Leuven Vlaams en januari 1968

Verschenen in ROMANESKE
Tijdschrijft Vlaamse romanisten Leuven, jg. 42 – 2018

KUL-UCL001Zoals het gebruikelijk was in die jaren, begon het academiejaar op de eerste maandag van oktober met een lesvrije dag. De meeste studenten waren zich op dat moment volop aan het installeren en gingen in de Universitaire Hallen het lijvige, tweetalige programmaboek afhalen met aan de ene zijde de Nederlandstalige collegeroosters en achterste voren de Franstalige UCL-pagina’s. Franstaligen en Vlamingen hadden dus allebei gelijk als ze beweerden dat de roosters van hun taalgroep vooraan in het programmaboek stonden!

Toen ik op die bewuste maandag in 1965 terugkeerde van de Hallen naar mijn kamer in de “Just” in de Minderbroedersstraat – eerstejaars kregen absolute voorrang voor een kamer in de “pedagogies” – liep ik even een ondertussen verdwenen tabakswinkel binnen in het straatje tussen de Oude Markt en Parijsstraat. De winkelierster onthaalde mij spontaan op een “Bonjour, monsieur. Vous désirez”? Dat die dame mij in de “eerste landstaal” aansprak, was voor mij geen struikelblok. Aan de kust waren we dat gewend. In het hoogseizoen werden we daar zelfs getrakteerd op volledige Franstalige zondagsmissen. En terwijl ik de bedenking maakte van “Tiens, is dat hier in Leuven ook zoals aan de kust”, hoorde ik de unitaire universiteitsbeiaard vrolijk “Keere weerom, Reuske, Reuske, Keere weerom Reuzegom” spelen. Continue reading

Handel met de vijand in Oostende? Het proces Smis-Valcke van december 1920

Bijdrage verschenen in Biekorf 118 (2018), nummer december, p. 435-66.

12063891_813982802054987_6518043845171279099_nNa de vervolging van de Oostendse activisten voor het West-Vlaamse Hof van Assisen in juni en voor dat van Brabant in juli[1], pakte Justitie de economische collaboratie aan. Henri Smis stond in december 1920 in Brugge terecht op beschuldiging van in Oostende en omgeving werken te hebben uitgevoerd voor de bezetter en zo te hebben bijgedragen tot de Duitse oorlogsmachine.

Zijn proces begon op donderdag 9 en eindigde op woensdag 22 december 1920. Alleen al door de notoriteit van de beklaagde groeide de rechtszaak uit tot een megaproces waarover de tweetalige Oostendse pers[2] een hele maand lang verslag uitbracht. Die verslagen die elkaar aanvullen, waren de basis voor deze bijdrage. Het is het enige geval van economische collaboratie dat zo’n weerklank kreeg in de pers en bij de bevolking.

Dat de firma Smis-Valcke vanaf de eerste dagen van de bezetting zijn gewone activiteiten had hernomen en die zelfs uitgebreid had onder Duitse leiding, had een groot deel van de bevolking diep gegriefd. Smis’ vriendschappelijke omgang met de vijand en zijn flamboyante levensstijl verklaren waarom de publieke opinie verwachtte dat hij na de bevrijding zijn verdiende loon zou krijgen.

Het assisendossier zelf bestaat niet meer. Algemene gegevens over het proces, zoals de samenstelling van het Hof en van de jury, de akte van inbeschuldigingstelling en het vonnis vonden we terug in het Register van de arresten uitgesproken tijdens het jaar 1920[3]. Het volumineus dossier[4] van het faillissement van de firma Smis-Valcke uitgesproken door de Handelsrechtbank van Oostende (4 januari 1921, hierna verder afgekort als DHRO) is wel bewaard. Bijzonder interessant zijn de bezwaarschriften gericht aan het Hof van Beroep van Gent waarin Smis met cijfermateriaal en andere gegevens de fiscale aanslag aanvecht op zijn inkomsten uit de oorlogsjaren. In de marge vonden we enkele bijkomende gegevens over zijn aannemingen uitgevoerd voor de bezetter, de opeisingen van de stad Oostende, de onbetaalde rekeningen, de uitrusting van de firma door de bezetter aangeslagen in 1917, … Continue reading

Lazaretten voor Oostendenaars tijdens de Eerste Wereldoorlog

Verschenen in De Plate, jaargang 2018, nummer december

Moeder Constance

Moeder Constance

In Le Littoral[1] jaargang 1937, vonden we zes bijdragen van de Oostendse dokter-chirurg Jules Ghyoot over de organisatie en de werking van de lazaretten voor de burgerbevolking. Ghyoot schreef die reeks naar aanleiding van het overlijden van Moeder Constance[2] van de Brugse Zwartzusters[3] die hem, samen met een zestal medezusters, in die moeilijke periode had bijgestaan. Zuster Constance zou later algemeen overste van haar congregatie worden.

Dat het relaas van Ghyoot in verschillende afleveringen en onregelmatig werd gepubliceerd, is waarschijnlijk de verklaring voor de onsamenhangendheid van zijn verhaal en de overlappingen. We hebben zijn tekst in chronologisch volgorde samengevat, wat structuur aangebracht en in de mate van het mogelijke aangevuld met gegevens uit andere bronnen[4]. 

De weken vóór 15 oktober 1914, eerste dag van de bezetting van Oostende

Half augustus, twee weken nadat België betrokken geraakte bij de oorlog, richtte het Rode Kruis in Oostende en omgeving hulp- en verbandposten in[5]. Eén van die “noodhospitalen” bevond zich in Hôtel des Thermes dat na de oorlog in de volksmond bekend bleef als “kanonhotel”. Het Hôtel des Thermes bevond zich op de hoek van de H. Serruyslaan met de Vindictivelaan (toen nog Keizerskaai) en de Aartshertoginnestraat[6], recht tegenover het na de Tweede Wereldoorlog gedempte derde dok. Henri Smis, rond de eeuwwisseling de grootste “allround” aannemer van Oostende, had het voor eigen rekening gebouwd in 1907. In 1909 werd het officieel ingehuldigd. In die tijd bestonden er plannen om het derde dok op te vullen en op die locatie een “thermale inrichting” op te trekken[7]. Zo kwam het nieuw hotel aan zijn naam. Vandaag bevindt zich op het opgevulde dok het stadhuis van Oostende. Continue reading

Sylvain Van Praet vertelt de bezetting van Oostende


14 oktober 1914 was de eerste dag van de Duitse bezetting. Hier komen elke dag in eigen vertaling de gebeurtenissen verteld door de Oostendse stadsbediende Sylvain Van Praet die zijn onuitgegeven dagboek - The occupation of Ostend by the Germans – in het Engels bijhield tot aan de bevrijding van de stad op 17 oktober 1918.

 

The occupation of Ostend
by the Germans

oorlogsdagboek van
Sylvain Van Praet

vertaling John Aspeslagh

hertaling Martine Figoureux

Afkortingen en tekens
Dagboek Van Praet 1914
Dagboek Van Praet 1915
Dagboek Van Praet 1916
Dagboek Van Praet 1917
Dagboek Van Praet 1918

 

De vier Oostendse oorlogsdagboeken en het mysterie Sylvain Van Praet

 De voorbije vier jaar werd zowat overal de Eerste Wereldoorlog herdacht. Oorlogsdagboeken werden van onder het stof gehaald en ge(her)publiceerd. Jammer genoeg was dit niet het geval voor de Oostendse kroniekschrijvers die nochtans, gezien de specifieke ligging van de stad binnen het operatiegebied, een heel apart relaas op papier hadden gezet.

Vier jaar onder de klauwen der duitsche barbaren is de niet mis te verstane titel van het chronologisch ingedeeld oorlogsdagboek dat gemeenteraadslid en dagbladuitgever Aimé Smissaert[1]publiceerde in DeDuinengalm. De eerste aflevering verscheen in het nummer van 1 december 1919 en de laatste – 17 november 1915, de 399ste oorlogsdag – in De Duinengalm van 24 december 1922. In de digitale GOD-collectie[2]zijn er in totaal 163 afleveringen beschikbaar. De Oostendse Bibliotheek Kris Lambert en het Iepers Flanders Fields Museum bezitten fotokopieën van de 26 afleveringen[3] die daarop volgen. Er zijn twee hiaten: één van iets meer dan een jaar voor de periode van half september 1916 tot half oktober 1917 en een tweede hiaat voor de laatste oorlogsweken, van eind april tot aan de bevrijding van Oostende op 17 oktober 1918. De Plate publiceerde in zestig afleveringen[4]de gebeurtenissen van de eerste oorlogsmaanden. Continue reading

Het Oostends activisme in het archief van de Raad van Vlaanderen

Verschenen in Biekorf, jaargang 2017, nummer 3 (september), p. 276 – 303

Ter gelegenheid van de herdenking van de Eerste Wereldoorlog bracht het Rijksarchief het archief van de Raad van Vlaanderen onder de aandacht. De introductie en de gedetailleerde inventaris van Luc Vandeweyer zijn samen met een aantal representatieve stukken sedert begin 2016 online[1] beschikbaar.

In dit Conglomeraatsarchief zijn documenten ondergebracht afkomstig van de Raad van Vlaanderen, van de semi-autonome administraties[2] en van de naoorlogse bezitters van het archief. Luc Vandeweyer beschrijft de bewogen geschiedenis van de collectie: in oktober 1918 werden documenten afkomstig van diverse diensten haastig verzameld en door archivaris-activist Albert Vlamynck[3] in Leipzig in veiligheid gebracht. In de eerste jaren na de oorlog hadden de naar Duitsland gevluchte activisten toegang tot het archief. Ze probeerden te verhinderen dat het in handen van het Belgisch gerecht zou vallen. Halfweg de jaren 1920 kwam het onder duistere omstandigheden terecht bij de Nationale Bond voor de Belgische Eenheid (Ligue Nationale) die het ontrafelde en daarna toevertrouwde aan de Commission des Archives de Guerre die later opging in het Rijksarchief. Omdat het archiefmateriaal bevatte dat best niet opnieuw in Duitse handen zou vallen, werd het in 1940 overgebracht naar Engeland waar het ernstige schade opliep. In 1945 kwam het terug naar België en bleef tot 1991[4] ontoegankelijk. De Belgische patriotten die, onder leiding van o.a. Armand Wullus (beter gekend als “Rudiger”[5]), na 1925 het archief[6] hebben “onderzocht” met als bedoeling van de Vlaamse beweging in zijn geheel te beschadigen, hebben niet alleen heel wat dossiers door elkaar gehaald of opnieuw geklasseerd maar ook eigen documenten en beschrijvingen toegevoegd. Van die laatste vinden we in de dossiers 5505 en 5467[7] een overzicht van respectievelijk de West-Vlaamse en de Oostendse activisten en hun medewerkers. Continue reading

Wandelen aan de Eybeek, bij Watou

 

Watou-9998

Op de foto’s klikken om te vergroten

“De Schreve”, als benaming voor de grens tussen West-Vlaanderen en Frans-Vlaanderen, kon niet beter worden gekozen. Waar Watou, nu deelgemeente van Poperinge, grenst aan het Frans-Vlaamse Winnezele en Steenvoorde, bepaalt sinds 1677 (Slag bij de Penebeek gewonnen door Lodewijk XIV) de grillige loop van de Eybeek / Ey Becque. Links West-Vlaanderen, rechts Frans-Vlaanderen.

Watou-9942 Watou-9943
Watou-9946 Watou-9984

Continue reading

Kapelaan Cyriel Verschaeve

Reactie op:
http://www.standaard.be/cnt/dmf20170817_03022769

VerschaeveIk begrijp niet dat een historicus als Reynebeau geen onderscheid maakt tussen de collaborateur op latere leeftijd en de Verschaeve literator en steunpilaar van de Frontbeweging. Voor dit laatste al verdient hij een straatnaam. En wat de zgn ‘processen’ o.l.v. de krijgsraad in 1945-46 betreft, kent iedereen de sfeer van wraak en vergelding waarin die verliepen. Wie toen de doodstraf of levenslang kreeg, zou er twee jaar nadien met enkele jaren opsluiting vanaf zijn gekomen. Economische collaborateurs vielen zo goed als allemaal uit de boot. Zonder dat ik een fan ben van Leopold II, kan ik niet aannemen dat die man nooit iets goeds zou hebben gedaan. Weeral wordt enkel de Congo-affaire in rekening gebracht. Van een historicus verwacht ik toch wat meer nuance en vooral dat hij niet inspeelt op een plotse hetze gecreëerd door een burgemeester-volksvertegenwoordiger op zoek naar aandacht tijdens de komkommerperiode.
Als Cyriel een straatnaam gekregen heeft in die gemeenten, zal het niet zijn omdat hij op latere leeftijd collaboreerde maar om zijn rol als schrijver en/of zijn betekenis voor de Vlaamse ontvoogding binnen de Frontbeweging.
Wie genuanceerd de historische figuur Verschaeve wil leren kennen, leest best zijn biografie “Kapelaan Verschaeve” door Romain Vanlandschoot verschenen bij Lannoo in 1998 (489 blz).

De eeuw van de macht

Europa 1815-1914
R.J. Evans
Hollands Diep, 1102 bladzijden

Eeuw van de machtToen dit werk begin 2017 in de boekhandel kwam, kreeg het heel wat media-aandacht. In feite is het een vertaling van The pursuit of Power, in 2016 verschenen in de reeks History of Europe van Penguin.

In zijn inleiding verklaart de auteur de titel in het lang en het breed alsook de gevolgde methodiek. Chronologie is niet het allerbelangrijkste. In de ogen van Evans is het “veroveren van de macht” of “macht krijgen over” de rode draad die loopt doorheen de hele 19de eeuw. Ongebruikelijk is zeker zijn aandacht voor wat zich afspeelde in minder gekende of minder centraal gelegen gebieden van Europa als het Iberisch schiereiland, de Balkan, Scandinavië en Oost-Europa. Ook kunst, cultuur, wetenschap, literatuur, filosofie, … hebben een plaats gekregen in het werk.  Daarmee maakt de auteur komaf met de traditionele dominantie in de geschiedschrijving van politieke, diplomatieke en militaire items.

Men kan zich echter de vraag stellen welke de reële invloed op de wereldgeschiedenis was van een paleisrevolutie in Portugal, een hervorming van het kiesstelsel in Scandinavië of een landbouwhervorming in Rusland? Bovendien komen dergelijke gebeurtenissen maar heel summier aan bod. Gelukkig maar want het meer dan duizend bladzijden tellend werk is zoal overladen en zwaarlijvig genoeg. Had de auteur zich niet beter beperkt tot landen en evoluties die echt het verder verloop van de wereldgeschiedenis mee hebben bepaald en deze items dieper uitgewerkt? Continue reading

Berthen en de Katsberg

DSC_6652Het Frans-Vlaams dorpje Berthen ligt aan de voet van de Katsberg en is een buurgemeente van Boeschepe en Godewaersvelde. De wandeling loopt over zo’n 6 km, maar wel over een zacht  heuvelend en verhard parcours.

We verwijzen naar de kaart van Village Patrimoine, Pays de Flandre, circuit 1.

De wandeling start aan de Sainte-Blaisekerk. Die kerk werd herbouwd na de Tweede Wereldoorlog. Het nieuw gebouw oogt goed, maar heeft uiteraard zijn historische waarde verloren.

We komen voorbij de ruime en mooie dorpsschool die dateert uit 1886. Op de hoek een typisch Noord-Franse café die blijkbaar ook streekproducten aanbiedt. Continue reading

Wandelroute rond het domein van De Lovie in Proven

DSC_6624Deze wandeling is een aanrader bij heel warm weer omdat het parcours grotendeels door bebossing loopt en niet te lang is. De meeste paden zijn verhard en gemakkelijk begaanbaar.

We starten aan bistro Jagershof aan de Krombeekseweg. Na afloop van de wandeling (zo’n anderhalf uur) kan je daar even verpozen of een maaltijd of een snack nemen. Wat langs de straatkant een “baancafé” lijkt, verbergt achter zijn muren een verzorgde keuken, weliswaar met beperkte menukaart maar met een uitgebreid aanbod van streek- en andere bieren.  Continue reading