <em>Kostschool</em> en uiteindelijk een zelfstandige gesubsidieerde en erkende school werd in 1934.</p>
<p>&nbsp;</p>
<p><a href="https://picasaweb.google.com/lh/photo/1a0UzJLCnQleM8N8AtwqE9MTjNZETYmyPJy0liipFm0?feat=embedwebsite"><img class="alignleft" title="Klas van de Landbouwhuishoudschool rond 1930. In het midden: kloosterdirecteur Career" alt="" src="https://lh4.googleusercontent.com/-sREhxK-5piE/UjChJumhOXI/AAAAAAAAFZk/KlZP-Ge1YUk/s800/05.png" width="381" height="274" /></a>Er wordt gefocust op de pensionairs – toen allemaal meisjes en verplicht op internaat &#8211; van de beide scholen. Hoe leefden ze, hoe waren ze gekleed, uit welke gemeenten waren ze afkomstig, hoe evolueerde de rekrutering in de loop van de jaren, welk was het beroep van de ouders, hoeveel jaren bleven ze op internaat, hoe dikwijls gingen ze naar huis, waaruit bestond hun ontspanning, enz., enz. De auteur onderzocht ook de rol van bijhuizen bij de leerlingenwerving.</p>
<p>&nbsp;</p>
<p><a href="https://picasaweb.google.com/lh/photo/r4ZK_vAJ9w-grpU9iv6gUNMTjNZETYmyPJy0liipFm0?feat=embedwebsite"><img class="alignleft" title="Kloosterzusters rond 1935" alt="" src="https://lh4.googleusercontent.com/-V3o-NUP2qFw/UjChJLpf3dI/AAAAAAAAFZc/6yaAXEFsZe0/s800/06.png" width="384" height="180" /></a>Aanvankelijk bestond het onderwijskorps uitsluitend uit religieuzen. Na de erkenning van de <em>Landbouwhuishoud-school</em> kreeg de school meer subsidies en werden ook ongehuwde &#8220;<em>meesteressen</em>&#8221; aangeworven die bij hun huwelijk ontslag moesten nemen. Hoe zat het schoolbestuur in elkaar? Directrices als Zr Pulcherie, Zr Beatrix en Zr Madeleine groeiden uit tot ware legenden.</p>
<p>&nbsp;</p>
<p><a href="https://picasaweb.google.com/lh/photo/Fg_S4tVzkm9--xV2eq2ZxNMTjNZETYmyPJy0liipFm0?feat=embedwebsite"><img class="alignleft" title="Nieuwe landbouwhuishoudschool in opbouw rond 1923" alt="" src="https://lh3.googleusercontent.com/-WfJTngK3xnE/UjChJkhkOzI/AAAAAAAAFZs/bwaxtZOSyBs/s800/07.png" width="387" height="238" /></a> In hoofdstuk 5 komt de infrastructuur en het financieel beheer aan bod. De <em>Landbouwhuis-houd­school</em> opende nieuwe vleugels in 1924 en in 1939, telkens met subsidies van de provincie. De <em>Kostschool</em> kreeg een beperkte uitbreiding in 1938.</p>
<p>&nbsp;</p>
<p><a href="https://picasaweb.google.com/lh/photo/9U-rvXh-y9U8xD1KTKLmdtMTjNZETYmyPJy0liipFm0?feat=embedwebsite"><img class="alignleft" title="V.K.S.J.-meisjes van de Kostschool rond 1940" alt="" src="https://lh4.googleusercontent.com/-l1n1IuTCjKA/UjChJ-DYAPI/AAAAAAAAFZw/rxqu_yeVYi4/s800/09.png" width="384" height="241" /></a> Belangrijk is uiteraard het religieus opvoedingspro­ject van de zusters. De dag van de pensionaire begon met de H. Mis, op zondag was er na de middag vespers en lof. De schooldag verliep op het ritme van de kloostergemeen­schap, elk jaar waren er drie of vier dagen bezinning in volledige stilte en regelmatig ook recollectiedagen en stichtende voordrachten voor de leerlingen.</p>
<p><a href="https://picasaweb.google.com/lh/photo/7VEaMgHSqFogixxBR3ml_tMTjNZETYmyPJy0liipFm0?feat=embedwebsite"><img class="alignright" alt="" src="https://lh6.googleusercontent.com/-QZFHdYMbGHk/UjChKo6_hxI/AAAAAAAAFaI/HgSsJEzhgZ4/s800/08.png" width="153" height="196" /></a><br />
De leerlingen werden religieus omkaderd binnen godvruchtige verenigingen als de <em>Maria Congregatie</em>, de <em>Eucharistische Kruistocht</em> en vooral, vanaf de jaren 1930, binnen de nogal autoritair gestructureerde <em>Katholieke Actie</em> en <em>V.K.S.J</em>. Plechtige communie en vormsel gebeurden binnen de schoolmuren.</p>
<p>&nbsp;</p>
<p>&nbsp;</p>
<p><a href="https://picasaweb.google.com/lh/photo/U-Q1gq0WYqQnwt-63A64vdMTjNZETYmyPJy0liipFm0?feat=embedwebsite"><img class="alignleft" title="Kathedraal van Ankoro gebouwd met financiële steun van o.a. de pensionairs en de zusters van Kortemark" alt="" src="https://lh6.googleusercontent.com/-0mtOIneo4zQ/UjChKmvTkgI/AAAAAAAAFaA/fRe87L7rdKY/s800/10.png" width="229" height="362" /></a> De missionaire gedrevenheid was één van de steunpilaren van het religieus opvoedingsproject. <em>Kost-</em> en <em>Landbouwhuishoudschool</em> steunden financieel de missie van Ankoro in Noord-Katanga en de bouw van de kathedraal aldaar.</p>
<p>Hoe stelden de paters van de H. Geest hun Congolese missie voor aan de leerlingen en aan de zusters? Beantwoordde de beeldvorming in het schooltijdschrift <em>Klokje</em> wel aan de realiteit in de kolonie? Was missionering toen niet te veel gericht op &#8220;zieltjes winnen&#8221;, &#8220;<em>tinblad</em>&#8221; inzamelen, het &#8220;<em>knikkend negertje&#8221;</em> in elke klas, het lezen en verspreiden van de super enthousiaste brieven van paters en inlandse seminaristen terwijl er ter plaatse te weinig werd gefocust op diepgang en vorming van een inlandse elite? Mwilambwe Mukalay en Shabani wa Kalenga, twee auteurs uit Ankoro, maakten in 2007 de balans op.</p>
<p>&nbsp;</p>
<p><a href="https://picasaweb.google.com/lh/photo/FYio083sdoyTmZ0-22_BZ9MTjNZETYmyPJy0liipFm0?feat=embedwebsite"><img class="alignleft" title="Leerling bereidt boter" alt="" src="https://lh3.googleusercontent.com/-VCbeREYqCsE/UjChKpr46RI/AAAAAAAAFaE/NaG0NQ2SW3A/s800/11.png" width="386" height="287" /></a> De <em>Landbouw-huishoudschool</em> had een eigen specifiek opvoedingsproject: niet alleen de plattelandsmeisjes opleiden tot meewerkende echtgenote in het bedrijf maar ze ook &#8220;kneden&#8221; tot vrome echtgenoten en moeders, tot leden van een zelfbewuste boerenstand, dienstbaar voor de Kerk.</p>
<p>&nbsp;</p>
<p><a href="https://picasaweb.google.com/lh/photo/JaKlAK77y29SNHeNZzqaVtMTjNZETYmyPJy0liipFm0?feat=embedwebsite"><img class="alignleft" alt="" src="https://lh5.googleusercontent.com/-AXGhN1POmlk/UjChLDs0OsI/AAAAAAAAFac/k1ZqiuweeoY/s800/12.png" width="384" height="254" /></a> Ook aan het didactisch kader wordt ruime aandacht besteed: hoe verliepen de lessen, hoe gebeurden de examens en de rapportering, hoe verliepen de schooldag, de vakantieperioden, enz.? Aan de hand van o.a. inspectieverslagen, resultaten verdere studies en door het vergelijken van de uitslagen van de provinciale en andere externe examens kreeg de auteur zicht op het niveau van het Kortemarks secundair onderwijs uit die periode.</p>
<p>&nbsp;</p>
<p><a href="https://picasaweb.google.com/lh/photo/b38G8R2FiO1_XzEDGXIFo9MTjNZETYmyPJy0liipFm0?feat=embedwebsite"><img class="alignleft" title="Stand van de Landbouwhuishoudschool op de Wereldtentoonstelling van Antwerpen in 1930" alt="" src="https://lh5.googleusercontent.com/-a4VLvzCfz8g/UjChMJiEAAI/AAAAAAAAFag/1xhhUxKX_n4/s800/13.png" width="387" height="262" /></a> De publicatie eindigt met een hoofdstuk over de uitstraling van de school naar de buitenwereld toe. Zo had de <em>Landbouw-huishoudschool</em> een stand op de Wereldtentoonstelling van Antwerpen in 1930. De school onderhield ook contact met haar oud-leerlingen en organiseerde regelmatig studiedagen en nascholing.</p>
<p>&nbsp;</p>
<p>Het schoolarchief voor 1958 wordt beschreven: welke bronnen en welk materiaal zijn bewaard en ondertussen gedigitaliseerd?</p>
<p>De bijlagen bevatten tabellen met de geografische herkomst van de leerlingen, de schoolbevolking en -structuur en een volledige lijst van de gastsprekers – religieuzen en leken – die over de vloer kwamen tijdens de &#8220;<em>vormingsavonden</em>&#8220;, retraites, enz.</p>
<p>Een gedetailleerde index van de persoonsnamen, meer dan 1500 voetnoten en verwijzingen en een bibliografie maken dat deze publicatie kan dienen als vertrekpunt voor verder onderzoek.</p>
<p><strong> </strong></p>
<p><strong>Over de auteur</strong></p>
<p><a href="https://picasaweb.google.com/lh/photo/gKQWfqHJf84j9uhYmRyZaNMTjNZETYmyPJy0liipFm0?feat=embedwebsite"><img class="alignleft" alt="" src="https://lh4.googleusercontent.com/-ew8Nw508n2s/UjChLs6ZR2I/AAAAAAAAFaY/2DXVaP90_cM/s800/14.png" width="175" height="217" /></a>John Aspeslagh werd geboren in Oostende in 1947. Na de Grieks-Latijnse humaniora in het Onze-Lieve-Vrouwecollege aldaar ging hij Romaanse Filologie studeren aan de KU Leuven. Op het programma van die opleiding stonden toen ook heel wat colleges Latijn en geschiedenis. Zijn belangstelling voor geschiedenis dateert waarschijnlijk uit die tijd. In 1969 werd hij leraar Frans in het ASO in Blankenberge en het jaar erop in het technisch handelsonderwijs in Oostende. In 1975 trouwde hij met Martine Figoureux en samen hebben ze twee kinderen. In september 1979 volgde hij zuster Alberta op als directeur ASO in MMI en toen zuster Dominique in 1990 stopte, ging hij aan het roer staan van het TSO/BSO. Na 31 jaar directeurschap vond hij het welletjes en ging met pensioen op 1 januari 2011. Nu kon hij zich ten volle concentreren op het schrijven van deze schoolgeschiedenis.</p>
<p>Wie geïnteresseerd is in de publicatie, kan het boek bestellen aan de prijs van € 25 in voorverkoop voor 1 oktober, nadien is het € 30. Men kan het boek afhalen in de school, anders komen er € 7,50 verzendkosten bij.</p>
<ul>
<li><strong style="color: #ff0000;">E-mailen naar <a href="mailto:boek175@mmikortemark.be"><em>boek175@mmikortemark.be</em></a></strong></li>
<li><strong style="color: #ff0000;">Storten op KBC IBAN BE28 4746 1230 1120 met vermelding &#8220;<em>Boek 175 jaar</em>&#8220;</strong></li>
</ul>
<p>In de school is ook nog een beperkte voorraad van het boek van Bernard Deneckere uit 1988, beschikbaar tegen de prijs van € 10 plus verzendkosten</p>
<p>&nbsp;</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://siagrius.be/siagrius/?feed=rss2&#038;p=6419</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Kortemarkse zusters in Le Pays Noir</title>
		<link>http://siagrius.be/siagrius/?p=800</link>
		<comments>http://siagrius.be/siagrius/?p=800#comments</comments>
		<pubDate>Sun, 20 May 2012 12:02:01 +0000</pubDate>
		<dc:creator><![CDATA[Siagrius]]></dc:creator>
				<category><![CDATA[Kortemark Geschiedenis]]></category>
		<category><![CDATA[bisdom Brugge]]></category>
		<category><![CDATA[bisdom Doornik]]></category>
		<category><![CDATA[évêché de Tournai]]></category>
		<category><![CDATA[kortemark]]></category>
		<category><![CDATA[La Docherie]]></category>
		<category><![CDATA[Zusters H. Vincentius]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://siagrius.be/siagrius/?p=800</guid>
		<description><![CDATA[Artikel verschenen in Biekorf van maart 2014. Tijdens de opzoekingen in het kader van de geschiedenis van het Margareta-Maria-Instituut, botsten we toevallig op documenten en brieven van een bijhuis van de zusters van de H. Vincentius in het bisdom Doornik. De &#8230; <a href="http://siagrius.be/siagrius/?p=800">Continue reading <span class="meta-nav">&#8594;</span></a>]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p><span style="color: #ff0000;">Artikel verschenen in <em>Biekorf</em> van maart 2014.</span><em><br />
</em></p>
<p>Tijdens de opzoekingen in het kader van de geschiedenis van het <em>Margareta-Maria-Instituut</em>, botsten we toevallig op documenten en brieven van een bijhuis van de zusters van de H. Vincentius in het bisdom Doornik.</p>
<p>De tweede helft van de 19de eeuw was een periode van grote armoede en werkloosheid in het toen nog overwegend agrarisch Vlaanderen. Door de invoer van goedkope tarwe uit Amerika, kende de landbouw een nooit geziene crisis. Daartegenover stond het rijke Wallonië, met de talrijke koolmijnen en de snel ontwikkelende zware industrie. Daar was mankracht tekort. Vooral vanaf 1880 ontvluchtten heel wat werkloze landarbeiders het Vlaamse platteland en trokken alleen of <a title="Le Grand Hornu … Layla Aerts fotografeerde Vlaamse “gelukzoekers” op een Waals kerkhof" href="http://siagrius.be/siagrius/?p=173">met hun gezin naar de Waalse industriebekkens.</a> In de provincie Henegouwen waren de <em>Borinage</em> (Mons) en <em>le Pays Noir</em> (Charleroi) sterke aantrekkingspolen. Als gevolg van die groeiende Vlaamse aanwezigheid, deed de bisschop van Doornik regelmatig een beroep op religieuzen van bij ons. Kerkrechtelijk bleven ze onder de jurisdictie van hun Vlaams hoofdklooster en van hun oorspronkelijk bisdom.</p>
<p style="text-align: center;"><a href="https://picasaweb.google.com/lh/photo/KaNIExfMJa---C--LhNrA9MTjNZETYmyPJy0liipFm0?feat=embedwebsite"><img class="aligncenter" alt="" src="https://lh4.googleusercontent.com/-ox09zQQ9_Zw/T7jGh8q4KAI/AAAAAAAAAVE/_Y-7iNVNxVA/s640/DocheriePanorama-1901.jpg" width="512" height="382" /></a></p>
<p><span id="more-800"></span></p>
<p>Zo zond moeder Stanislas<a title="" href="#_ftn1">[1]</a> (Apollonia Delaere) in 1897 een aantal van haar zusters naar La Docherie (Marchienne-au-Pont in <em>le</em> <em>Pays Noir</em>, tegenwoordig een deel van de agglomeratie van Charleroi) waar ze voornamelijk actief waren in de plaatselijke lagere school. Dertien jaar later, in 1910, verlieten de zusters al weer hun eerste bijhuis in het &#8220;Walenland&#8221;<a title="" href="#_ftn2">[2]</a>.</p>
<p>De lotgevallen van het klooster van La Docherie kunnen we volgen via de correspondentie<a title="" href="#_ftn3">[3]</a> tussen alle betrokkenen met de Brugse bisschop Gustaaf Waffelaert, de bisschoppelijke <em>Acta </em>voor de periode 1898 tot 1911 en de enkele gegevens die we nog vonden in het kloosterarchief<a title="" href="#_ftn4">[4]</a> en in <em>Kloostergemeenschappen in het Krekedal<a title="" href="#_ftn5"><strong>[5]</strong></a>. </em>Dat is het enige bronnenmateriaal want het kloosterarchief van de Handzamestraat werd grotendeels vernield tijdens de Eerste Wereldoorlog en dat van het bisdom Doornik ging in de vlammen op in 1940<a title="" href="#_ftn6">[6]</a>.</p>
<table border="1" cellspacing="0" cellpadding="0">
<tbody>
<tr>
<td width="174">
<p><div style="width: 212px" class="wp-caption aligncenter"><a href="https://picasaweb.google.com/lh/photo/rx-WV_AdwR2icyLxSHJhktMTjNZETYmyPJy0liipFm0?feat=embedwebsite"><img alt="" src="https://lh6.googleusercontent.com/-Dmkh1zXKP7w/T7jGwrMHQII/AAAAAAAAAV4/EvDV9XFSTpI/s288/Waffelaert.jpg" width="202" height="288" /></a><p class="wp-caption-text">Mgr Gustaaf Waffelaert</p></div></td>
<td width="174">
<p><div style="width: 217px" class="wp-caption aligncenter"><a href="https://picasaweb.google.com/lh/photo/xIFeEGR7ImWcEsLrRWkxX9MTjNZETYmyPJy0liipFm0?feat=embedwebsite"><img class=" " alt="" src="https://lh3.googleusercontent.com/-62rVlKsnJTQ/T7jGyJbO9uI/AAAAAAAAAWI/72zpJlM0euw/s400/Walravens.jpg" width="207" height="288" /></a><p class="wp-caption-text">Mgr Charles-Gustave Walravens (Archief bisdom Doornik)</p></div></td>
</tr>
</tbody>
</table>
<div style="width: 216px" class="wp-caption alignleft"><a href="https://picasaweb.google.com/lh/photo/2inkYeOvSxsTku-7xSyPVtMTjNZETYmyPJy0liipFm0?feat=embedwebsite"><img class="   " alt="" src="https://lh6.googleusercontent.com/-_BiahGqg2QQ/T7jGglpTgbI/AAAAAAAAAU4/ooJ_R-bwRbU/s400/010.MoederStanislas.jpg" width="206" height="280" /></a><p class="wp-caption-text">Moeder Stanislas (Archief Zusters H. Vincentius)</p></div>
<p>Een eerste wrijving tussen de Kortemarkse algemene overste en de Brugse bisschop dateert van 1898. Op vraag van Mgr Charles-Gustave Walravens, toenmalig bisschop van Doornik, gaf bisschop Waffelaert in februari aan de zusters de toelating<a title="" href="#_ftn7">[7]</a> om naast hun onderwijsopdracht ook de leiding te nemen van <em>&#8220;l&#8217;hôtellerie ouvrière&#8221;<a title="" href="#_ftn8"><strong>[8]</strong></a> </em>van La Docherie. Al in november van hetzelfde jaar, wilden de zusters een einde stellen aan dit engagement. De overste van de <em>Aumôniers du travail </em>legde zich echter niet zomaar neer bij dat plotse vertrek. Hij drong aan op een vooropzeg en vroeg hiervoor de tussenkomst van de Brugse bisschop. Van de overste van de <em>Aumôniers</em> mochten de zusters pas na 8 december vertrekken omdat hij voor die datum geen vervanging had. Waffelaert ging akkoord en vroeg aan de Kortemarkse pastoor Timmerman<a title="" href="#_ftn9">[9]</a> om moeder Stanislas hiervan op de hoogte te brengen.</p>
<p>Uit zijn brieven aan de pastoor kunnen we begrijpen dat bisschop Waffelaert niet opgezet was met het eigenzinnige en nogal slordig handelen van moeder Stanislas. Zo had ze geen geschreven overeenkomst met de <em>Aalmoezeniers van de Arbeid </em>en bij de overname van de lagere school had ze met de plaatselijke pastoor Léon Robert<a title="" href="#_ftn10">[10]</a> afspraken gemaakt zonder de bisschop te raadplegen. Waffelaert verwachtte dat moeder overste hem voortaan vooraf zou raadplegen en om toelating vragen. Hij vond het heel pijnlijk om bepaalde zaken uit de mond van anderen<a title="" href="#_ftn11">[11]</a> te moeten vernemen, zo besloot hij zijn Latijnse brief aan pastoor Timmerman.</p>
<div style="width: 223px" class="wp-caption alignleft"><a href="https://picasaweb.google.com/lh/photo/I3itSAM3KScqgFk1zAoyjNMTjNZETYmyPJy0liipFm0?feat=embedwebsite"><img alt="" src="https://lh3.googleusercontent.com/-oSoxFcn7uv8/T7jGgiUsFpI/AAAAAAAAAU0/uY0MMTfJ8-Y/s288/014.MoederMarieHenriette.jpg" width="213" height="288" /></a><p class="wp-caption-text">Moeder Henriette (Archief Zusters H. Vincentius)</p></div>
<p>In 1900 werd moeder Henriette<a title="" href="#_ftn12">[12]</a> (Leonie Vanhoutte) algemene overste. Een kleine tien jaar bleef het rustig in La Docherie. Zuster Philomena (Maria Demuelenaere) was er plaatselijke overste sinds 1899. Ze overleed in 1907 op 43-jarige leeftijd en werd opgevolgd door Zuster Martine (Flavie Vandendriessche).</p>
<p>In april 1909 sloten moeder Henriette en pastoor Robert nog een overeenkomst<a title="" href="#_ftn13">[13]</a> – met een looptijd van negen jaar &#8211; over de verdeling van kosten en lasten van de plaatselijke lagere school en kloostergebouw en de vergoeding van de zusters voor hun werk in de school. Niets wijst er dus op dat de zusters van plan waren om La Docherie te verlaten. Belangrijk is dat deze overeenkomst nu ook medeondertekend werd door beide bisschoppen en dat bij mogelijke geschillen de bisschop van Brugge als scheidsrechter werd aangeduid. In tegenstelling tot haar voorgangster, ondernam moeder Henriette geen enkele stap zonder vooraf bisschop Waffelaert te raadplegen.</p>
<p>Het interne kloosterconflict dat blijkbaar toch al een paar jaren smeulde, barstte in alle hevigheid los in 1910.</p>
<div style="width: 586px" class="wp-caption aligncenter"><a href="https://picasaweb.google.com/lh/photo/NdFbyhcT22cDcCGuIyNWttMTjNZETYmyPJy0liipFm0?feat=embedwebsite"><img class="   " alt="" src="https://lh3.googleusercontent.com/-uhc0rs9Tqys/T7jGq0f_rtI/AAAAAAAAAVg/oFtctiiPznE/s640/LaDocherie-Zusters2.jpg" width="576" height="405" /></a><p class="wp-caption-text">Kortemarkse zusters van La Docherie in 1906. Staande van links naar rechts: Zr Margareta, Gaudentia, Flavie, Marie-Thérèse, Gabrielle en Crescentia (?) Zittend: Zr Ida, Hildegarde, moeder Philomena (?), Zr Odilia, Honorine, Cecilia. (Archief Zusters H. Vincentius)</p></div>
<p>Wie waren de hoofdrolspelers? De plaatselijke overste zuster Martine en haar dertien medezusters van wie er twee of drie, misschien zelfs vier, Franstalig<a title="" href="#_ftn14">[14]</a> waren, de algemene overste moeder Henriette, de bisschoppen van Brugge en Doornik en hun medewerkers en de lokale pastoor E.H. Léon Robert.</p>
<p>Het conflict nam dermate grote proporties aan dat moeder Henriette de zusters uiteindelijk voor de keuze stelde: terugkeren naar Kortemark of een afzonderlijke congregatie gaan vormen onder de exclusieve jurisdictie van de bisschop van Doornik. Op 23 januari 1910 moesten de zusters individueel hun keuze bekend maken.</p>
<p>Hoe was het zover kunnen komen?</p>
<div style="width: 206px" class="wp-caption alignleft"><a href="https://picasaweb.google.com/lh/photo/4C8u21NUhmyDm88RXlNr3dMTjNZETYmyPJy0liipFm0?feat=embedwebsite"><img alt="" src="https://lh3.googleusercontent.com/-mlDKdAQXYYw/T7jGtQzRV8I/AAAAAAAAAVw/nQ5bMvcJZg8/s288/RobertLeonChanoine2.jpg" width="196" height="288" /></a><p class="wp-caption-text">Pastoor Léon Robert van La Docherie</p></div>
<p>Allereerst willen we stellen dat het in het bijhuis om ontwikkelde mensen ging want twaalf zusters waren gediplomeerde onderwijzeressen. Het conflict was ontstaan rond de persoon van de plaatselijke overste, zuster Martine. Een medezuster omschreef haar als &#8220;<em>mondaine et dissipée&#8221;<a title="" href="#_ftn15"><strong>[15]</strong></a></em>. Men verweet haar verder dat ze nog steeds contact had met een zuster die door de algemene overste was weggestuurd. Aan haar kant stonden de zusters Praxède, Gabrielle en Germaine. Hoewel haar gedrag ergernis wekte bij de tien andere zusters, lijkt het er op dat haar groepje min of meer de steun genoot van pastoor Robert. Moeder Henriette van haar kant was de mening toegedaan dat het bij die vier veel meer te doen was om <em>&#8220;hunnen roep te verliezen en in de wereld terug te keeren&#8221;. </em></p>
<p>Tot een tweede groep van zes zusters behoorden de twee Franstalige zusters Ida en Marie-Thérèse. Die twee wilden koste wat het kost in La Docherie blijven en zich verder inzetten voor de lokale jeugd. &#8220;<em>Je suis wallonne, je ne puis rendre aucun service à Cortemarck&#8221;</em>, schreven ze uno sono aan bisschop Waffelaert. Moeder Henriette zag deze zes liever niet terugkeren naar Kortemark <em>&#8220;omdat zij geen den minsten religieuzen geest bezitten&#8221;.</em> Ze vreesde vooral dat ze de andere kloostergemeenschappen met hun mentaliteit zouden besmetten.</p>
<p>Een derde groep bestond uit vier zusters die al op 23 januari voor terugkeer naar Kortemark hadden gekozen. Op het einde van het schooljaar, in die tijd tot einde juli, keerden ze terug naar het hoofdklooster. De namen van twee zusters hebben we teruggevonden: Zr Dominique (Amelie Stroo die later algemene overste zou worden) en zuster Flavie (Clothilde Vanmassenhove). De eerste startte in oktober daaropvolgend als onderwijzeres in de lagere school van Kortemark en de tweede in Westende.</p>
<p>Half juli vernam de groep rond zuster Martine dat bisschop Walravens van Doornik niet van plan was om hen als afzonderlijke congregatie te erkennen <em>&#8220;[parce que] plusieurs soeurs avaient peu de soumisssion pour la Supérieure&#8221;<a title="" href="#_ftn16"><strong>[16]</strong></a></em>. De vier zusters wachtten het einde van het schooljaar niet af en verlieten meteen het klooster van La Docherie, weliswaar op eigen initiatief maar toch met medeweten van de pastoor die geen enkele poging ondernam om hen tegen te houden, integendeel<a title="" href="#_ftn17">[17]</a>. Daarop ontsloegen moeder Henriette en de bisschop van Brugge de vier van hun gelofte van gehoorzaamheid. Dit zou hen toelaten om binnen te treden in Averbode, in het aartsbisdom. Hun eerste reisbestemming was dan ook Mechelen.</p>
<div style="width: 586px" class="wp-caption aligncenter"><a href="https://picasaweb.google.com/lh/photo/mVz3eBbhsCmKr7slzmR-VtMTjNZETYmyPJy0liipFm0?feat=embedwebsite"><img class=" " alt="" src="https://lh3.googleusercontent.com/-ES4va7e_wHU/T7jG2HvWvHI/AAAAAAAAAWc/epoXyeX7ykA/s640/LaDocherie-48.jpg" width="576" height="329" /></a><p class="wp-caption-text">Archief Bisdom Brugge, Acta episcopi</p></div>
<p>De tweede groep van zes zusters bleef nu verweesd achter, zonder overste en zonder steun van de bisschop van Doornik die eigenlijk al besloten had om hen te vervangen door Franse zusters Ursulinen<a title="" href="#_ftn18">[18]</a>. Zoals gezegd wilde moeder Henriette hen liever niet terug in Kortemark. &#8220;<em>Parce qu&#8217;elle [craignait] des difficultés avec des religieuses habituées à ne plus obéir&#8221;, </em>zo schreef zuster Honorine aan de bisschop<em>.</em> Ook binnen de groep klikte het niet langer. Het was zuster Honorine die nu van gedacht veranderde en toch opteerde voor terugkeer naar Kortemark. <em>&#8220;La vie est devenue impossible</em>, schreef ze, <em>avec les esprits qui cherchent à dominer&#8221;.</em> <em>&#8220;Elle ne saurait vivre avec de pareils caractères&#8221;, </em>schreef op zijn beurt pastoor Robert aan de bisschop van Brugge, waarmee hij de vijf andere zusters bedoelde. Deze vijf stelden nu aan de bisschop van Brugge voor om alleen nog in de wijkscholen van La Docherie les te geven. Ze zouden hun klooster overlaten aan de Ursulinen en elders een burgerhuis huren. Kerkrechtelijk zouden ze verbonden blijven met het hoofdklooster van Kortemark maar er niet terugkeren. Dit laatste moest moeder Henriette over de streep trekken. Zo bleven de kool en de geit gespaard, dachten ze. Maar pastoor Robert was tegen. Vooreerst omdat zuster Honorine zou terugkeren naar Kortemark. Ten tweede, was er geen enkele van de vijf overblijvende zusters bekwaam om plaatselijk de leiding te nemen. Een nieuwe overste uit Kortemark zou er ook niet kunnen haar gezag vestigen, meende hij.</p>
<div style="width: 239px" class="wp-caption alignleft"><a href="https://picasaweb.google.com/lh/photo/jXmMAH4tQNKVyAw3rd_B59MTjNZETYmyPJy0liipFm0?feat=embedwebsite"><img class=" " alt="" src="https://lh4.googleusercontent.com/-L-Rfy8LxDsc/T7jGwtfB7PI/AAAAAAAAAV8/C28xcjzawg4/s400/LaDocherie-38.jpg" width="229" height="400" /></a><p class="wp-caption-text">Archief Bisdom Brugge, Acta episcopi</p></div>
<p>Het getouwtrek tussen moeder Henriette en de bisschoppen van Brugge en Doornik duurde nog tot in de maand augustus. Pastoor Robert bleef maar aandringen op een oplossing want het nieuwe schooljaar stond voor de deur. Hij had zeventien klassen waarvoor hij een leerkracht moest vinden.  Acht zusters hadden ondertussen al de parochie verlaten. Hij vroeg de Brugse bisschop dringend moeder Henriette onder druk te zetten: ofwel stuurde ze acht nieuwe gediplomeerde zusters ofwel zou hij het contract uit 1909 opzeggen en zouden de overblijvende zusters het kloostergebouw – eigendom van de parochie – moeten verlaten.</p>
<p>De bisschop van Brugge had al op 1 juli via zijn vicaris-generaal laten weten dat hij akkoord was met de afscheiding van het klooster van La Docherie. De bisschop van Doornik weigerde de communauteit als afzonderlijke congregatie te erkennen en vroeg hun vertrek uit La Docherie. Maar dat wilde hij niet met zoveel woorden gezegd hebben. In het onderhoud dat ze op 14 juli had op het bisdom Doornik, zou men zuster Cecilia toen nog verteld hebben <em>&#8220;que les anciennes sœurs continueraient à diriger les classes de La Docherie&#8221;<a title="" href="#_ftn19"><strong>[19]</strong></a>. </em>Even verbazend was het dat vicaris generaal Houtave van het bisdom Brugge op 8 augustus een modelbrief bezorgde aan moeder Henriette die zijzelf(!) naar de bisschop van Doornik moest sturen met volgende boodschap: <em>&#8220;Si Votre grandeur désire me renvoyer les Soeurs restées à la Docherie, je La prie de vouloir le leur faire savoir et de les assurer qu&#8217;elles trouveront bon accueil à Cortemarck&#8221;</em>.</p>
<p>Hoe eindigde dit triestig verhaal voor de verschillende zusters?</p>
<p>Van groep drie hoorden we niks meer. Dit waren de trouwe en brave soldaten die een opdracht kregen in een lagere school van de Kortemarkse congregatie.</p>
<p>Voor de groep rond de vroegere overste Martine liep het enigszins anders af. Zuster Praxède (Zulma Vanlerberghe), zuster Gabrielle (Juliette Charles) en zuster Germaine (Julia Deboyser) kwamen terecht in een ander klooster van het <em>&#8220;</em>Walenland<em>&#8220;</em>. Overste Martine (Flavie Vandendriessche) werd noch in Averbode noch in Heverlee aanvaard. Moeder Henriette zou dat verhinderd hebben, schreef Martine een jaar later aan de Brugse bisschop. Vicaris Houtave vond die beschuldiging onterecht. Zuster Martine kon niet anders dan terug &#8220;wereldlijke<em>&#8221; </em>worden. Ze woonde in Ternat waar ze een huis huurde.</p>
<div style="width: 225px" class="wp-caption alignleft"><a href="https://picasaweb.google.com/lh/photo/V24xYPl1lsBtOxLGgEmZJNMTjNZETYmyPJy0liipFm0?feat=embedwebsite"><img alt="" src="https://lh6.googleusercontent.com/-SyCY209OhDo/T7jGgkiDRdI/AAAAAAAAAUw/0z8Q5toglW4/s288/095-ZrIda.jpg" width="215" height="288" /></a><p class="wp-caption-text">Zuster Ida Kausse (Archief Zusters H. Vincentius)</p></div>
<p>Uiteindelijk werd de groep die in La Docherie achterbleef, in augustus 1910 teruggeroepen. Dit was zoals gezegd, erg tegen de zin van moeder Henriette die ze liever had zien vertrekken naar een andere congregatie of zelfs uittreden. Zuster Cecilia (Eugenie Beernaert), zuster Honorine (Zulma Vermeulen) en zuster Odilia (Marie-Louise Degraeve) startten het nieuwe schooljaar in een Kortemarkse lagere school. Zuster Ida (Marie-Louise Kausse), die niet gediplomeerd was maar goed kon koken, werd in 1912 praktijklerares huishoudkunde aan de Landbouwhuishoudschool en later aan de Kostschool van Kortemark. Zuster Margareta<a title="" href="#_ftn20">[20]</a> die toen al 58 jaar was, werd naar het bijhuis van Haringe gestuurd waar ze na een week al weer vertrok. Ze verbleef een tijdje bij haar zus in Diksmuide en trad later definitief uit. Van de andere Franstalige zuster Marie-Thérèse hebben we geen verdere gegevens gevonden zodat we veronderstellen dat ze is uitgetreden of naar een andere congregatie overgegaan.</p>
<p>Waar lagen de verantwoordelijkheden voor dit ongelukkig gebeuren? In elk geval bij de houding van de plaatselijke overste zuster Martine die zorgde voor ergernis en verdeeldheid. Later gaf ze zelf toe tegenover de bisschop dat ze &#8220;gefaald had&#8221;. Enkele dominante zusters en botsende karakters dreven blijkbaar het conflict ten top.</p>
<p style="text-align: center;"><a href="https://picasaweb.google.com/lh/photo/wibAaVUcwRBC3GewqwqVZtMTjNZETYmyPJy0liipFm0?feat=embedwebsite"><img class="aligncenter" alt="" src="https://lh5.googleusercontent.com/-nmmbmyqgHpA/T7jGsE-k1_I/AAAAAAAAAVk/zRs4Qext9kQ/s800/PaysNoir2.jpg" width="548" height="340" /></a></p>
<p>Ook de twee bisschoppen talmden. Die van Doornik liet de zaak verrotten hoewel hij begin juli al had beslist dat alle zusters van Kortemark plaats zouden moeten maken voor Franse Ursulinen. Er schortte ook iets aan het contact tussen hen beiden. Bisschop Waffelaert communiceerde met zijn Doornikse collega via tussenpersonen: vicaris Houtave en moeder Henriette. De gedeelde kerkelijke jurisdictie<a title="" href="#_ftn21">[21]</a> heeft de oplossing van het conflict zeker niet vergemakkelijkt.</p>
<p>Van Mgr Walravens hebben we geen enkele brief i.v.m. het dossier La Docherie teruggevonden. Wat we van zijn optreden konden achterhalen, komt uit de briefwisseling van de andere hoofdrolspelers. Daaruit blijkt dat hij niet altijd in zijn kaarten liet kijken. Eind juni<a title="" href="#_ftn22">[22]</a> nog beweerde zijn visitator van de kloosters, Kan. Buisseret, dat het bisdom Doornik niet op de hoogte was van de situatie in het klooster van La Docherie die toen toch al enkele maanden aan het verslechteren was. Dat Walravens niets wist gaat zeker niet meer op voor de periode na 1 juli. Toen bracht vicaris Houtave van Brugge er hem officieel van op de hoogte dat de bisschop van Brugge akkoord ging met de opsplitsing van het klooster. Op 14 juli kreeg Zr Cecilia in Doornik nog te horen dat de Kortemarkse zusters mochten blijven, zo lezen we in de brief<a title="" href="#_ftn23">[23]</a> van pastoor Robert aan de Brugse bisschop. Maar terzelfdertijd vermeldt de pastoor dat de Franse Ursulinen al de dag voordien, op woensdag 13 juli, op verkenning waren geweest in La Docherie. Zouden de Ursulinen die stap gezet hebben zonder instemming of medeweten van Mgr Walravens?</p>
<p>Ook moeder Henriette bleef te lang aan de zijlijn. <em>&#8220;Je souhaiterais voir mère Henriette apporter un peu plus de diligence<a title="" href="#_ftn24"><strong>[24]</strong></a> pour en finir avec cette terrible situation&#8221;</em>, schreef pastoor Robert op 15 juli naar Brugge. Moeder Henriette wachtte nog anderhalve maand op het &#8220;bevel&#8221; van de bisschop van Brugge hoewel die al eind juni <em>&#8220;les permissions nécessaires&#8221; </em>had gegeven<a title="" href="#_ftn25">[25]</a>. In feite wachtte zij gewoon af hopend dat de overgebleven zusters van La Docherie zouden uittreden of bij een andere congregatie aansluiten.</p>
<div style="width: 410px" class="wp-caption alignleft"><a href="https://picasaweb.google.com/lh/photo/5JUEI3fTKvFXw7w907892tMTjNZETYmyPJy0liipFm0?feat=embedwebsite"><img class=" " alt="" src="https://lh4.googleusercontent.com/-dOOD5VdXTsI/T7jGlx1sxqI/AAAAAAAAAVY/styOfVOgx6I/s400/LaDocherie-Schoolgebouw.jpg" width="400" height="249" /></a><p class="wp-caption-text">School van La Docherie</p></div>
<p>De brief van 24 juli 1910 van zuster Cecilia aan bisschop Waffelaert zegt vooral iets over de manier waarop een overste in die tijd omging met de gewone zusters en hoe zij bij hen overkwam:<em> </em><em>&#8220;Mère Henriette ne laisse jamais parler ses inférieures quand elle fait ses visites. </em><em>Quand on veut dire un mot qu’on croit devoir dire en conscience, on reçoit pour réponse: ‘Une bonne religieuse ne se plaint jamais de sa supérieure et qu’elle ne trouve rien à critiquer, elle doit être dessus de tout ça&#8217;. Monseigneur, je vais vous l’avouer sincèrement, j’ai peur de la très révérende mère, plus que la mort, elle est terrible, j’aurais dû malgré tout lui dire la conduite de mère Martine&#8221;</em>. In een ongedateerd schrijven aan dezelfde bisschop schrijft Zr Ida (Marie-Louise Kausse): <em>&#8220;Notre paisible couvent de La Docherie, qui a toujours été un véritable ciel, a été troublé par notre supérieure [mère Martine] qui était mondaine et dissipée et comme inférieure nous avons dû nous taire (…)&#8221;. </em></p>
<div style="width: 410px" class="wp-caption alignleft"><a href="https://picasaweb.google.com/lh/photo/Fq-CehaoO4duHhKKdq6iPdMTjNZETYmyPJy0liipFm0?feat=embedwebsite"><img alt="" src="https://lh6.googleusercontent.com/-JDGgUWPptH4/T7jGiK19ASI/AAAAAAAAAVI/efp7xkAtZBQ/s400/Docherie-Eglise.jpg" width="400" height="251" /></a><p class="wp-caption-text">Kerk van La Docherie</p></div>
<p>Moeder Henriette heeft duidelijk veel te veel en veel te lang vertrouwd op de plaatselijke overste en onvoldoende het latente ongenoegen ingeschat. Haar vermoeden, dat de overgebleven zusters van La Docherie &#8220;<em>niet den minsten religieuzen geest&#8221; </em>bezaten, gaat zeker niet op voor vier van de zes zusters die achteraf een heel normaal kloosterleven hebben geleid en op hoge leeftijd en in geur van heiligheid in het hoofdklooster zijn overleden.</p>
<p>De toekomst van het vrij onderwijs in La Docherie is de rode draad doorheen het verhaal. Het nieuwe schooljaar staat voor de deur en er zijn onvoldoende onderwijzeressen. De bevolking verlangt wel dat de zusters blijven maar de socialisten en de &#8220;scholen zonder God&#8221; verkneukelen zich vanop een afstand.</p>
<p>De kwestie had ook financiële en juridische gevolgen. Vermits er in die tijd nog geen VZW-wetgeving bestond, waren de klooster- en schoolgebouwen privé-bezit van de zusters. Zo was zuster Martine mede-eigenaar van de gebouwen in het bijhuis van Haringe. Een nieuwe notariële akte moest deze zaak rechttrekken, wat kosten meebracht voor de congregatie. En wat met de geldelijke middelen van de zusters die uittraden? Als ze hun &#8220;<em>dote</em>&#8220;<a title="" href="#_ftn26">[26]</a> niet terugvroegen, vroegen ze wel hun persoonlijk geld (12 360 BEF plus de intrest voor zuster Martine) terug dat ze bij hun intreden in &#8220;<em>dépôt</em>&#8221; hadden gegeven. Het bisdom ging akkoord dat ze deze som integraal terugkregen maar dan alleen met intrest vanaf de dag van hun vertrek uit de congregatie. Vervolgens rees de vraag omtrent de studiekosten van die zusters. Ze hadden hun onderwijsdiploma immers behaald toen ze al in het klooster waren. Zuster Martine vroeg zelfs een vergoeding voor de jaren die ze in het klooster had gewerkt! Dit werd prompt geweigerd door het bisdom: <em>&#8220;aangezien krachtens uw profes zelf, gij u verbonden hebt te werken uit zuivere christelijke liefdadigheid&#8221;, </em> schreef vicaris generaal Houtave.</p>
<p>Uiteindelijk zijn acht zusters naar Kortemark teruggekeerd en zes zijn uitgetreden of overgegaan naar een andere congregatie:</p>
<table border="1" cellspacing="0" cellpadding="0">
<thead>
<tr>
<td valign="top" width="92">
<p align="center"><strong>Kloosternaam</strong></p>
</td>
<td valign="top" width="98">
<p align="center"><strong>Wereldlijke naam</strong></p>
<p align="center"><strong>Geboorte – overlijden</strong></p>
</td>
<td valign="top" width="78">
<p align="center"><strong>In La Docherie vanaf</strong></p>
</td>
<td valign="top" width="50">
<p align="center"><strong>Terug naar Kortemark</strong></p>
</td>
<td valign="top" width="143">
<p align="center"><strong>Achteraf</strong></p>
</td>
</tr>
</thead>
<tbody>
<tr>
<td valign="top" width="92">zuster Dominique</td>
<td valign="top" width="98">Amelie Stroo1869 – 1930</td>
<td valign="top" width="78">oktober 1908</td>
<td rowspan="4" valign="top" width="50">
<p align="center">juli 1910</p>
</td>
<td valign="top" width="143">onderwijzeres Kortemark oktober 1910;algemeen overste 1922 &#8211; 1928</td>
</tr>
<tr>
<td valign="top" width="92"><span style="text-decoration: underline;">zuster Flavie</span><a title="" href="#_ftn27"><span style="text-decoration: underline;"><span style="text-decoration: underline;">[27]</span></span></a></td>
<td valign="top" width="98">Clothilde Vanmassenhove1877 – 1954</td>
<td valign="top" width="78">oktober 1897</td>
<td valign="top" width="143">onderwijzeres Westende oktober 1910</td>
</tr>
<tr>
<td valign="top" width="92">N.N.<a title="" href="#_ftn28">[28]</a></td>
<td valign="top" width="98">?</td>
<td valign="top" width="78">?</td>
<td valign="top" width="143">?</td>
</tr>
<tr>
<td valign="top" width="92">N.N.</td>
<td valign="top" width="98">?</td>
<td valign="top" width="78">?</td>
<td valign="top" width="143">?</td>
</tr>
<tr>
<td colspan="5" valign="top" width="461"></td>
</tr>
<tr>
<td valign="top" width="92"><span style="text-decoration: underline;">zuster Cecilia (Cécile)</span></td>
<td valign="top" width="98">Eugenie Beernaert1865 – 1948</td>
<td valign="top" width="78">oktober 1899</td>
<td rowspan="6" valign="top" width="50">
<p align="center">augustus 1910</p>
</td>
<td valign="top" width="143">onderwijzeres Kortemark oktober 1910</td>
</tr>
<tr>
<td valign="top" width="92"><span style="text-decoration: underline;">zuster Honorine</span></td>
<td valign="top" width="98">Julma Vermeulen1879 – 1966</td>
<td valign="top" width="78">september 1905</td>
<td valign="top" width="143">onderwijzeres Kortemark oktober 1910</td>
</tr>
<tr>
<td valign="top" width="92"><span style="text-decoration: underline;">zuster Odilia</span></td>
<td valign="top" width="98">Marie-Louise Degraeve1874 – 1961</td>
<td valign="top" width="78">oktober 1900</td>
<td valign="top" width="143">onderwijzeres Kortemark oktober 1910</td>
</tr>
<tr>
<td valign="top" width="92"><span style="text-decoration: underline;">zuster Ida</span></td>
<td valign="top" width="98">Marie-Louise Kausse1873 – 1961</td>
<td valign="top" width="78">eind 1904 ?</td>
<td valign="top" width="143">lerares koken Landbouwhuishoudschool vanaf 1912, nadien idem Kostschool</td>
</tr>
<tr>
<td valign="top" width="92"><span style="text-decoration: underline;">zuster Margareta</span></td>
<td valign="top" width="98">1852- ?</td>
<td valign="top" width="78">?</td>
<td valign="top" width="143">uitgetreden oktober 1910</td>
</tr>
<tr>
<td valign="top" width="92"><span style="text-decoration: underline;">zuster Marie-Thérèse</span></td>
<td valign="top" width="98">?</td>
<td valign="top" width="78">?</td>
<td valign="top" width="143">?</td>
</tr>
<tr>
<td colspan="5" valign="top" width="461"></td>
</tr>
<tr>
<td valign="top" width="92">zuster Martineplaatselijke overste</td>
<td valign="top" width="98">Flavie Vandendriessche1874- ?</td>
<td valign="top" width="78">1907<a title="" href="#_ftn29">[29]</a> ?</td>
<td valign="top" width="50"></td>
<td valign="top" width="143">verliet La Docherie op eigen initiatief in juli 1910, nadien uitgetreden</td>
</tr>
<tr>
<td valign="top" width="92">zuster Praxède</td>
<td valign="top" width="98">Zulma Vandenberghe</td>
<td valign="top" width="78">1907 of later ?</td>
<td rowspan="3" valign="top" width="50"></td>
<td rowspan="3" valign="top" width="143">verlieten La Docherie op eigen initiatief in juli 1910, nadien overgegaan naar Waalse congregatie</td>
</tr>
<tr>
<td valign="top" width="92"><span style="text-decoration: underline;">zuster Gabrielle</span></td>
<td valign="top" width="98">Juliette Charles</td>
<td valign="top" width="78">?</td>
</tr>
<tr>
<td valign="top" width="92">zuster Germaine</td>
<td valign="top" width="98">Julia Deboyser</td>
<td valign="top" width="78">1907 of later ?</td>
</tr>
</tbody>
</table>
<p>&nbsp;</p>
<p align="right">© John Aspeslagh, Kortemark<br />
16 februari 2012</p>
<div>
<p>&nbsp;</p>
<hr align="left" size="1" width="33%" />
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref1">[1]</a> Zie DENECKERE (B.), <em>150 jaar Margareta-Maria-Instituut Kortemark</em> (Kortrijk, 1988), p. 57-59.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref2">[2]</a> Rond 1955 zou nog een stichting volgen in Braine-le-Comte waar de zusters werkzaam waren in de plaatselijke kliniek. Ook die vestiging is ondertussen opgegeven.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref3">[3]</a> Correspondentie tussen 30 juni 1910 en 27 juni 1911 bewaard in Parochiebundel F207 van het Bisschoppelijk Archief in Brugge.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref4">[4]</a> <em>Register van de religieuzen sedert de stichting van de Congregatie</em> en de <em>Dienstaat van het onderwijzend personeel behoorend tot het schoolklooster van Cortemarck; La Docherie</em> in Fotoboek II, <em>Scholen en bijhuizen</em>, p. 64.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref5">[5]</a> Zie CASTELEIN (L.), <em>Klooster van de H. Vincentius à Paulo </em>in <em>Heemkundige Kring &#8220;Crekel Beke&#8221; Kortemark</em>, Jaarboek 2001, p. 69-134.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref6">[6]</a> E-mailverkeer tussen november 2011 en februari 2012 met mevrouw Caroline Honnoré, archivaris bisdom Doornik. Foto Mgr Walravens afkomstig uit dit archief.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref7">[7]</a> Archief bisdom Brugge (ABB), <em>Acta</em>, 23 februari, 12 en 14 november 1898.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref8">[8]</a> De congregatie van de <em>Aalmoezeniers van de Arbeid &#8211; les Aumôniers du Travail</em> (<em>Missionarii Opificum</em>) werd in 1894 gesticht te Seraing door Theofiel Reyn (1860-1941) die zich de wantoestanden van de arbeiders aantrok. Geïnspireerd door <em>Rerum Novarum </em>begon hij sociaal werk in arbeiderswijken van Seraing waar hij een <em>Hôtellerie</em> oprichtte waar arbeiders onderkomen, voedsel en godsdienstige begeleiding kregen. Deze arbeiders waren dikwijls Vlaamse inwijkelingen. De <em>Hôtellerie Saint-Antoine</em> van La Docherie werd geopend in mei 1898; zie EGGERICKX (T.) en SANDERSON (J.P.), <em>Histoire de la population de la Belgique et de ses territoires</em> in <em>Actes de la Chaire Quetelet</em> (UCL, 2005), p. 354; GROOTAERS (D.) et TILMAN (F.), <em>Un projet novateur dans le courant du catholicisme social: l&#8217;Ecole des Arts et Métiers à Pierrard</em> in <em>La croix et la bannière. Les catholiques en Luxembourg de Rerum Novarum à Vatican II</em> (Bastogne, 2005), p. 187 en volgende.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref9">[9]</a> De pastoor van Kortemark was belast met de geestelijke begeleiding van de zusters. Pas in 1905 kregen de zusters een eigen voltijdse geestelijk bestuurder.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref10">[10]</a> Kanunnik Léon Robert (Courcelles, °1858 – La Docherie, +1951) werd priester gewijd in 1882 en was pastoor in La Docherie van 1892 tot 1945.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref11">[11]</a> &#8220;<em>Sorores etiam sciant quam aegre feram, me similia ignorare debere et ex ore alienorum addiscere</em>&#8220;.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref12">[12]</a> Zie B. DENECKERE, <em>o.c.</em>, p. 73-76.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref13">[13]</a> ABB, Acta, 1909, 78bis. Handschrift is van moeder Henriette en identiek met dat van haar briefwisseling in de Landbouwhuishoudschool.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref14">[14]</a> In elk geval zuster Ida (Marie-Louise Kausse, geboren te Roux bij Charleroi in 1873) en zuster Marie-Thérèse van wie we geen biografische gegevens hebben gevonden. Beiden noemen zich &#8220;<em>wallonne</em>&#8220;. Zuster Cecilia (Eugenie Beernaert) was geboren te Roubaix in 1865 en mogelijk ook Franstalig van thuis uit. Zuster Ida was waarschijnlijk de &#8220;<em>cuisinière</em>&#8221; waarvan sprake in een brief. Het feit dat de ouders van één van die Franstalige zusters in La Docherie woonden, maakte de situatie nog moeilijker. Die wisten wat er gebeurde in het klooster en vertelden alles rond in gemeente, schreef pastoor Robert op 30 juli aan bisschop Waffelaert.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref15">[15]</a> &#8220;Werelds en frivool, licht&#8221;.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref16">[16]</a> Brief dd 15 juli 1910 van pastoor Léon Robert aan bisschop Waffelaert.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref17">[17]</a> <em>&#8220;Il a été nécessaire pour nous de quitter la Docherie (Sœur Praxède et moi). A cause des disputes de celles qui ne nous suivent pas, monsieur le Curé a poussé les Soeurs Gabrielle et Germaine à partir aussi le plus vite possible&#8221;</em>; brief uit Mechelen dd 17 juli 1910 van zuster Martine aan Mgr Waffelaert.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref18">[18]</a> Ten gevolge van de Franse antikloosterwetten (1901 en 1904) van Emile Combes, weken heel wat religieuze congregaties uit naar België; zie bv. MOEYS (H.), <em>De zwarte invasie</em> in <em>KADOC-Nieuwbrief</em> 2011/6. De Ursulinen die zich in 1910 in La Docherie vestigden, waren afkomstig van Montfort-sur-Meu (departement Ille et Vilaine). Ze bleven in La Docherie tot 1937. De Ursulinen die naar België kwamen, waren voornamelijk afkomstig uit het Westen van Frankrijk en uit Bretagne;</p>
<p>zie www.ursulines.union.romaine.catholique.fr, <em>Vie Ursuline en France et en Belgique au 19e siècle et au début du 20e siècle. </em></p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref19">[19]</a> Brief dd 15 juli 1910 van pastoor Léon Robert aan bisschop Waffelaert.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref20">[20]</a> Van de zusters Margareta en Marie-Thérèse vonden we de wereldlijke naam niet terug.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref21">[21]</a> Territoriaal en parochiaal de bisschop van Doornik; wat de leefregel en kloosteraangelegenheden betreft, de bisschop van Brugge.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref22">[22]</a> Brief dd 30 juni van zuster Martine aan bisschop Waffelaert.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref23">[23]</a> Brief dd 15 juli 1910.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref24">[24]</a> IJver.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref25">[25]</a> Brief van zuster Martine dd 30 juni.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref26">[26]</a> Bruidschat bij het intreden in het klooster.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref27">[27]</a> De zusters van wie de naam is onderstreept, komen voor op de groepsfoto.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref28">[28]</a> Mogelijk zuster Crescentia (Emma Yperman, 1868-1919) die voorkomt op de groepsfoto. Geen verdere gegevens gevonden.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref29">[29]</a> De zusters Martine, Praxède en Germaine komen niet voor op de groepsfoto. Zr Honorine kwam in september 1905 toe in La Docherie en Zr Gaudentia verliet La Docherie ten laatste eind september 1907 om schoolhoofd te worden  in Westkapelle. Vermits die twee zusters op de groepsfoto voorkomen, is die dus genomen tussen deze twee data. Op de eerste rij zit waarschijnlijk ook moeder Philomena, overleden op 22 juli 1907. De opname werd dus vermoedelijk gemaakt in 1906, in de serre (?) van het klooster.</p>
</div>
</div>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://siagrius.be/siagrius/?feed=rss2&#038;p=800</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Plannen voor twee provinciale landbouwscholen in Kortemark afgelast</title>
		<link>http://siagrius.be/siagrius/?p=421</link>
		<comments>http://siagrius.be/siagrius/?p=421#comments</comments>
		<pubDate>Sun, 06 May 2012 08:35:45 +0000</pubDate>
		<dc:creator><![CDATA[Siagrius]]></dc:creator>
				<category><![CDATA[Kortemark Geschiedenis]]></category>
		<category><![CDATA[handzame]]></category>
		<category><![CDATA[kortemark]]></category>
		<category><![CDATA[landbouwonderwijs]]></category>
		<category><![CDATA[provincie west-vlaanderen]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://siagrius.be/siagrius/?p=421</guid>
		<description><![CDATA[Na de Eerste Wereldoorlog begon het provinciebestuur eindelijk aandacht te hebben voor het landbouwonderwijs. Landbouw was toen immers de voornaamste economische activiteit van onze provincie. De plotse belangstelling voor subsidiëring van het landbouwonderwijs was dan ook ingegeven door motieven “van &#8230; <a href="http://siagrius.be/siagrius/?p=421">Continue reading <span class="meta-nav">&#8594;</span></a>]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<div style="width: 535px" class="wp-caption aligncenter"><a href="https://picasaweb.google.com/lh/photo/oYAtx5YAEL2En1jsROsf5tMTjNZETYmyPJy0liipFm0?feat=embedwebsite"><img class=" " alt="" src="https://lh3.googleusercontent.com/-GpUx5d64dCM/T6RntALCFMI/AAAAAAAAAKQ/-Q6iygDlQLs/s640/029-3-6464-IMG_1002.jpg" width="525" height="640" /></a><p class="wp-caption-text">De 29 percelen die de provincie verkocht in januari 1924. Archief provincie West-Vlaanderen.</p></div>
<p>Na de Eerste Wereldoorlog begon het provinciebestuur eindelijk aandacht te hebben voor het landbouwonderwijs. Landbouw was toen immers de voornaamste economische activiteit van onze provincie. De plotse belangstelling voor subsidiëring van het landbouwonderwijs was dan ook ingegeven door motieven <em>“van gewestelijken invloed”</em>, m.a.w. economische motieven: steun aan opleidingen die bijdroegen tot de welvaart en de ontwikkeling van de streek.</p>
<p><span id="more-421"></span></p>
<p>Na de wapenstilstand van 1918 had de provincie gronden aangekocht in Kortemark en Handzame om er respectievelijk een landbouwschool voor jongens en een landbouwhuishoudschool voor meisjes op te richten<a title="" href="#_ftn1">[1]</a>. De twee hoeven – samen zo&#8217;n 42 hectare, aangekocht voor een bedrag van 151 373 BEF &#8211; waren gelegen op de wijk Amersvelde, aan beide kanten van de Schaak- of Zandstraat, vlak op de gemeentegrens. Deze straat (tegenwoordig Aarsdamstraat) strekte zich toen uit van de huidige Spondestraat tot aan aan de Amersveldestraat en werd alleen doorkruist door de Krekebeek en de spoorweg De Panne – Gent<a title="" href="#_ftn2">[2]</a>.</p>
<p>In 1922 veranderde het provinciebestuur plots het geweer van schouder. In de schoot van de provincieraad werd een <em>Bijzondere commissie</em> opgericht om voorstellen uit te werken voor de toekomst van het provinciaal landbouwonderwijs. In de vergadering van 25 april 1922<a title="" href="#_ftn3">[3]</a>, onder voorzitterschap van de heer De Laey<a title="" href="#_ftn4">[4]</a>, formuleerde de commissie volgend voorstel: het provinciebestuur zou verzaken aan de oprichting van eigen nieuwe instellingen. In plaats daarvan zou ze twee bestaande scholen “<em>aannemen</em>”, wat financieel voordeliger was:</p>
<p><em>“1° Enkel twee provinciale scholen van middelbaar onderwijs zouden tot stand gebracht worden; hetzij: eene voor knechten en eene voor meisjes.</em></p>
<p><em>2° Deze scholen zouden gehecht worden aan reeds bestaande onderwijsgestichten; op voorwaarde dat deze in het midden der provincie gelegen zijn en een gemakkelijk verkeer per ijzerweg aanbieden. Het college van Rousselaere voor de knechten en de kostschool van Cortemarck voor meisjes bieden op bijzondere wijze die gewenschte ligging aan [...].”</em></p>
<p>Uiteraard waren er voorwaarden: het volgen van een goedgekeurd leerplan, het naleven van de wettelijke reglementering o.a. wat betreft bekwaamheidsbewijzen van het onderwijzend personeel, toezicht door de provincie via inspectie en aanwezigheid van twee afgevaardigden in het <em>bijzonder schoolcomiteit</em><a title="" href="#_ftn5"><em><strong>[5]</strong></em></a>, het ter beschikking stellen van lokalen en van didactisch materieel voor bijzondere landbouwleergangen of voor voordrachten gepatroneerd door de provincie. Het provinciebestuur zou daarnaast met <em>“hulpgelden”</em> over de brug komen voor de oprichting en het onderhoud van de gebouwen en voor de bezoldiging van het onderwijzend personeel. De plannen voor nieuwbouw of verbouwing moesten vooraf worden goedgekeurd door de bijzondere <em>Provinciale Landbouwcommissie</em>.</p>
<p>De gronden die de provincie voordien had aangekocht, zou ze nu verkopen. Hieraan ging in juli 1923 een debat in de provincieraad vooraf. De vrijzinnigen wilden het eigendom behouden om er later toch een echte provinciale landbouwschool in te richten. Andere afgevaardigden overwogen om er een <em>&#8220;sanatorium voor teringlijders&#8221; </em>in onder te brengen. Het eigendom werd opgedeeld in 29 percelen en in januari 1924 openbaar verkocht door notaris Tommelein van Kortemark<a title="" href="#_ftn6">[6]</a>.</p>
<p>Met steun van de provincie zetten de zusters aan de Handzamestraat een <a title="Foto's bouw en inhuldiging" href="http://education.skynet.be/archiefmmi/Wederopbouw1920/index.html" target="_blank">nieuw gebouw voor hun Landbouwhuishoudschool</a> dat in 1923 in gebruik werd genomen. Tegenwoordig is dit de administratieve vleugel van het Margareta-Maria-Institutuut.</p>
<div style="width: 586px" class="wp-caption aligncenter"><a href="https://picasaweb.google.com/lh/photo/fdInDW7GLJkFTeE8IevaYNMTjNZETYmyPJy0liipFm0?feat=embedwebsite"><img class="  " alt="" src="https://lh3.googleusercontent.com/-ybj_XPMDnL0/T6Rng-cDK6I/AAAAAAAAAKQ/9Rw-GF8WloM/s640/032-KasteelInOpbouw1923.jpg" width="576" height="354" /></a><p class="wp-caption-text">Werf van de Landbouwhuishoudschool in 1923. Schoolarchief MMI.</p></div>
<p>© John Aspeslagh</p>
<div>
<p>&nbsp;</p>
<p><span style="color: #ff0000;">Deze bijdrage maakt deel uit van</span></p>
<p><span style="color: #ff0000;"><em>Dertig jaar uit het rijke leven van een plattelandspensionaat<br />
Kostschool en Landbouwhuishoudschool van Kortemark<br />
1926 – 1956</em></span></p>
<p><a href="http://siagrius.be/siagrius/?p=6419"><span style="color: #ff0000;">Gepubliceerd in oktober 2013</span></a></p>
<p>&nbsp;</p>
<hr align="left" size="1" width="33%" />
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref1">[1]</a> Zie SCHEPENS (L.), <em>De provincieraad van West-Vlaanderen 1921/1978</em> (Tielt, 1979), blz. 116. Schepens spreekt van twee <em>&#8220;landbouw<span style="text-decoration: underline;">huishoud</span>scholen&#8221;</em>. Dit is uiteraard niet correct.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref2">[2]</a> De Staatsbaan zou pas in 1936 worden aangelegd.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref3">[3]</a> Schoolarchief MMI (AMMI), doorslag van het <em>Verslag van de Bijzondere Commissie Provinciale Middelbare Landbouwscholen van West-Vlaanderen</em>, dd 25 april 1922.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref4">[4]</a> Désiré De Laey (1843-1924), landbouwer, burgemeester van Hooglede en provincieraadslid. Hij staat bekend als weldoener van het plaatselijk katholiek onderwijs te Hooglede. Vanaf 1905 was hij voorzitter van de <em>Provinciale landbouwcommissie. </em>Hij bezat ook eigendommen in Kortemark en in Handzame; zie SCHEPENS (L.), <em>De provincieraad van West-Vlaanderen 1836/1921</em> (Tielt, 1976), p. 456-57; <em>ODIS</em> onder <em>De Laey Omer</em>. Moeder overste Henriette van de zusters van de H. Vincentius had ondertussen al haar nood geklaagd in een schrijven (AMMI, Schrift V, p. 63-64) gericht aan de Heren Désiré De Laey en Jean Joseph Verhaeghe van de <em>Provinciale Middelbare Landbouwcommissie</em>. Het is echter een ander commissielid, nl. Jozef Van den Berghe, die de subsidiëring zou verdedigen tijdens de zitting van de voltallige <em>Provinciale Raad</em> van 13 juli 1922.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref5">[5]</a> Later <em>Commissie van bestuur</em> genoemd.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref6">[6]</a> Zie Archief Provincie West-Vlaanderen (APWV), 3/6464.</p>
</div>
</div>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://siagrius.be/siagrius/?feed=rss2&#038;p=421</wfw:commentRss>
		<slash:comments>2</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>August Benoot, priester, legeraalmoezenier, leraar, literator, provocateur en rebel op latere leeftijd</title>
		<link>http://siagrius.be/siagrius/?p=336</link>
		<comments>http://siagrius.be/siagrius/?p=336#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 04 May 2012 10:17:59 +0000</pubDate>
		<dc:creator><![CDATA[Siagrius]]></dc:creator>
				<category><![CDATA[Kortemark Geschiedenis]]></category>
		<category><![CDATA[Oostende geschiedenis]]></category>
		<category><![CDATA[august benoot]]></category>
		<category><![CDATA[college oostende]]></category>
		<category><![CDATA[landbouwhuishoudschool kortemark]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://siagrius.be/siagrius/?p=336</guid>
		<description><![CDATA[Poperingenaar August Benoot werd geboren in 1889 en priester gewijd in 1913. Vooraleer hij in 1931 in Kortemark werd benoemd als geestelijk directeur van de Zusters van de H.Vincentius, was hij achtereenvolgens leraar aan het Onze-Lieve-Vrouwecollege van Oostende[1], legeraalmoezenier tijdens &#8230; <a href="http://siagrius.be/siagrius/?p=336">Continue reading <span class="meta-nav">&#8594;</span></a>]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p>Poperingenaar August Benoot werd geboren in 1889 en priester gewijd in 1913. Vooraleer hij in 1931 in Kortemark werd benoemd als geestelijk directeur van de Zusters van de H.Vincentius, was hij achtereenvolgens leraar aan het Onze-Lieve-Vrouwecollege van Oostende<a title="" href="#_ftn1">[1]</a>, legeraalmoezenier tijdens WO I en onderpastoor in Woesten en Oudenburg. Hij zette zich ook in voor de Kortemarkse Kostschool en Landbouwhuishoudschool en stond achter de oprichting van de tuinbouwafdeling die hij promootte in een krantenartikel. Hij werkte ook mee aan het schooltijdschrift <em>Klokje </em>dat tijdens zijn directeurschap van drukkerij veranderde: zijn eigen huisdrukker Sansen<a title="" href="#_ftn2">[2]</a> uit Poperinge zou tot na WO II drukker van <em>Klokje </em>blijven<em>.</em></p>
<div id="attachment_117" style="width: 864px" class="wp-caption aligncenter"><a href="http://siagrius.be/siagrius/wp-content/uploads/2012/04/Deleersnijder02-1920.jpg"><img class="size-full wp-image-117" title="Deleersnijder02-1920" alt="" src="http://siagrius.be/siagrius/wp-content/uploads/2012/04/Deleersnijder02-1920.jpg" width="854" height="408" /></a><p class="wp-caption-text">Lerarenkorps college Oostende in 1920. Benoot is de tweede van links. Bron: HOUWEN (R.), Een collegemeester vertelt. Oostende, 1979.</p></div>
<p><span id="more-336"></span></p>
<p><a title="Hoger op naar deugd en wijsheid" href="http://siagrius.be/siagrius/?p=6419">Over zijn vierjarig verblijf te Kortemark</a> vonden we een getuigenis van moeder Anastasie, de latere algemene overste van de zusters:</p>
<p><em>&#8220;Priester A. Benoot was goed aanvaard in onze congregatie, maar de tijd was te kort om te kunnen spreken van stempel slaan. De reden van zijn heengaan? Niemand van de nog overlevende Zusters weet het precies. Het was toen al zo gesluierd en mysterieus. Als piep-jonge Zuster heb ik die vrome Priester goed gekend: intellektueel, zeer sympathiek, vol humor en echt aangenaam in zijn omgang, opvallend &#8220;Vlaming&#8221;</em><a title="" href="#_ftn3"><em><strong>[3]</strong></em></a><em>. Zeer gevoelig voor vriendschap, vertrouwen en lijden. Men kreeg soms de indruk dat hij leed – nu zou men zeggen &#8220;problemen had&#8221;. En toch was hij altijd opgewekt en blij. Hij was buitengwoon vrijgevig: niets voor zichzelf, alles voor de anderen.</em></p>
<p><em>Zijn conferenties voor de Zusters waren rijk aan inhoud, eenvoudig en pittig; hij sprak zeer gemakkelijk  en gemoedelijk. De leerlingen van de Kostschool hadden hem zeer graag om zijn optimisme. Zijn geestelijke leiding was iets &#8220;speciaal&#8221;. Na zijn heengaan naar Kortrijk is er weinig kontakt geweest met de congregatie&#8221;</em><a title="" href="#_ftn4"><em><strong>[4]</strong></em></a><em>.</em></p>
<div style="width: 586px" class="wp-caption aligncenter"><a href="https://picasaweb.google.com/lh/photo/reeRt6zLF6YfMgMVZMuuZdMTjNZETYmyPJy0liipFm0?feat=embedwebsite"><img class="  " alt="" src="https://lh6.googleusercontent.com/-Y9vLFkV9Yo8/T6O6mpJkNHI/AAAAAAAAAJY/pxY6xVltmGc/s640/103-EHBenootMetLln.jpg" width="576" height="408" /></a><p class="wp-caption-text">E.H. August Benoot met een groep leerlingen uit de Kortemarkse Landbouwhuishoudschool. Links: directrice Zr Beatrix, rechts lerares Zr Madeleine.</p></div>
<p>Zr Alberta verklaart zijn vroegtijdig vertrek als volgt:</p>
<p><em>&#8220;Mijn zusters kennen Z.E.H. Benoot. Zij waren hier tot en met het schooljaar 1931-1932 en vertelden over een conflict met de directrice om reden van examenpunten die niet toegekend waren aan een leerlinge van de landbouwhuishoudschool. Begin oktober 1934 trad ik binnen in het klooster. Hij was zeer goed. Nooit heb ik iets verdachts bemerkt&#8221;<a title="" href="#_ftn5"><strong>[5]</strong></a>. </em></p>
<p>Het valt ook op dat hij ontbreekt op de gelegenheidsfoto bij de inwijding van de nieuwe landbouwhuishoudschool in 1939. Was dit toeval?</p>
<p>In 1935 zei Benoot definitief vaarwel aan<em> </em>Kortemark om dezelfde functie op te nemen bij de Zusters van de H. Familie te Kortrijk die werkzaam waren in de bejaardenzorg. Tijdens WO II werd Benoot daar ernstig ziek:</p>
<p><em>&#8220;De grootste oorzaak was niet de bombardementen, maar wel het tekort aan degelijke voeding voor de bejaarden. Persoonlijk deed hij voetstappen bij openbare inrichtingen, bezocht landbouwers en vrienden, maar bekwam het resultaat niet die hij wenste en daaraan begaven zijn zenuwen, zo erg, dat hij in een inrichting diende verzorgd te worden. Hij was gelukkig als hij armen kon gelukkig maken&#8221;</em><a title="" href="#_ftn6"><em><strong>[6]</strong></em></a>.</p>
<p>Hij was pas 55 jaar toen hij in 1944 op rust ging in zijn geboortestad Poperinge waar hij aan de Valkstraat samenwoonde met zijn zus en broer.</p>
<p><a href="https://picasaweb.google.com/lh/photo/A0BQeBFPzzsS9tnKQuEmx9MTjNZETYmyPJy0liipFm0?feat=embedwebsite"><img class="alignleft" alt="" src="https://lh5.googleusercontent.com/-4WlhbaxAx0Y/T6O6JiVHuvI/AAAAAAAAAJI/oVg_MlKQFVY/s288/103-Benoot-Christus-Koning.jpg" width="218" height="288" /></a></p>
<p>Een minder gekende kant van August Benoot, alias Radaf Meyseune, is zijn schrijverstalent. In 1928, toen hij onderpastoor was in Oudenburg, publiceerde hij <em>Christus-Koning, </em>een bijbels toneelspel dat later nog in Gent en in Nederland werd opgevoerd. In 1930 volgde<em> </em>de streekroman <em>Het Klokhof </em>dat voor strubbelingen zorgde omdat bepaalde families zich in de personages herkenden<em>. </em>Ook de Franse literatuur interesseerde hem. Hij was trouwens één van de beste Bloy-kenners<a title="" href="#_ftn7">[7]</a> over wie hij veel heeft geschreven maar niets gepubliceerd<a title="" href="#_ftn8">[8]</a>.</p>
<p><a href="https://picasaweb.google.com/lh/photo/sv8p9EsfSloC0AFYmFBQ0NMTjNZETYmyPJy0liipFm0?feat=embedwebsite"><img class="alignright" alt="" src="https://lh3.googleusercontent.com/-shHl9fM0to0/T6O6G5I0cNI/AAAAAAAAAJA/dMbhOY-kjY4/s288/103-Benoot-Klokhof.jpg" width="224" height="288" /></a></p>
<p><em>&#8220;Hij was zeer spiritueel in zijn gesprekken</em>, schrijft zijn neef, <em>uiterst eenvoudig en sober in zijn levensopvatting, heel erg gebrand op echte rechtvaardigheid, rukte zicht voortdurend los uit alle mogelijke vormen van eng katholicisme en machtsmisbruik dat daar uit voortvloeide. Eigenlijk was hij links gericht en bleef hij een verwoede Belgicist&#8221;.</em></p>
<p>Pas in 1953, ter gelegenheid van de patriotische Fosty-betoging<a title="" href="#_ftn9">[9]</a> te Diksmuide, zou zijn eigenzinnig en rebels karakter echt aan de oppervlakte komen en tot controverse leiden. Om incidenten en een tegenbetoging van Vlaamse, vooral Leuvense hoogstudenten, te vermijden, had kardinaal Van Roey verboden dat geestelijken in openlucht de mis zouden opdragen. Oud-legeralmoezenier Benoot nam een loopje met dat verbod. Hij ging voor in een gebedsmoment in openlucht maar droeg de mis … in de kerk op. De vrijzinnige liberale en socialistische pers interpreteerden dit als een vorm van verzet tegen de hiërarchie. Hiervoor werd Benoot op handen gedragen en gebruikt door al wat links was. Benoot liep in de val en stond gretig interviews toe aan <em>Pourquoi pas </em>en aan <em>Le Soir</em> die later werden overgenomen door <em>De Volksgazet </em>en<em> Voor allen. </em>In de <em>Pourquoi pas</em> sneerde hij naar het episcopaat:</p>
<p><em>&#8220;Ik heb veel missen gelezen in open lucht. (…) Het was in 1916 [in de loopgraven]. Toen was daar geen toelating voor nodig. Het is waar ook dat men daar geen gevaar liep om een Bisschop te ontmoeten&#8221;.</em><a title="" href="#_ftn10"><em><strong>[10]</strong></em></a><em> </em></p>
<p><a href="https://picasaweb.google.com/lh/photo/6XPX8zOCSvj8Eh9KMjPS9tMTjNZETYmyPJy0liipFm0?feat=embedwebsite"><img class="alignleft" alt="" src="https://lh3.googleusercontent.com/-MW9zGtIXpg4/T6O6yu4FzDI/AAAAAAAAAJo/vLIbuE5QTnU/s400/103-Benoot-LeSoir.jpg" width="299" height="400" /></a></p>
<p>In <em>Le Soir</em> van 2 december 1953 ging hij nog een stapje verder. Niet alleen beschuldigde hij de familie Sansen, uitgevers van <em>De Poperingenaar </em>(later <em>Het Wekelijks Nieuws) </em>van collaboratie met de Duitsers, bovendien verloor hij de pedalen toen hij het (vrij) onderwijs extreem rechtse sympathieën verweet:<br />
<em>&#8220;Je ne parlerai pas de certaine grande presse flamande, vouée à la défense des intérêts des inciviques et à une incontestable renaissance du néo-nazisme. Celui-ci n&#8217;est, hélas! Pas un vain mot. Il existe. Il est parfois impunément professé dans certaines écoles où la lecture de &#8216;Mein Kampf&#8217; de Hitler est encore ouvertement conseillée&#8221; […]. </em></p>
<p><em>Mais l&#8217;opinion ici, est dangereusement conduite par une feuille hebdomadaire, éditée à Poperinghe par ceux-là mêmes qui sous l&#8217;occupation, le mettaient sous un autre titre</em><a title="" href="#_ftn11"><em><strong>[11]</strong></em></a><em>, au service des Allemands en lançant des appels pour le service au front de l&#8217;Est, etc. Condamnés après la libération, ils ont été remis en selle grâce à certaines interventions et aujourd&#8217;hui ils font la pluie et le beau temps à Poperinghe, menaçant ceux qui oseraient leur faire opposition&#8221;.</em></p>
<p><em>&#8220;Un prêtre courageux&#8221;</em>, blokletterde <em>Le Peuple</em><a title="" href="#_ftn12"><em><strong>[12]</strong></em></a><em>. </em><em>De Volksgazet</em> maakte van de gelegenheid gretig gebruik om een campagne op te zetten tegen het vrij onderwijs en tegen CVP-minister van onderwijs Pierre Harmel:</p>
<p><em>&#8220;In welke Vlaamse Katholieke scholen is het dat men de lezing van &#8216;Mein Kampf&#8217; aanprijst? Is het om zulke &#8216;opvoeding&#8217; te bevorderen dat minister Harmel en de C.V.P.-regering steeds meer en meer millioenen aan hun onderwijsinstellingen toekennen?&#8221;.</em></p>
<p>Zonder het te beseffen, werd Benoot meegesleurd in een politiek spel dat het daaropvolgende jaar zou uitmonden in de <em>&#8220;schoolstrijd&#8221;. </em></p>
<p><a href="https://picasaweb.google.com/lh/photo/b7BupucLVKwbjWHq4IAfkdMTjNZETYmyPJy0liipFm0?feat=embedwebsite"><img class="alignleft" alt="" src="https://lh4.googleusercontent.com/-t763Jj-gEOw/T6O6wnyCg3I/AAAAAAAAAJg/8cUxJCKLb1g/s400/103-Benoot-Pallieter.jpg" width="299" height="400" /></a></p>
<p>Ondertussen brak de storm los in de Vlaamsgezinde kranten. <em>Het Wekelijks Nieuws</em> reageerde heel heftig tegen Benoot die nochtans jaren lang bijdragen had geschreven voor deze plaatselijke krant. Benoot stuurde een aangetekend schrijven naar de uitgever en eiste recht op antwoord. <em>Pallieter</em> schreef:</p>
<p><em>&#8220;</em><em>Het is langs de kant van de patriotse cocorico dat wij moeten de reden zoeken van het merkwaardig feit dat een katholiek priester in vrijzinnige kranten als &#8216;courageux&#8217; geloofd en geprezen wordt&#8221;</em><a title="" href="#_ftn13"><em><strong>[13]</strong></em></a><em>.</em></p>
<p>Doordat de verkiezingen van 1954<a title="" href="#_ftn14">[14]</a> voor de deur stonden, nam de zaak plots nationale proporties aan. Frans Van Cauwelaert, voorzitter van de Kamer en van CVP-signatuur, maakte de zaak aanhangig bij de aartsbisschop<a title="" href="#_ftn15">[15]</a>. De vicaris-generaal van het aartsbisdom stuurde het schrijven van de kamervoorzitter prompt door naar Mgr. De Smedt, de nieuwe bisschop van Brugge, met volgende suggestie: <em>&#8220;Misschien vindt U wel een middel om de verwarring die hij zaait te doen ophouden, met hem man en paard te doen noemen&#8221;</em><a title="" href="#_ftn16"><em><strong>[16]</strong></em></a><em>.</em></p>
<p>Benoot kreeg echter de gelegenheid niet meer om zijn aantijging i.v.m. <em>Mein Kampf</em> te duiden. Waarschijnlijk heeft Mgr De Smedt hem ertoe gebracht een punt te zetten achter de polemiek. Zoals blijkt uit een brief van de bisschoppelijke secretaris aan de vereniging van oudstrijders, dekte de bisschop de zaak toe door zich in algemene bewoordingen uit te spreken en te bevestigen dat Benoot correct had gehandeld in Diksmuide. Daarmee was de kous af:</p>
<p><em>&#8220;De aanvallen waarvan de Eerw. Heer Benoot, zonder grond of reden, het voorwerp was in de pers, onderscheiden hem niet van de andere geestelijken. Voortdurend zijn de Bisschoppen en de priesters het slachtoffer van onrechtvaardige beschuldigingen in de pers. </em></p>
<p><em>Het ligt niet in de gewoonte dat de Bisschoppelijke Overheid optreedt om de aangevallen priesters te verdedigen.</em></p>
<p><em>P.S. In uw schrijven beweert U dat Eerw. Heer Benoot de H. Mis heeft opgedragen op de plechtigheid tot huldebetoon aan de gesneuvelde soldaten. Dat was hem verboden en Eerw. Heer Benoot heeft zich aan dit verbod onderworpen. Hij heeft er zich toe beperkt in het openbaar gebeden te zeggen, hetgeen hem niet verboden was&#8221;</em><a title="" href="#_ftn17"><em><strong>[17]</strong></em></a>.</p>
<p>Tot aan zijn dood in 1968, zouden we niets meer horen van August Benoot. Deken Leo Devloo die hem goed kende, is hem nog regelmatig gaan opzoeken in Poperinge:</p>
<p><em>&#8220;Hij had nood aan vriendschap, of beter: aan mensen die wilden luisteren naar zijn urenlange uiteenzettingen over de Franse letterkunde, waarin hij zeer beslagen was. Werkelijk, een fijne geest in dit vak. Hij bleef tot de laatste jaren de goede vriend van een aantal Poperingse families&#8221;</em><a title="" href="#_ftn18"><em><strong>[18]</strong></em></a><em>.</em></p>
<p>Hij was ook heel geliefd bij de jeugd:</p>
<p>&#8220;<em>De misdienaars die bij hem de mis dienden in de kapel van de Zusters Penitenten, werden door hem 5 frank betaald. Van de andere priesters kregen ze niets. En bovendien zat hij niet om een kwinkslag verlegen om al dat jonge geweld te boeien. Nu nog praten zij die het kunnen weten met veel lof over pastertje Benoot, bij wie ze de mis dienden</em>&#8220;<a title="" href="#_ftn19">[19]</a>.</p>
<p>© John Aspeslagh</p>
<p><span style="color: #ff0000;">Deze bijdrage maakt deel uit van</span></p>
<p><span style="color: #ff0000;"><em>Dertig jaar uit het rijke leven van een plattelandspensionaat<br />
Kostschool en Landbouwhuishoudschool van Kortemark<br />
1926 – 1956</em></span></p>
<p><a href="http://siagrius.be/siagrius/?p=6419"><span style="color: #ff0000;">Gepubliceerd in oktober 2013</span></a></p>
<p>&nbsp;</p>
<div>
<p>&nbsp;</p>
<hr align="left" size="1" width="33%" />
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref1">[1]</a> zie VANCRAEYNEST (R.) en DE GROEVE (A.), <em>Onze-Lieve-vrouw­ecollege Oostende 1842-1992 </em>(Oostende, 1992)<em>, </em>p. 287. Hij gaf er les aan de schrijver Gaston Duribreux. Later grapte Benoot dat hij Duribreux had leren schrijven; zie getuigenis van deken Leo Devloo in het fonds Jozef Geldhof bewaard in ABB. Over August Benoot, zie ook VANSLEMBROUCK (M.), <em>Een pen vergaart wat wereld is. Figuren en boeken in Edewalle, Handzame, Kortemark, Werken en Zarren </em>(Aartrijke, 1992), p. 13-15. In Oostende was hij collega van <a title="Het Onze-Lieve-Vrouwecollege van Oostende gedurende de eerste jaren na de Eerste Wereldoorlog" href="http://siagrius.be/siagrius/?p=104">Reiner Deleersnijder</a> aan wie we een bijdrage hebben gewijd.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref2">[2]</a> Hij schreef ook bijdragen voor <em>De Poperingenaar</em>. Zowel in <em>Klokje </em>als in <em>De Poperingenaar</em> tekende hij zijn bijdragen met zijn initialen <em>A.B</em>.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref3">[3]</a> Annick Clabau (zie voetnoot 19) typeert hem ook als <em>&#8220;flamingant van &#8216;t eerste uur&#8221;</em>. Na WO II was hij eerder belgicist. Zie verder.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref4">[4]</a> Brief van moeder Anastasie (Anna De Boever) <em>dd</em> 3 maart 1969 in fonds Geldhof van Archief Bisdom Brugge (ABB).</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref5">[5]</a> Getuigenis van Zr Alberta (Irma Sys) in 2007. Ze werd later directrice van het Margareta-Maria-Instituut van Kortemark</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref6">[6]</a> Brief van Zr Teresia <em>dd</em> 8 maart 1969 in fonds Geldhof van ABB.<em></em></p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref7">[7]</a> Léon Bloy (1846-1917), Frans schrijver, dichter en essayist die een grote invloed heeft gehad op de jonge katholieke generatie van het interbellum.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref8">[8]</a> Brief <em>dd</em> 12 maart 1969 van zijn neef Edgar Benoot in fonds Geldhof van ABB.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref9">[9]</a> In 1953 waren, als nasleep van WO II, collaboratie en repressie zeker nog niet verwerkt. Over de Fosty-actie van 25 oktober 1953, zie<a href="http://www.n-va.be/nieuws/opinie/de-fosty-actie-vijftig-jaar-geleden-vlaanderen"> http://www.n-va.be/nieuws/opinie/de-fosty-actie-vijftig-jaar-geleden-vlaanderen</a> en <a href="http://gent.kvhv.org/over-kvhv/geschiedenis/">http://gent.kvhv.org/over-kvhv/geschiedenis/</a></p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref10">[10]</a> Pourquoi pas geciteerd in <em>Het Wekelijks Nieuws</em> dd 14 november 1953.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref11">[11]</a> Benoot liet er in 1933 zijn toneelstuk <em>Christus-Koning</em> drukken en vanaf 1932 verzorgde hij zo goed als wekelijks een column in het weekblad <em>De Poperingenaar</em>. Na de bevrijding werd de uitgever, Valère Sansen, beschuldigd van collaboratie met de bezetter, een tijdlang opgesloten maar uiteindelijk vrijgesproken. De <em>Poperingenaar</em> verscheen opnieuw in 1946 en wijzigde zijn titel in <em>Het Wekelijks Nieuws</em>. Pas in 1953 zou Benoot volledig breken met de uitgeverij Sansen; zie DE BENS (E.) en RAEYMAECKERS (K.), <em>Regionale media in Vlaanderen: een doorlichting</em> (Gent, 1998), p. 23.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref12">[12]</a> <em>Le Peuple </em>en<em> De Volksgazet </em>van 3 december 1953.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref13">[13]</a> 10 december 1953.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref14">[14]</a> De homogene CVP-meerderheid zou in 1954 plaats moeten ruimen voor een liberaal-socialistische coalitie met de Waalse socialist Leo Collard als minister van nationale opvoeding. Het waren de jaren van de <em>&#8220;schoolstrijd&#8221;</em>.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref15">[15]</a> Brief <em>dd</em> 4 december 1953 bewaard in het fonds Geldhof van ABB.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref16">[16]</a> Brief <em>dd</em> 5 december 1953 van Mgr Van Eynde aan Mgr De Smedt bewaard in het fonds Geldhof van ABB.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref17">[17]</a> Brief van bisschoppelijk secretaris P. Nicaise <em>dd</em> 3 januari 1954 aan de voorzitter van het <em>Nationaal Verbond van verminkte en invaliede militairen</em>, bewaard in fonds Geldhof van ABB.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref18">[18]</a> Schrijven van Deken Leo Devloo in fonds Geldhof van ABB.<em></em></p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref19">[19]</a> CLABAU (A.), <em>76 jaar geleden: Pastertje Benoot schreef “Het Klokhof”</em> in <em>Populus Alba</em>, Driemaandelijkse nieuwsbrief met nieuwtjes en weetjes over Abele en omgeving, Jaargang 2, nummer 4 (december 2006).</p>
</div>
</div>
<p><strong><br />
</strong></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://siagrius.be/siagrius/?feed=rss2&#038;p=336</wfw:commentRss>
		<slash:comments>2</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Het Kortemarks secundair onderwijs tijdens de Eerste Wereldoorlog</title>
		<link>http://siagrius.be/siagrius/?p=85</link>
		<comments>http://siagrius.be/siagrius/?p=85#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 28 Apr 2012 15:40:17 +0000</pubDate>
		<dc:creator><![CDATA[Siagrius]]></dc:creator>
				<category><![CDATA[Kortemark Geschiedenis]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://siagrius.be/siagrius/?p=85</guid>
		<description><![CDATA[Op 4 augustus 1914 vielen Duitse troepen het Belgisch grondgebied binnen. Half oktober bereikten ze de IJzervlakte die de Belgische autoriteiten onder water hadden gezet. Het vrije België beperkte zich vanaf nu tot het gebied gelegen achter de IJzer. De &#8230; <a href="http://siagrius.be/siagrius/?p=85">Continue reading <span class="meta-nav">&#8594;</span></a>]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p>Op 4 augustus 1914 vielen Duitse troepen het Belgisch grondgebied binnen. Half oktober bereikten ze de IJzervlakte die de Belgische autoriteiten onder water hadden gezet. Het vrije België beperkte zich vanaf nu tot het gebied gelegen achter de IJzer. De Duitsers bezetten de rest. Vier jaar later, op 11 november 1918, werden de wapens eindelijk neergelegd.</p>
<div id="attachment_88" style="width: 310px" class="wp-caption alignleft"><a href="http://siagrius.be/siagrius/wp-content/uploads/2012/04/Station.jpg"><img class="size-medium wp-image-88" title="Station" alt="" src="http://siagrius.be/siagrius/wp-content/uploads/2012/04/Station-300x191.jpg" width="300" height="191" /></a><p class="wp-caption-text">Zo lieten de Duitsers het station achter in 1918.</p></div>
<p>Kortemark lag aan deze kant van de IJzer, dus in bezet gebied. Het station was een militaire installatie geworden: terminus voor de Duitse troepen, vlak achter de linies gelegen. De soldaten en de bevoorrading die vanuit de &#8220;<em>Heimat</em>&#8221; toekwamen, werden prompt overgebracht naar het front. De gemeente Kortemark lag midden in het oorlogsgebied en kreeg het hard te verduren onder de geallieerde bombardementen die vooral het station en de spoorweg<a title="" href="#_ftn1">[1]</a> als doelwit hadden. Uiteraard zouden ook de school en het klooster van de brokken delen. Op de foto kan je zien hoe de Duitsers het station achterlieten in 1918.</p>
<p>De <em>Kostschool</em> of <em>Pensionaat</em> werd reeds in 1838 gesticht. In 1895 startten de Zusters van de H. Vincentius met een <em>Melkerijschool</em> die zich geleidelijk ontwikkelde tot technische <em>Landbouwhuishoudschool</em>.</p>
<p><span id="more-85"></span></p>
<p>Rond 1890 was de landbouw nog de voornaamste economische activiteit &#8211; <em>“la première de toutes les industries“ &#8211; </em>in Vlaanderen. Hongersnood en schaarste ten gevolge van mislukte oogsten waren broeihaard geweest van revoluties in Europa en van massale emigratie naar de nieuwe wereld. Men zocht naar procedés om de opbrengt van de landbouw op te drijven en om de gewassen te beschermen tegen ziekten en plagen zodat dergelijke rampen in de toekomst konden worden vermeden. Gebrek aan hygiëne was oorzaak van massale kindersterfte. De wetenschap ging er ondertussen op vooruit. De ontdekkingen van Louis Pasteur brachten nieuwe inzichten op gang voor de bewerking en de bewaring van melk. Maar de boeren en veehouders moesten hiervan overtuigd worden … Hun zonen en dochters degelijk opleiden en hun de nieuwe inzichten bijbrengen, was één van de middelen.</p>
<p>De weerstand van de landbouwers was bijzonder taai. Ze vonden lager onderwijs meer dan voldoende voor hun zoon en dochter. Die zouden de “<em>boerenstiel”</em> wel op het ouderlijk bedrijf  leren. Niets was minder waar. In de Landbouwschool maakten de jongens kennis met nieuwe landbouw- en veeteelttechnieken en bemestingsmethoden. In de Landbouwhuishoudscholen leerden de meisjes de melk controleren op bacteriën en nadien op hygiënische wijze verwerken tot boter en kaas. Ze kregen daarnaast lessen in o.a. dierenkweek, tuinbouw, kinderopvoeding, wetenschappen, leerden gezonde en voedzame maaltijden bereiden, zorgen voor een nette leefomgeving, kledij maken en verstellen, &#8230; Allemaal vaardigheden die de boerin kon gebruiken op het bedrijf en in het dagelijks leven.</p>
<p>De algemene vakken werden gegeven door onderwijzeressen van de <em>Kostschool</em>. Deze kregen assistentie van collega&#8217;s in het bezit van een aanvullend diploma om praktische vakken te onderwijzen. Ze namen ook de lessen snit en naad en huishoudkunde voor hun rekening. Alle leerkrachten waren religieuzen.</p>
<div id="attachment_89" style="width: 310px" class="wp-caption alignleft"><a href="http://siagrius.be/siagrius/wp-content/uploads/2012/04/gravure.jpg"><img class="size-medium wp-image-89" title="gravure" alt="" src="http://siagrius.be/siagrius/wp-content/uploads/2012/04/gravure-300x186.jpg" width="300" height="186" /></a><p class="wp-caption-text">De schoolgebouwen en het klooster rond 1900.</p></div>
<p>Rond 1900 telde de <em>Landbouwhuishoudschool </em>amper 14 leerlingen. In 1913 waren er al 61 ingeschreven. Tijdens de oorlog werd dit aantal gehalveerd. In 1919 kon men opnieuw van start gaan met 43 leerlingen. Geleidelijk aan begonnen de landbouwers het nut van deze opleiding in te zien.</p>
<p>De meisjes kwamen van her en der uit de provincie en waren dikwijls reeds 14 jaar. Ze hadden dikwijls in eigen gemeente al het 7ste en 8ste leerjaar van de basisschool gevolgd. Allen werden verplicht intern en gingen slechts driemaal naar huis: met Allerheiligen, Kerstmis en Pasen. Nieuwjaarsverlof liep van 30 december tot 7 januari. Het Paasverlof startte meestal op Paaszaterdag en eindigde 14 dagen na Pasen. De grote vakantie tenslotte van eind juli (en in de beginjaren zelfs nog later) tot de derde week van september. Het is duidelijk dat de verlofregeling ingegeven was door de werkzaamheden in de landbouw.</p>
<p>De dagindeling verschilde volgens het seizoen.  In de winter kregen de leerlingen slechts les tot 14.45 uur maar in de zomer tot 18.30 uur. Dit had uiteraard te maken met de organisatie van de praktijk en het werk in de moestuin en de stal. Het hele jaar door werd op zaterdag en zondag les gegeven.</p>
<div id="attachment_90" style="width: 231px" class="wp-caption alignleft"><a href="http://siagrius.be/siagrius/wp-content/uploads/2012/04/MoederMarieHenriette.jpg"><img class="size-medium wp-image-90" title="MoederMarieHenriette" alt="" src="http://siagrius.be/siagrius/wp-content/uploads/2012/04/MoederMarieHenriette-221x300.jpg" width="221" height="300" /></a><p class="wp-caption-text">Moeder Marie Henriette</p></div>
<p>In haar verslag<a title="" href="#_ftn2">[2]</a> over de jaren 1909-1911 lichtte Moeder Marie-Henriette, algemeen overste en tevens directrice van de school, het tijdsgebruik van de leerlingen toe. Ze maakte een onderscheid tussen de theoretische lessen (&#8216;s morgens vroeg, wanneer de geest nog helder is), de praktijk en de “<em>leerwandelingen</em>” (“<em>des excursions</em>”) die na de theoretische lessen aan de beurt kwamen. Vandaag zouden we spreken over bedrijfs- of studiebezoeken en van ervaringsgericht onderwijs: bezoek (meestal te voet) aan een modelhoeve met goed uitgeruste melkerij, volgen van de activiteiten van de lokale coöperatieve melkerij, het volgen van het werk op het veld, ….  In 1914 meldde ze aan de inspectie dat de leerlingen volgende <em>&#8220;leerwandelingen&#8221;</em>  hadden gemaakt:  <em>“Les élèves ont été voir à la laiterie coopérative d’Handzaeme avec leçon sur place; à une étable améliorée; à une porcherie modèle; à une fabrique de conserves de légumes; à plusieurs champs d’expérience</em><a title="" href="#_ftn3"><em><strong>[3]</strong></em></a><em>&#8220;. </em>Tijdens de oorlog zouden de Duitsers deze didactische uitstappen verbieden.</p>
<p>Op 3 juni 1914, zo’n twee maanden voor het uitbreken van WO I, stuurde Moeder Marie-Henriette, een omstandig verslag ­­over de materiële toestand van haar school naar Mevrouw Haentjens, inspectrice van het ministerie van Landbouw<a title="" href="#_ftn4">[4]</a>. We vinden er o.a. een overzicht van de beschikbare les- en praktijklokalen en een gedetailleerde inventaris van het didactisch materiaal en de uitrusting. We stellen vast dat de school, voor de normen van de tijd, goed uitgerust was.</p>
<p>Dit zou allemaal veranderen tijdens de vijandelijkheden.</p>
<p>De school was dicht van oktober 1914 tot april 1915. Moeder Marie-Henriette schreef: <em>“In April 1916, verplichtte ons de vijand zowel als de landbouwers al de melk der koeien in te leveren en afroomers en kerns</em><a title="" href="#_ftn5"><em><strong>[5]</strong></em></a><em> wierden verzegeld. Door behendige medehulp der leerlingen, hebben wij toch in ’t verborgen melk-, boter- en kaasbereiding, zoo niet regelmatig toch volledig kunnen voortzetten tot 1 Augusti 1917. Van dan af, om reden van het hevig bommenwerpen en de geweldige  beschietingen der aanpalende parochiën, lieten de ouders hunne dochters niet meer toe de school bij te wonen; tot dat eindelijk op 14 Augusti daaropvolgend de vijand ons verplichtte ons gesticht</em><a title="" href="#_ftn6"><em><strong>[6]</strong></em></a><em> te verlaten”. </em>De zusters werden toen geëvacueerd naar Zeveneken bij Lokeren.</p>
<div id="attachment_91" style="width: 310px" class="wp-caption alignleft"><a href="http://siagrius.be/siagrius/wp-content/uploads/2012/04/Markt1.jpg"><img class="size-medium wp-image-91" title="Markt1" alt="" src="http://siagrius.be/siagrius/wp-content/uploads/2012/04/Markt1-300x197.jpg" width="300" height="197" /></a><p class="wp-caption-text">Markt in 1918</p></div>
<p>Toen ze eind 1918 terugkwamen, reste enkel puin te ruimen. De gebouwen verkeerden in erbarmelijke toestand en het didactisch materiaal was verdwenen of vernield. <em>“(…) Na den wapenstilstand zijn wij zoo vroeg mogelijk teruggekeerd. Met Januari 1919 zijn we erin geslaagd eene onzer zalen bewoonbaar te maken en onze lessen te hernemen. In den beginne moesten wij meer tijd besteden aan de theorie want al de noodige materialen ontbraken ons. Stillekens aan door groote pogingen aan te wenden, gelukten wij erin ons het noodigste aan te schaffen en ons praktisch onderricht als vroeger voort te zetten”. (…) Wij hebben binst den oorlog geene nieuwe boeken meer kunnen aanwinnen en in Augusti 1917, bij onze verbanning</em><a title="" href="#_ftn7"><em><strong>[7]</strong></em></a><em>, is onze bibliotheek alsmede al onze wetenschappelijke verzamelingen door de vijandelijke troepen gansch geplunderd en vernietigd</em>”.</p>
<div id="attachment_94" style="width: 310px" class="wp-caption alignleft"><a href="http://siagrius.be/siagrius/wp-content/uploads/2012/04/KerkRuines1918.jpg"><img class="size-medium wp-image-94" title="KerkRuines1918" alt="" src="http://siagrius.be/siagrius/wp-content/uploads/2012/04/KerkRuines1918-300x184.jpg" width="300" height="184" /></a><p class="wp-caption-text">Ruïnes van de kerk na de oorlog</p></div>
<p>Op een rondvraag van de minister van Landbouw over de toestand van de scholen na het einde van de vijandelijkheden, antwoordde Moeder Marie-Henriette het volgende: <em>“De leerboeken welke wij vroeger in bezit hadden zijn allen door den vijand vernield geworden. Nu hebben wij ons reeds eenige goede boeken aangeschaft en nog zullen wij voort onderzoeken en raad vragen om voor de verschillende vakken boeken in handen der kinders te kunnen geven en zoo, met het afschrijven te vermijden, tijd te winnen (…). Wij zijn zeer tevreden dat wij aanvraag van boeken mogen doen aan de boekerij van het ministerie van landbouw. Zulks is vooral voordeelig voor ons gesticht aangezien wij nu gene boeken meer bezitten om onze aangeworven kennissen te herinneren, uit te breiden en te vervolmaken. Vinden wij het gevraagd boek zeer nuttig, wij zullen het bij den uitgever aankopen, om onze boekerij te verrijken. Zijn er slechts hier en daar deelen, die ons kunnen van pas komen, wij zullen deze kortbondig samenvatten en in bewaring houden”.</em></p>
<p>In een schrijven aan de gouverneur van de provincie, somt ze het materiaal op dat de vijand heeft vernield of meegenomen: <em>“Victoriakern</em><a title="" href="#_ftn8"><em><strong>[8]</strong></em></a><em>, 2 afroomers, kaaskuip, kaasvaten met toebehoorten, toestellen voor het melkonderzoek, stoven en keukengerief, wasch- en strijkbenoodigheden, verzameling van ontvlekkende stoffen. Veeartsapotheek. Bibliotheek, eigen aan de landbouwkundigehuishoudschool, bevattende een honderdtal nuttige en noodige boeken. Kas met alle slach van scheikundige stoffen en toestellen. Eene verzameling tableaux</em><a title="" href="#_ftn9"><em><strong>[9]</strong></em></a><em> voor het aanschouwelijk onderwijs en voor de beginselen der natuurlijke geschiedenis: 12 tableaux …, enz”. </em></p>
<p>In 1921 lijkt het ergste voorbij. <em>“Het Ministerie van Landbouw heeft eenige boeken toegezonden en de noodzakelijkste voor het bereiden onzer lessen hebben wij zelf aangekocht, zoodat wij nu weer in bezit zijn van een vijftigtal nuttige boeken. Onze verzamelingen waren eveneens geplunderd. Opnieuw hebben wij er reeds opgedaan van veevoeder, meststoffen, van huishoudkunde, voor ’t reinigen en ontvlekken, van granen en zaden. Wij hebben ook weer eene huiselijke apotheek ingericht”.</em></p>
<div id="attachment_95" style="width: 310px" class="wp-caption alignleft"><a href="http://siagrius.be/siagrius/wp-content/uploads/2012/04/Melkonderzoek.jpg"><img class="size-medium wp-image-95" title="Melkonderzoek" alt="" src="http://siagrius.be/siagrius/wp-content/uploads/2012/04/Melkonderzoek-300x195.jpg" width="300" height="195" /></a><p class="wp-caption-text">Melkonderzoek door de leerlingen</p></div>
<p>Moeder Marie-Henriette was positief ingesteld. Er waren ook goede kanten aan wat er zich rond haar afspeelde: <em>“In 1915-16-17 heeft onze school meerder bijval genoten dan ooit in de omstreken van Cortemarck. Landbouwers, die tot dan toe een zeker vooroordeel tegen melkerij- en huishoudscholen opgevat hadden, grootendeels omdat zij zich, nu bij de onwerkzaamheid der samenwerkende melkerijen, in de noodzakelijkheid bevonden zelf melk en boter te bewerken, achtten zich gelukkig hunne dochters bij ons te kunnen plaatsen ten einde melk-, boter- en vooral kaasbewerking grondig te leeren kennen en daarbij de zoo nuttige als noodige wijzigingen in de spijsbereiding te bestudeeren en in oefening te brengen”.</em></p>
<p>De school droeg ook haar steentje bij in het kader van de heropbouw en van ‘s lands herstel. Toen de Minister van Landbouw in 1919 een oproep deed om, met alle middelen, de productiviteit van de landbouw op te drijven, antwoordde ze: <em>“Alhoewel wij alleen onderwijs geven aan meisjes en bijgevolg ons meer met groentenkweek, huishoudkunde, zuivelbereiding, vee- en hoenderkweek bezighouden dan met landbouw, laten wij niet na de leerlingen kennis (te geven) van hetgeen wij meenen voordeeligst te zijn tot vermeerdering van landbouwvoortbrengst”.</em></p>
<p>Geleidelijk aan werd de vooroorlogse toestand hersteld. Met de herstelbelastingen uit Duitsland en met steun van de provincie zou in 1924 een nieuw schoolgebouw worden ingewijd, nl. de huidige administratieve vleugel van het MMI.</p>
<p>© John Aspeslagh</p>
<p>Bijdrage verschenen in het schooltijdschrift <em>Mozaïekjes</em> (december 2008)</p>
<p><span style="color: #ff0000;">Maakt deel uit van</span></p>
<p><span style="color: #ff0000;"><em>Dertig jaar uit het rijke leven van een plattelandspensionaat<br />
Kostschool en Landbouwhuishoudschool van Kortemark<br />
1926 – 1956</em></span></p>
<p><a href="http://siagrius.be/siagrius/?p=6419"><span style="color: #ff0000;">Gepubliceerd in oktober 2013</span></a></p>
<p>&nbsp;</p>
<div>
<p>&nbsp;</p>
<hr align="left" size="1" width="33%" />
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref1">[1]</a> Het station van Kortemark was toen het knooppunt van de lijnen Gent &#8211; De Panne en Torhout &#8211; Ieper, spoorlijn die ondertussen opgebroken is.  Vanuit Kortemark konden de Duitsers zowel hun linies aan de IJzer als in het Ieperse bevoorraden.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref2">[2]</a> De school kreeg een kleine toelage van de Staat. Daarom moest de directie om de drie jaar een verslag (<em>Rapport </em><em>triennal</em>) naar Brussel sturen</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref3">[3]</a> &#8220;<em>De leerlingen gingen de samenwerkende melkerij van Handzame bezoeken waar ze ter plaatse les kregen. Ze bezochten ook nog een verbeterd koeienstal, een model-varkensstal, een conservenfabriek voor groenten en verschillende proefvelden</em>&#8220;. Proefvelden waar nieuwe gewassen of meststof werden uitgeprobeerd.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref4">[4]</a> Tot 1932 ressorteerde het technisch onderwijs onder de z.g. &#8220;technische&#8221; ministeries, bv. Landbouw, Nijverheid, Volksgezondheid. Ook nadien hielden deze departementen nog een vinger in de pap.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref5">[5]</a> Toestel om boter te karnen.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref6">[6]</a> School, klooster.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref7">[7]</a> Hun evacuatie vanuit het oorlogsgebied van de Westhoek naar Zeveneken in Oost-Vlaanderen.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref8">[8]</a> Toestel om boter de karnen van het merk <em>Victoria</em>.</p>
</div>
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref9">[9]</a> Wandplaten.</p>
</div>
</div>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://siagrius.be/siagrius/?feed=rss2&#038;p=85</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Handzame &#8211; Kortemark – Zarren in de Franse pers tijdens de Eerste Wereldoorlog</title>
		<link>http://siagrius.be/siagrius/?p=67</link>
		<comments>http://siagrius.be/siagrius/?p=67#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 28 Apr 2012 10:26:56 +0000</pubDate>
		<dc:creator><![CDATA[Siagrius]]></dc:creator>
				<category><![CDATA[Kortemark Geschiedenis]]></category>
		<category><![CDATA[1914-1918]]></category>
		<category><![CDATA[eerste wereldoorlog]]></category>
		<category><![CDATA[franse kranten]]></category>
		<category><![CDATA[handzame]]></category>
		<category><![CDATA[kortemark]]></category>
		<category><![CDATA[spoorweg]]></category>
		<category><![CDATA[station kortemark]]></category>
		<category><![CDATA[vliegveld Handzame]]></category>
		<category><![CDATA[zarren]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://siagrius.be/siagrius/?p=67</guid>
		<description><![CDATA[Sinds enkele jaren heeft de Bibliothèque nationale François Mitterrand de belangrijkste Franse kranten gedigitaliseerd en beschikbaar gesteld via het Gallica-platform. We waren nieuwsgierig of Kortemark of één van de deelgemeenten in de collectie voorkwamen. En inderdaad: we vonden zowel vermeldingen &#8230; <a href="http://siagrius.be/siagrius/?p=67">Continue reading <span class="meta-nav">&#8594;</span></a>]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<div id="attachment_76" style="width: 310px" class="wp-caption alignleft"><a href="http://siagrius.be/siagrius/wp-content/uploads/2012/04/023-Kortemark-Ersatz-Regiment-214-beim-Einmarsch.jpg"><img class=" wp-image-76" src="http://siagrius.be/siagrius/wp-content/uploads/2012/04/023-Kortemark-Ersatz-Regiment-214-beim-Einmarsch-300x195.jpg" alt="" width="300" height="195" /></a><p class="wp-caption-text">Duitse troepen houden parade voor de kerk van Kortemark</p></div>
<p>Sinds enkele jaren heeft de <em>Bibliothèque nationale</em> <em>François Mitterrand</em> de belangrijkste Franse kranten gedigitaliseerd en beschikbaar gesteld via het <em>Gallica</em>-platform. We waren nieuwsgierig of Kortemark of één van de deelgemeenten in de collectie voorkwamen. En inderdaad: we vonden zowel vermeldingen van <em>Cortemarck</em> als van <em>Handzaeme</em> en <em>Zarren</em>, voornamelijk in de oorlogsjaren 1914 t/m 1919.</p>
<p>Meestal zijn het zakelijke communiqués uitgaande van de Franse, Britse of Belgische militaire overheid. Een vijftiental redactionele teksten dateren voornamelijk uit het eerste en het laatste oorlogsjaar. In 1914 werd vooral nieuws verzameld uit Nederlandse<a title="" href="#_ftn1">[1]</a> kranten. De berichten zijn opgesteld vanuit propagandaoogpunt en geven uiteraard het standpunt van de geallieerden weer. Hoe de Duitsers zelf aankeken tegen deze gebeurtenissen, vernemen we uiteraard niet.</p>
<div align="center">
<table width="584" border="1" cellspacing="0" cellpadding="0">
<thead>
<tr>
<td valign="top"><strong>Aantal vermeldingen in</strong></td>
<td valign="top">
<p align="center"><strong>1914</strong></p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center"><strong>1915</strong></p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center"><strong>1916</strong></p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center"><strong>1917</strong></p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center"><strong>1918</strong></p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center"><strong>1919</strong></p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center"><strong>TOTAAL</strong></p>
</td>
</tr>
</thead>
<tbody>
<tr>
<td valign="top"><em>La Croix</em></td>
<td valign="top"></td>
<td valign="top">
<p align="center">2</p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center">2</p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center">9</p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center">2</p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center">1</p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center"><strong>16</strong></p>
</td>
</tr>
<tr>
<td valign="top"><em><strong>L</strong>a Presse</em></td>
<td valign="top"></td>
<td valign="top"></td>
<td valign="top"></td>
<td valign="top">
<p align="center">2</p>
</td>
<td valign="top"></td>
<td valign="top"></td>
<td valign="top">
<p align="center"><strong>2</strong></p>
</td>
</tr>
<tr>
<td valign="top"><em>Le Figaro</em></td>
<td valign="top"></td>
<td valign="top"></td>
<td valign="top"></td>
<td valign="top">
<p align="center">3</p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center">2</p>
</td>
<td valign="top"></td>
<td valign="top">
<p align="center"><strong>5</strong></p>
</td>
</tr>
<tr>
<td valign="top"><em>Le Gaulois</em></td>
<td valign="top">
<p align="center">1</p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center">4</p>
</td>
<td valign="top"></td>
<td valign="top">
<p align="center">10</p>
</td>
<td valign="top"></td>
<td valign="top"></td>
<td valign="top">
<p align="center"><strong>15</strong></p>
</td>
</tr>
<tr>
<td valign="top"><em>Le Petit Parisien</em></td>
<td valign="top">
<p align="center">1</p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center">2</p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center">3</p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center">3</p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center">2</p>
</td>
<td valign="top"></td>
<td valign="top">
<p align="center"><strong>11</strong></p>
</td>
</tr>
<tr>
<td valign="top"><em>Le Temps</em></td>
<td valign="top">
<p align="center">2</p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center">3</p>
</td>
<td valign="top"></td>
<td valign="top">
<p align="center">10</p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center">1</p>
</td>
<td valign="top"></td>
<td valign="top">
<p align="center"><strong>16</strong></p>
</td>
</tr>
<tr>
<td valign="top"><em>L&#8217;Humanité</em></td>
<td valign="top">
<p align="center">1</p>
</td>
<td valign="top"></td>
<td valign="top">
<p align="center">5</p>
</td>
<td valign="top"></td>
<td valign="top"></td>
<td valign="top"></td>
<td valign="top">
<p align="center"><strong>6</strong></p>
</td>
</tr>
<tr>
<td valign="top"><em>Ouest-Eclair</em></td>
<td valign="top">
<p align="center">1</p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center">1</p>
</td>
<td valign="top"></td>
<td valign="top"></td>
<td valign="top">
<p align="center">1</p>
</td>
<td valign="top"></td>
<td valign="top">
<p align="center"><strong>3</strong></p>
</td>
</tr>
<tr>
<td valign="top"><strong><em> </em></strong></td>
<td valign="top">
<p align="center"><strong>6</strong></p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center"><strong>12</strong></p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center"><strong>10</strong></p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center"><strong>37</strong></p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center"><strong>8</strong></p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center"><strong>1</strong></p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center"><strong>74</strong></p>
</td>
</tr>
<tr>
<td valign="top"><strong>Vermelde gebeurtenissen betreffende</strong></td>
<td valign="top"></td>
<td valign="top"></td>
<td valign="top"></td>
<td valign="top"></td>
<td valign="top"></td>
<td valign="top"></td>
<td valign="top"></td>
</tr>
<tr>
<td valign="top">Handzame</td>
<td valign="top">
<p align="center">1</p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center">2</p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center">5</p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center">1</p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center">3</p>
</td>
<td valign="top"></td>
<td valign="top">
<p align="center">12</p>
</td>
</tr>
<tr>
<td valign="top">Kortemark</td>
<td valign="top">
<p align="center">4</p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center">7</p>
</td>
<td valign="top"></td>
<td valign="top">
<p align="center">14</p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center">3</p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center">1</p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center">29</p>
</td>
</tr>
<tr>
<td valign="top">Zarren</td>
<td valign="top"></td>
<td valign="top">
<p align="center">2</p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center">2</p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center">4</p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center">3</p>
</td>
<td valign="top"></td>
<td valign="top">
<p align="center">11</p>
</td>
</tr>
<tr>
<td valign="top"><strong> </strong></td>
<td valign="top">
<p align="center"><strong>5</strong></p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center"><strong>11</strong></p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center"><strong>7</strong></p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center"><strong>19</strong></p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center"><strong>9</strong></p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center"><strong>1</strong></p>
</td>
<td valign="top">
<p align="center"><strong>52</strong></p>
</td>
</tr>
</tbody>
</table>
</div>
<p>Volgende gebeurtenissen of krijgsverrichtingen komen aan bod:</p>
<p><strong>Handzame</strong>: beschieting Handzamevaart, burgemeester terechtgesteld in 1914, troepenbewegingen rond Handzame, beschieten van het vliegveld.</p>
<p><strong>Kortemark</strong>: burgerslachtoffers, ontploffing van munitieopslagplaats in 1919, vermeende spionageactiviteit, luchtaanvallen op spoorwegknooppunt en station, troepenbewegingen.</p>
<p><strong>Zarren</strong>: beschietingen, spoorweg en station gebombardeerd, troepenbewegin­gen, vliegtuig en Duitse ballons neergehaald.</p>
<p>De meest vermelde wapenfeiten betreffen de geallieerde luchtaanvallen op de het station en het spoorwegknooppunt van Kortemark, gevolgd door de veelvuldige luchtaanvallen op het vliegveld van Handzame. De terechtstelling van de burgemeester van Handzame in het begin van de oorlog en de gijzeling van pastoor Blancke en onderpastoor Barras in 1915 &#8211; als gevolg van de vermeende spionageactiviteit van Alidor Van Damme &#8211; moeten het gewelddadig karakter van de Duitse bezetting aantonen en de afkeer van de lezers opwekken.</p>
<p>1917 spant de kroon met 37 vermeldingen van 19 verschillende krijgsverrichtingen, voornamelijk bombardementen op het station van Kortemark.</p>
<p>Volledige tekst met overzicht van de krijgsverrichtingen 1914-1919:<br />
<a href="http://siagrius.be/siagrius/wp-content/uploads/2012/04/Kortemark-in-Franse-kranten1.pdf">Kortemark in Franse kranten</a></p>
<p>© John Aspeslagh</p>
<div>
<hr align="left" size="1" width="33%" />
<div>
<p><a title="" href="#_ftnref1">[1]</a> Tijdens de Eerste Wereldoorlog was Nederland neutraal. De Nederlandse kranten hadden correspondenten in het bezette België.</p>
</div>
</div>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://siagrius.be/siagrius/?feed=rss2&#038;p=67</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
	</channel>
</rss>
