100 jaar geleden schreef Sylvain Van Praet in zijn dagboek


14 oktober 1914 was de eerste dag van de Duitse bezetting. Hier komen elke dag in eigen vertaling de gebeurtenissen verteld door de Oostendse stadsbediende Sylvain Van Praet die zijn onuitgegeven dagboek - The occupation of Ostend by the Germans – in het Engels bijhield tot aan de bevrijding van de stad in oktober 1918. Veel leesgenot.

 

Afkortingen en tekens

Dagboek Van Praet 1914

Dagboek Van Praet 1915

Dagboek Van Praet 1916

Dagboek Van Praet 1917

Dagboek Van Praet 1918

Oostende, Dinsdag 13 – Zondag 25 Augustus 1918

Op 18 augustus, rond 19 uur, scheerde een geallieerd vliegtuig over de stad. Het afweergeschut was min of meer machteloos. De piloot zaaide alom vernieling langs de waterlijn door zijn machinegeweer te richten op de batterijen op de zeepromenade. Uiteindelijk werd zijn vliegtuig toch geraakt. Het plofte naar beneden terwijl de Duitse machinegeweren bleven vuren. In geen tijd stonden duizenden nieuwsgierigen, burgers en militairen, rond het toestel. De twee piloten werden vastgegrepen en weggebracht. Een enorme menigte liep hen achterna.

De heer Fichefet, een Oostendenaar, had de durf om de piloten, twee jongemannen tussen de 20 en 22 jaar, te groeten. Een kinderachtige officier gaf het bevel hem in te rekenen. Verschillende soldaten begonnen hem te slaan tot dat de man neerviel. Fichefet is tussen de 55 en 60 jaar oud en zag er ziekelijk uit. De piloten waren getuige van het hele voorval.

Het positieve nieuws i.v.m. het geallieerd offensief maakte van de Oostendenaars andere mensen. De opeenvolgende Britse en Franse successen voedden de hoop dat de oorlog nog dit jaar voorbij zou zijn. Een hersenschim misschien, maar wie weet wordt die hoop toch bewaarheid. De geallieerden lijken er in elk geval werk van te maken.

Ondertussen bracht de Kommandantur het stadsbestuur ervan op de hoogte dat, in het vooruitzicht van de komende winter, er 210 kachels waren besteld voor in het totaal ongeveer 19 000 DM. Voortgaande op die melding kunnen we niet anders dan besluiten dat onze gasten geenszins van plan zijn om ons dit jaar al te verlaten. Alleen de geallieerden kunnen hun vertrek bespoedigen.

We zitten nu al vier weken zonder vlees. De Duitse overheid meldde dat we vanaf de volgende week weer ons rantsoen vlees zouden krijgen. Is dat empathie of houden ze ons voor de gek? Momenteel is het rantsoen vastgesteld op 30 gram per week en per persoon. Dit komt neer op 120 gram per maand of ongeveer anderhalve kilo per jaar. Dat is lachen met de mensen!

Hierna een lijst van voedingswaren die onder de burgerbevolking verdeeld werden door The Commission for Relief in Belgium:

Per rantsoen:

Vetstof (reuzel) – 150 gr – 0,77 BEF

Spek – 100 gr – 0,51 BEF

Rijst – 200 gr – 0,32 BEF

Erwten – 200 gr – 0,32 BEF

Witte bonen – 200 gr – 0,32 BEF

Cerealine – 150 gr -0,18 BEF

Cacaoline – 100 gr – 0,65 BEF

Sodex (?) – 100 gr

Gist – naar believen

Samen het veertiendaags rantsoen. Daarbij moeten nog worden geteld: 60 gr vlees en 3,150 gr brood. Nu de aardappelen gerooid zijn, krijgt elke inwoner nog 500 gr aardappelen extra van de Oogstcommissie, wat neerkomt op een halve kilo voor twee maanden[1].

Gelukkig kunnen we zonder al te veel moeilijkheden zelf aan aardappelen geraken. Maar de prijs varieert wel tussen 0,90 en 1,25 BEF per kilo. Aardappelen mogen dus niet als goedkope voeding worden beschouwd.


[1] Bedoelt hij hiermee dat ze de vorige weken geen aardappelen meer hebben gekregen?

© Vertaling John Aspeslagh. Tekst overnemen kan mits bronvermelding.

Over de eerste oorlogsweken: